
Aarvederkruid
© Roel Diepstraten
Geen betere manier om het waterwingebied Solleveld te ontdekken dan letterlijk in het te zuiveren water te duiken. Door de voorzuivering is het water van hoge kwaliteit en komen er bijzondere waterplanten voor. Ecoloog Amy van Nobelen van Dunea inventariseert de soorten hier en dat doet ze al snorkelend.
In Solleveld wordt drinkwater gemaakt voor Den Haag en omstreken. Lang is dat gedaan uit de zoetwaterbel die onder de duinen ligt, maar sinds 1983 wordt Maas- en Lekwater het gebied ingesluisd via een veertig kilometer lange leiding. Omdat dit water van alles kan bevatten, van hoge fosfaatniveaus uit de landbouw tot larven van zoetwatermossels, wordt het water voorgezuiverd voor het de infiltratiekanalen binnenkomt.
De infiltratiekanalen bevatten dus voorgezuiverd water en Dunea blijft die waterkwaliteit ook op allerlei manieren in de gaten houden. Ze monitoren de chemische samenstelling van het water, maar ook de biologische kwaliteit. En dat doen ze onder andere door het in kaart brengen van alle waterplanten die groeien in de plassen. Welke soorten er groeien en in welke dichtheden ze voorkomen, vertelt iets over de zuurgraad, de voedselrijkdom, het kalkgehalte, ga zo maar door.

Blankvoorn
© Roel Diepstraten
Duinplassen zijn van nature voedselarm. Soorten die je als eerste aantreft zijn de kranswieren, dat zijn de pioniers. Deze planten scheiden bepaalde stoffen uit waarmee ze hun eigen omgeving in stand houden en het ook geschikt maken voor volgende soorten, zoals allerlei fonteinkruiden.
Dit is niet alleen fijn voor de biodiversiteit, maar heeft op zichzelf ook een functie voor het filterproces. Hoe meer variatie in waterplanten je hebt, hoe lager de kans dat een bepaalde plantensoort gaat woekeren. Als een soort gaat woekeren en vervolgens afsterft, komt er snel een sliblaag op de bodem van het infiltratiekanaal, wat de zeeffunctie van de bodem vermindert. Het infiltratiekanaal is dan verstopt. Bij een gevarieerde plantsamenstelling duurt dat veel langer. In de regel zet Dunea om de 10 jaar een plas droog en verwijderen ze de sliblaag. De situatie wordt dan weer helemaal naar het pioniersstadium gebracht. Daarom monitoren ze de plassen ook goed, om te kijken of ze goed ontwikkelen.
Thema's: