Sfeerfoto van Zembla
Zembla
Zembla

Onafhankelijke onderzoeksjournalistieknpo2

Varkens in de hittestress
Zembla

Vogelgriep gaat niet meer weg: waarom dat problematisch is

28-06-2022
  •  
leestijd 6 minuten
  •  
827 keer bekeken
  •  
Vogelgriep

© ANP

Sinds afgelopen oktober zijn al ruim 3,5 miljoen vogels geruimd wegens de vogelgriep. Ook onder wilde vogels maakt het virus veel slachtoffers: onlangs werd een kolonie grote sterns op Texel getroffen. Nederland kampt met een van de ergste uitbraken van de vogelgriep sinds 2003. Komen we er ooit nog vanaf en gebeurt er genoeg om het virus in te dammen? 

De huidige uitbraak van de vogelgriep begon vorig jaar oktober bij een pluimveebedrijf in Zeewolde waar het type H5N1 werd aangetroffen. Het gaat om een zogenoemde ‘hoogpathogene’ variant: het kan leiden tot ernstige ziekte of overlijden bij vogels. Ook de rest van Europa kampt met een uitbraak. In Nederland geldt sinds eind oktober een ophokplicht voor alle bedrijven die commercieel pluimvee houden, om te voorkomen dat het virus zich verder verspreidt. Vandaag maakte minister Staghouwer van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) echter bekend de ophokplicht voor pluimvee gedeeltelijk in te trekken in een aantal regio’s "waar dat verantwoord wordt geacht".

‘Vogelgriep geen seizoensgebonden uitbraak meer’

Ondanks de ophokplicht vinden er nog steeds uitbraken plaats: onlangs werden nog 56.000 leghennen in Biddinghuizen geruimd nadat het virus er werd aangetroffen. Het virus kan meeliften met personen, materialen en vervoermiddelen. Ook kan het worden overgedragen via stofdeeltjes of veertjes.

Dat er nog steeds uitbraken zijn is zorgelijk, stelt viroloog Thijs Kuiken, van het Erasmus MC. “In de herfst-en wintermaanden is het virus veel aanwezig in dieren. Dat het virus nu in het voorjaar langer aanwezig blijft, komt omdat het zich langzamerhand aan het aanpassen is in wilde vogels en dus niet meer weggaat”. Nederland had in de laatste jaren te maken met ‘seizoensgebonden’ uitbraken bij enkele bedrijven en soms jaren zonder uitbraken. 

Oorsprong in Azië

Hoewel het virus bij deze uitbraak waarschijnlijk door trekvogels naar Nederland is gebracht, is de hoogpathogene variant van de vogelgriep oorspronkelijk ontstaan bij pluimvee, vertelt Kuiken. “Dit virus is zo’n vijfentwintig jaar geleden opgekomen in Azië bij pluimvee en door wilde vogels naar Europa gebracht.” Omdat pluimvee in grote dichtheid gehouden wordt kan het virus snel verspreiden én snel muteren. 

Zo’n mutatie vond in 2003 ook in de intensieve pluimveehouderij van Nederland plaats en leidde hier tot een enorme uitbraak van de vogelgriep. ”Het was een rampjaar voor pluimveebedrijven: dertig miljoen dieren werden geruimd. Zembla maakte meerdere uitzendingen over het onderwerp, waaronder ‘De dood van een dierenarts’ (2003) over een dierenarts die overleed na een besmetting met vogelgriep, ‘Dodelijk transport’ (2003) over vrachtwagens die tijdens de vogelgriepuitbraak onvoldoende gereinigd en ontsmet werden en ‘Dodelijke griep’ (2006):

In die laatste uitzending waarschuwden deskundigen voor een grieppandemie die kan ontstaan als het vogelgriepvirus niet langer alleen via vogels op mensen overspringt, een zogenoemde zoönose, maar ook van mens op mens besmettelijk wordt. Zo lijkt de Spaanse Griep die tussen 1918 en 1920 tientallen miljoenen doden eiste, rechtstreeks van vogel op mens te zijn overgesprongen. 

Zorgen over mutaties 

Hoe groot is dat gevaar in 2022? Afgelopen januari is een persoon in Groot-Brittannië besmet geraakt. Hij bleek lange tijd zeer nauw en regelmatig contact te hebben met een groot aantal vogels in en rond zijn huis. In april is het virus ook vastgesteld bij een pluimvee-medewerker in de Verenigde Staten. Tot zover bekend zijn dit de enige twee besmettingen met deze specifieke variant. De kans dat het virus van dier naar mens overspring lijkt dus klein.

Toch maken deskundigen zich wel zorgen. Kuiken: “Hoe langer het virus rondgaat en hoe meer het zich over de wereld verspreidt, hoe groter de kans dat het virus muteert tot een variant die gemakkelijk tussen mensen onderling wordt overgedragen.” Vorig najaar is de vogelgriep voor het eerst de Atlantische Oceaan naar Noord-Amerika overgestoken en heeft daar grote problemen veroorzaakt: ook daar moesten miljoenen dieren uit commerciële pluimveebedrijven worden gedood. 

Wilde vogels 

Grote zorgen zijn er op dit moment over wilde vogels. Die hebben flink te lijden onder het virus. De Wereldorganisatie voor diergezondheid stelt dat er wereldwijd circa 400.000 wilde vogels dood zijn gegaan aan het virus. Volgens Kuiken is dat nog een flinke onderschatting. 

Wat dit voorjaar ook nog nieuw is: het virus waart rond bij broedkolonies van zeevogels. Kuiken: “Dat zijn plekken waar veel vogels dicht op elkaar zitten. Heeft het virus zich eenmaal gevestigd, dan gaan vogelsoorten die gevoelig zijn voor dit virus snel dood”. Een voorbeeld daarvan is een kolonie grote sterns op Texel, een zeevogel die verwant is aan de meeuw. Ook op en rond het vogeleiland Bliek in de provincie Zuid-Holland zijn honderden grote sterns slachtoffer geworden van de vogelgriep: inmiddels zijn zoveel trekvogels overleden dat wordt gevreesd voor het uitsterven van de soort in Nederland. 

Kuiken: “Eigenlijk heeft de mensheid een pluimvee virus losgelaten in de natuur en nu is het buiten onze controle”. De viroloog heeft dan ook een sombere boodschap wat betreft het indammen van het virus bij wilde vogels: “We kunnen niks doen.” Het virus zal vanzelf moeten verdwijnen als er onder wilde vogels voldoende groepsimmuniteit is opgebouwd. Dat kan echter nog jaren duren. Kuiken: “Ik denk dat het nog een periode zelfs erger kan worden dan nu. Dit virus verdwijnt niet zomaar.”

Minder pluimveedichtheid 

Ondertussen zitten alle dieren van commerciële pluimveebedrijven sinds afgelopen oktober nog steeds binnen. Voor houders van vrije-uitloopkippen heeft deze maatregel grote gevolgen: na de 16-wekentermijn moeten ze de eieren van hun pluimvee afwaarderen van vrije-uitloopei naar scharrelei. Zolang het hoogpathogene virus zich nog onder wilde vogels bevindt, kan het pluimvee besmet worden. 

Vorig jaar juli heeft een expertgroep het rapport Zoönosen in het vizier uitgebracht met een groot aantal aanbevelingen op het terrein van preventie, signalering en monitoring van zoönosen. Kuiken is een van de auteurs en vertelt over de aanbevelingen die specifiek zijn gedaan over de vogelgriep. “Bij pluimvee kunnen we de stapel verkleinen, dus ook de dichtheid van pluimveebedrijven verminderen waardoor je ook minder risico loopt dat het virus zich verspreidt”. 

Afgelopen april raakten meerdere pluimveebedrijven in de Gelderse vallei besmet met vogelgriep. Onderzoek van Wageningen Bioveterinary Research (WBVR) lijkt erop te wijzen dat na de introductie door wilde vogels, sprake is geweest van verspreiding van vogelgriep tussen bedrijven onderling. 

Pluimveedichtheid 

Nederland heeft de hoogste pluimveedichtheid van de hele EU en de Gelderse Vallei geldt als dé pluimveeregio van Nederland. Volgens minister Staghouwer (LNV) is de uitbraak van de vogelgriep in ieder geval reden om de pluimveedichtheid van de Gelderse Vallei te heroverwegen. Tijdens een bezoek afgelopen april aan gedupeerde pluimveehouders uit Barneveld en Lunteren zei hij: “Je zit hier met veel pluimvee boven op elkaar. Dat is gewoon een risico, dat blijkt nu ook weer. We moeten er goed over nadenken of we dat nog wel willen in Nederland."

Een ander risico voor pluimveebedrijven is nabijheid van watervogels. Die dragen op dit moment het hoogpathogene vogelgriepvirus bij zich, maar ook de minder ziekmakende laagpathogene variant die in pluimvee kan muteren tot een ziekmakende vorm. Een andere aanbeveling uit het team van Kuiken is dan ook om pluimveebedrijven uit waterrijke gebieden te weren.

kippen ANP

Vaccinaties 

De expertgroep oppert ook dieren te vaccineren. Er is op dit moment al een commercieel vaccin beschikbaar tegen de vogelgriep dat buiten de EU al ingezet wordt. Volgens Kuiken is het vaccin niet perfect, maar nu wordt de veestapel helemaal niet beschermd omdat in Nederland dit vaccin niet ingezet wordt.  

In een Kamerdebat eerder dit jaar legde minister Staghouwer uit waarom niet: als het vaccin niet voldoende effectief is, kan het wel iets doen tegen ziekte en sterfte, maar niet tegen verspreiding. In dat geval kan het virus ongemerkt huishouden binnen pluimveehouderijen en mogelijk eerder muteren, is de vrees. Ongemerkt, want gevaccineerde dieren die het bij zich dragen worden immers niet ziek.

Een ander probleem met vaccins: er zijn internationale handelsbelemmeringen voor vlees van gevaccineerd pluimvee. Desondanks doet Wageningen Bioveterinary Research op dit moment wel onderzoek met een aantal mogelijke vaccins tegen de vogelgriep. Minister Staghouwer zoekt ondertussen naar een oplossing voor de handelsbelemmeringen. De minister wil blijven uitdragen dat producten van gevaccineerde dieren net zo veilig zijn als van niet-gevaccineerde dieren.

In zijn laatste Kamerbrief schrijft hij dat hij zich “zowel nationaal als internationaal waar mogelijk inzet voor een goede acceptatie van producten van gevaccineerde dieren.” Die inzet lijkt te hebben geholpen: onlangs werd een akkoord gesloten met andere Europese landbouwministers om een vaccin in ieder geval bespreekbaar te maken.

Op dit moment wordt er door het kabinet nog gewerkt aan een ‘Actieplan voor versterking van het zoönosenbeleid’. Daarin moet duidelijk worden hoe het beleid wordt versterkt en welke acties daarbij horen, zoals bijvoorbeeld een lagere pluimveedichtheid. Kuiken hoopt dat het actieplan er snel komt. “Wij hebben dit rapport al een jaar geleden uitgebracht en aangeboden aan de Tweede Kamer. Het actieplan zou voor de zomer komen, maar is er nog niet. Het virus waart intussen nog steeds rond.”   

Door: Lilit Martirosova

Praat mee

Heb je een vraag, suggestie of wil je gewoon iets kwijt? Dat kan hier. Lees onze spelregels.

avatar