
De eisen van BENTIE
© Menno Bentveld
Menno Bentveld was vroeger onderdeel van een jongensclub die de natuur zou redden. "Het was klip en klaar dat het ons ging om aandacht voor dieren en planten en zorg voor de wereld om ons heen", schrijft hij in zijn column voor de Varagids. "De woensdag werd vrijgehouden om te spelen met andere vriendjes (of om bij te komen van de vergaderingen)."
Lees hieronder de volledige column:
Er moest een club komen. We waren tien jaar oud en vonden het de hoogste tijd. Een heuse jongensclub. Enkele jaren daarvoor had ik op ons vakantieadres al in een club gezeten met alleen meisjes waarbij zij, vijf jaar ouder, de schooljuffen speelden en ik de mollige peuter. Hele middagen stiftte ik kleurplaten vol en vulde vlijtig dictees in, die zij streng doch rechtvaardig nakeken en van krullen en stickers voorzagen. Sweet memories. Maar nu was ik groot en dat vroeg om een heel andere club. Een strijdvaardige club van jongens die de handen uit de mouwen staken. De natuur werd bedreigd en de wereld moest gered worden. Tja, what’s new? Waar we oorspronkelijk grootse plannen en een kleine volksbeweging voor ogen hadden, werd het uiteindelijk een club van twee personen: mijn boezemvriend Herbert Mattie en ik. Bentveld/Mattie: BENTIE. De beperktheid van ons ledenbestand mocht de pret echter niet drukken, sterker: hoe minder zielen, hoe meer wijzelf te vertellen hadden tijdens vergaderingen en plannenmakerij. Bij een club die zichzelf serieus neemt zijn twee zaken onmisbaar, zo leerde ik snel: LOCATIE & REGELS. Zonder locatie ben je nergens. En zonder regels kan geen club functioneren, dat snapt een kind.
De natuur werd bedreigd en de wereld moest gered worden. Tja, what’s new?
Zo vonden we in de bosjes achter school een perfecte, geheime hangout, voorzien van verstop hoekjes en vluchtroutes. Dat die plek door nog meer geheime clubs werd gebruikt, waaronder die van mijn broer, die veel stoerder was en waar van de leden nota bene met bloed hun naam op een boom schreven, hoorde ik pas tijdens de research voor deze column, wat misschien maar beter is ook.
Maar met onze regels, door Herbert minutieus beschreven in DE WET, staken we met kop en schouders boven alle andere clubs uit. Het was klip en klaar dat het ons ging om aandacht voor dieren en planten en zorg voor de wereld om ons heen. DE WET schreef voor wat je allemaal moest kunnen (planten, vogels en hun eieren herkennen, thee zetten en klimmen) en bovenal wat VERBODEN was (met de katapult op dieren schieten, helmgras uit de grond trekken, in rioolwater zwemmen). Ook was er een uitputtende lijst met straffen voor als je een van de regels overtrad, waarbij het er vooral op neer kwam dat je snoepjes (‘twee dropjes is te weinig’) in het kistje moest storten. Maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag werd er volgens het protocol vergaderd. De woensdag werd vrijgehouden om te spelen met andere vriendjes (of om bij te komen van de vergaderingen). Hoelang de BENTIE precies bestaan heeft, vertelt het verhaal niet en ook niet of de Leidse natuur er iets mee opgeschoten is. Dat het een fundament heeft gelegd voor mijn carrière bij Vroege vogels staat buiten kijf. Met deze column echter schend ik artikel 1 van DE WET, namelijk dat ik met niemand mag praten over het bestaan van de BENTIE. Herbert, ik beloof plechtig dat ik als straf extra dropjes in het kistje zal doen. Meer dan twee.
Thema's:
Meer over:
mennobentveldMaandag, woensdag en vrijdag versturen wij je alle informatie uit de radio en tv-uitzending en het laatste internetnieuws.