De dwergmuis is de enige Europese muis met een grijpstaart. Zijn staart is eigenlijk een extra handje waarmee hij zich vastklampt aan riet- en graanhalmen. Zo klimt hij als een kleine acrobaat door de planten, terwijl zijn voorpootjes vrij blijven voor belangrijkere zaken. Eten bijvoorbeeld.
De beelden in de compilatie zijn gemaakt door Elma Gussenhoven, Renata Bak, Tom Bosman en Hendrik Karrenmans.
Een grijpstaart is een aanpassing die dieren helpt om zich vast te houden en zich veilig door hun leefomgeving te bewegen. Dit zien we vooral bij dieren die in bomen leven, zoals apen. Denk bijvoorbeeld aan de brulaap. In Nederland is het zeepaardje naast de dwergmuis een van de weinige soorten die ook een grijpstaart heeft. Zij gebruiken de staart om zich vast te klampen aan waterplanten.
De dwergmuis (Micromys minutus) is het kleinste knaagdier van Europa. Een volwassen exemplaar weegt slechts 6 tot 11 gram en is ongeveer even groot als een flinke kever. Ondanks zijn geringe formaat is het een bijzonder beweeglijk diertje. Dankzij zijn slanke bouw en lange grijpstaart beweegt hij zich moeiteloos door hoge grassen, graanvelden en rietlanden.
In Nederland en Vlaanderen is de dwergmuis niet zeldzaam, maar toch wordt hij maar weinig gezien. Het is een erg schuw en klein dier dat voornamelijk leeft tussen dichte begroeiing, waardoor hij goed verborgen blijft. De dwergmuis is te herkennen aan zijn geel- tot oranjebruine vacht en spierwitte buik.
Een opvallend onderdeel van zijn leefwijze is de bouw van zijn nesten. Tussen hoge gras- en rietstengels weeft de dwergmuis boven de grond, soms op een hoogte van wel een meter, kleine bolvormige nestjes ter grootte van een tennisbal. Deze kunstige bouwwerken gebruikt hij om te slapen, te schuilen en om zijn jongen groot te brengen.
Bronnen: Wikipedia, Zoogdiervereniging
Thema's: