Bekijk de video met uitleg en het studiogesprek met pensioenexperts Bas Werker (hoogleraar Pensioenbeheer) en Joosje de Lang (FNV).
Het gaat om 1800 miljard euro, dat is zo’n vier keer de totale uitgave van de Rijksoverheid. En het is van grote invloed op jouw leven: het nieuwe pensioenstelsel. Toch is de kennis hierover bij menigeen beperkt. “Veel mensen zijn eigenlijk niet goed op de hoogte”, zeggen experts. Wat moet je weten over je pensioen en hoe word je daar zelf wijzer over?
De samenleving verandert. We worden ouder en er zijn steeds meer gepensioneerden ten opzichte van het aantal werkenden. Het aantal flexwerkers en zelfstandigen is gestegen en werknemers blijven niet meer hun hele loopbaan bij dezelfde werkgever. De politiek concludeerde dat het oude pensioenstelsel daar niet meer bij past. Daarom hebben de Eerste en Tweede Kamer een wetsvoorstel aangenomen om de Pensioenwet te wijzigen. Die wet is op 1 juli 2023 ingegaan.
Pensioenfondsen, vakbonden en werkgevers hebben op dit moment tot 1 januari 2027 om hun pensioenregelingen aan te passen aan de nieuwe wetgeving. De officiële uiterste einddatum voor de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel (de transitieperiode) is 1 januari 2028, heeft het vorige kabinet bepaald.
Het pensioen in Nederland bestaat uit drie delen, ook wel de drie pijlers genoemd.
Tekst loopt door na deze animatie: het nieuwe pensioen in een notendop.
In de Kassa-studio spreekt Amber met twee deskundigen: Bas Werker, hoogleraar Pensioenbeheer Tilburg University en Joosje de Lang, bestuurslid bij vakbond FNV.
Beide experts benadrukken beiden hoe belangrijk het is dat mensen zich verdiepen in hun pensioen: “Veel mensen zijn eigenlijk niet goed op de hoogte. Maar het gaat over hoe jij wilt en kunt leven als je met pensioen gaat en heb je een partner dan heeft het ook daarvoor gevolgen.”
Ook Karin Radstaak van het Nibud, het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting, onderstreept hoe urgent het is dat mensen op de hoogte zijn: “Het is best ingewikkeld en er wordt veel van mensen gevraagd. Maar weet hoe het in elkaar steekt voor jou. Zeker als je van plan bent van baan te verwisselen, of minder wilt gaan werken. Dus neem contact op met je werkgever en pensioenfonds. Heb je dat nog niet gedaan open dan de post en mails die je hierover hebt gekregen de afgelopen maanden.”
Veel mensen zijn zich niet bewust dat je over dat pensioen ook nog keuzes kunt maken. Bijvoorbeeld welke afwegingen je moet maken als je eerder wilt stoppen met werken of juist langer door wilt gaan: “Op de site van het Nibud staat daarover veel informatie en hulpmiddelen om meer inzicht te krijgen.”
Voor veel mensen pakt het pensioen in het nieuwe stelsel gunstig uit, maar niet voor iedereen. Bas Werker en Joosje de Lang wijzen op de zogeheten ‘compensatieregeling’ waar veel over wordt gesproken in het nieuws.
Dat zit zo: in het nieuwe stelsel betaalt iedereen ongeacht de leeftijd een vlakke premie; een vast percentage van het pensioengevend salaris. In het oude systeem steeg de kostprijs van pensioenopbouw naarmate je ouder werd en betaalden jongeren indirect mee.
Voor een groep valt het stijgende voordeel weg. Werkenden tussen grofweg 40 en 60 jaar zitten in de leeftijdsgroep die in het oude stelsel zou profiteren van de duurdere, hoger renderende opbouwjaren op latere leeftijd. Omdat de doorsneepremie verdwijnt, lopen zij potentieel pensioen mis.
De wet schrijft voor dat de overgang naar de nieuwe pensioenregeling evenwichtig moet verlopen. Daarom zetten pensioenfondsen extra geld opzij om de nadelen voor deze groep te verzachten.
Maar dat geldt niet voor iedereen. Enkele tienduizenden krijgen dit niet in de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel. Voor hen voelt dat het bitter. Dus voor iedereen in een vergelijkbare situatie is het belangrijk om je hierover te laten informeren.
Ook verandert de regeling over het nabestaandenpensioen. Wat blijft is dat als jij de pensioenleeftijd bereikt je een keuze kan maken hoe je verdeelt tussen de hoogte van jouw pensioen en wat je wilt dat je partner krijgt als je komt te overlijden. Dat was zo en blijft zo.
Als je in het nieuwe stelsel overlijdt voor de pensioendatum zijn er twee mogelijkheden.
Tenslotte wijzen pensioenexperts Joosje de Lang en Bas Werker op de groep mensen die geen pensioen heeft bij een fonds, maar een verzekeraar. Dat geldt voor zo’n 1,2 miljoen mensen. Veel van deze mensen werken bij kleine bedrijven. Joosje de Lang van de FNV: “Voor zo’n 60 procent is dat nog niet geregeld. Dus we roepen werkgevers op daar haast mee te maken en werknemers: trek aan de bel.”
Als dit niet geregeld is voor 1 januari 2028 kan dat een werknemer geld kosten.
Pensioenopbouw kun je namelijk belastingvrij doen. Maar dan moet het een toegestane pensioenregeling zijn. Vanaf 1 januari 2028 zijn alleen nieuwe regelingen toegestaan, oude niet. Die zijn dan niet meer fiscaal aftrekbaar en dan krijg je een aanslag van de belastingdienst, die fors kan zijn.
De belangrijkste algemene conclusie van alle pensioendeskundigen is: ga vragen bij je werkgever hoe het zit en neem zo nodig contact op met jouw pensioenfonds. Bekijk hierboven de tips om wijzer te worden over je pensioen.
Bronnen: DNB, Nibud
Thema's: