Wij zijn voor een open, rechtvaardig en gelijkwaardig Nederland.

Julien Kooij: 'Het krijgen van kinderen is mij nooit gegund'

theme-icon
Mentaal
Gisteren
leestijd 3 minuten
2571 keer bekeken
Julien Kooij: 'Gunnen ze mij die oom-rol omdat ik het zelf misschien nooit zal ervaren?'

Julien Kooij: 'Gunnen ze mij die oom-rol omdat ik het zelf misschien nooit zal ervaren?'

© Wijnanda Duits/BNNVARA

De vraag ‘wil je eigenlijk zelf kinderen?’ zet columnist Julien Kooij aan het denken. Want zo simpel als hij klinkt, is het niet.

'Wil jij eigenlijk zelf kinderen?' Een vraag die ik de laatste tijd vaak krijg. Wanneer vrienden vragen of ik hun pasgeborene vast wil houden en ik dat met verve doe. Of wanneer ik mezelf net doodmoe heb gespeeld met mijn neefjes in de zee, die ik trouwens absoluut niet laat winnen. Ze leren maar dat je in het leven soms ook verliest. Maar toch raakt die vraag me altijd net iets meer dan ik zou willen.

Wanneer ik op veertienjarige leeftijd voor mezelf accepteer dat ik homo ben, is er één realiteit die hard aankomt. Niet het feit dat ik misschien 'flikkertje' genoemd zal worden in de kroeg. Niet de angst of ik misschien ooit aids ga krijgen. Maar het feit dat ik nooit een vrouw zal hebben. Dat het perfecte huisje, boompje, beestje niet voor mij weggelegd is. Dat ik nooit kinderen zal krijgen. 

Maar ik doe mezelf een belofte. Als mijn broers of vrienden kinderen krijgen, word ik gewoon de allerleukste oom voor ze. En dat gebeurt nu: de kraamvisites en foto’s van vrienden van me met een echo in hun hand, hebben het gewonnen van de foto’s van ik met mijn vrienden in een vuige technokelder tot vijf uur ‘s ochtends. Logisch, want voortplanten is het enige echte doel van de natuur. En al mijn vrienden met kinderen zeggen als ik binnenkom gelijk: 'Hey, daar is ome Juul!' En toch vraag ik mezelf dan iets af. Zien ze hoe blij ik word om hun kids te zien? Of gunnen ze mij die oom-rol omdat ik het zelf misschien nooit zal ervaren?

Maar ik hoor je al denken: doe niet zo moeilijk, er zijn toch genoeg opties?
Ja, klopt. Op papier wel. In het echt voelt het meer als een menukaart bij zo’n hip restaurant waar ze vragen 'bent u bekend met ons concept?' en jij al een TIA krijgt nog voordat je wat besteld hebt. Adoptie, prachtig, maar daar zitten zoveel haken en ogen aan, niet alleen voor jou als ouder, maar ook voor het kind. En zonder mijn ego opzij te zetten: hoe leuk is het dat er een kind rondloopt dat gezegend is met mijn waanzinnige genen?

Een draagmoeder dan. Klinkt mooi. Maar hoe vind je die, en heb je toevallig een ton aan kleingeld liggen tussen kussens van de bank? Ik niet. Co-ouderschap kan ook, met een bevriend lesbisch stel bijvoorbeeld. Tot je erachter komt dat jullie compleet anders denken over opvoeden en je straks ruzie maakt over hoe laat die puistende puber thuis mag komen en het jullie vriendschap uit elkaar drijft. En dan nog de praktische vraag: wie wordt de biologische vader? Ik of mijn vriend?

Dus nee, zo simpel is het niet. En misschien is dat maar goed ook. Want kinderen krijgen zou voor niemand simpel moeten zijn. Kun je een kind liefde geven, aandacht, stabiliteit? Hoe vaak hoor je wel niet van een vader en een moeder die wel kinderen krijgen, bedoeld of onbedoeld, en het kind later toch geen financiële zekerheid of een veilige thuisbasis kunnen bieden? Hebben die ouders zichzelf die vragen van tevoren gesteld?

Ik ben verder dan waar ik was toen ik veertien was. De maatschappij is verder. En als ik denk aan de sterkste band die ik in mijn leven heb, van de mensen die mijn rots zijn, dan is het de liefde van ouder en kind. Ik ben in die jaren gegaan van 'nee, dat is niet voor mij weggelegd' naar… 'ik denk het wel'. Misschien niet nu. Maar wie weet, over een maand of negen.

Meer columns van Julien Kooij?

Delen:

Reacties (0)

BNNVARA nieuwsbrief

Meld je snel en gratis aan voor de BNNVARA Nieuwsbrief!

Gerelateerd

Meer over dit onderwerp

BNNVARA wij zijn voor