Logo Kassa
Het consumentenplatform van BNNVARA.

Welke kledingstoffen zijn duurzaam en welke niet?

05-03-2021
  •  
leestijd 7 minuten
  •  
15412 keer bekeken
  •  
kleding tweedehands vintage 930
De laatste jaren komen er steeds meer duurzame materialen op de markt, waaronder duurzame kledingstoffen als Tencel (gemaakt van eucalyptusbomen) en Piñatex (gemaakt van ananas). Maar de meeste kledingstukken die je in de winkel ziet liggen, zijn niet gemaakt van dit soort stoffen. Hoe duurzaam zijn de stoffen van de kleding die je in de winkel ziet liggen? En wat speelt hierin mee? We zoeken het voor je uit!
De kledingindustrie groeit hard. Zo steeg alleen al in Nederland de afgelopen vijftien jaar de verkoop van kleding met zestig procent. De gemiddelde Nederlandse kledingkast is gevuld met zo’n 173 kledingstukken, blijkt uit onderzoek van de Hogeschool van Amsterdam. Hier komen jaarlijks vijftig nieuwe kledingstukken bij, stelt Milieu Centraal, terwijl er ook jaarlijks zo’n vijftig ongebruikt in de kast blijven liggen. Dat lieten we ook al zien in dit artikel. Dit op zichzelf is niet heel duurzaam.
Maar als je het hebt over de duurzaamheid van kleding, moet je het ook hebben over de materialen en de productie ervan. Een stof wordt gezien als duurzaam als deze zo min mogelijk impact heeft op de planeet, dieren en mensen.

Hoe duurzaam zijn de meeste stoffen in kledingwinkels?

Om kleding te maken, zijn grondstoffen nodig, waaronder kledingstoffen. Maar wie in een kledingwinkel op een etiket kijkt, wordt misschien niet veel wijzer van de termen. De meeste kledingstoffen zijn te onderscheiden in natuurlijke stoffen, zoals katoen en wol, en niet-natuurlijke stoffen, als polyester en nylon, die worden gemaakt in een fabriek. Elke stap – van grondstof tot stof – is milieubelastend, maar bij de ene stof in een wat hogere mate dan bij de andere. Hoe zit dat bij de meest gebruikte stoffen? We lichten het hieronder uit.

Natuurlijke stoffen

Zijde

Zijde is een dierlijke vezel dat afkomstig is uit de cocon van de zijderups. Veel van de rupsen die gebruikt worden om de stof te maken, worden gekweekt en leven vervolgens in gevangenschap tot ze de cocon gaan spinnen. Daarna worden deze cocons, met de rupsen erin, gekookt om het plakkerige speeksel van de zijderups los te weken van de cocon. Uit het gespinde speeksel ontstaat een lange sterke draad. Hiervan wordt vervolgens de stof geweven. Zijde wordt dus veelal niet op diervriendelijke wijze geproduceerd. Hierdoor staat het volgens Growthinkers ook op de plek van de minst duurzame natuurlijke stoffen.
Voor het produceren van de stof op zichzelf zijn geen kunstmest, bestrijdingsmiddelen of pesticiden nodig. Daarnaast is er relatief weinig energie nodig om het te verwerken tot stof.
Er bestaat ook zijde gemaakt van het spinsel van rupsen die niet levend worden gekookt. Dit Áhimsa zijde wordt gemaakt op speciale boerderijen. Dit zijde kun je herkennen aan het GOTS (Global Organic Textile Standard) keurmerk in kledingstukken.
GOTS keurmerk logo 1127

Katoen

Veel van de kleding die je in de winkels ziet liggen, zijn gemaakt van katoen. Katoen is namelijk een van de meest gebruikte kledingstoffen: zo’n 40 procent van de kleding is hiervan gemaakt. Een goede eigenschap van katoen is dat het biologisch afbreekbaar is en gemaakt is van hernieuwbare grondstoffen. Verder komt er weinig CO2-uitstoot bij de productie ervan om de hoek kijken.
Wel is er veel grond nodig om de stof te maken, wat op zijn beurt kan leiden tot ontbossing. Ook is er zo’n 20.00 liter water nodig voor één kilo katoen en worden er veel kunstmest, pesticiden en chemicaliën gebruikt bij de teelt ervan, wat slecht is voor het milieu.
Kies je voor kleding van katoen? Ga dan voor katoen met het GOTS-keurmerk. Dit bestaat voor minimaal 70 procent uit biologisch katoen. Bij biologisch katoen worden geen kunstmest en bestrijdingsmiddelen gebruikt, maar de opbrengst ervan ligt wel zo’n 50 procent lager dan bij gewone katoen. Dat betekent dat er hiervoor wel meer grond nodig is.

Wol

Wol heeft een dubbele reputatie als het gaat om duurzaamheid. Het is aan de ene kant een natuurmateriaal, dat slijtvast, biologisch afbreekbaar en zelfreinigend is. Hierdoor gaan kledingstukken gemaakt van wol jarenlang mee.
Aan de andere kant is er veel water en energie nodig om van schapenwol een kledingstof te maken. De wol moet voor productie gewassen worden, vaak met bestrijdingsmiddelen. Verder is er bij wol, net als bij katoen, een flink oppervlak aan grond nodig. Zo hebben schapen weidegrond nodig om te grazen. Daarnaast komt er redelijk wat CO2-uitstoot bij wol kijken, vanwege het methaan dat vrijkomt wanneer schapen scheten laten. Ook scoort wol qua dierenwelzijn soms niet hoog, omdat schapen niet altijd goed worden behandeld tijdens het scheren.

Viscose

Viscose is een stof die veel wordt gebruikt voor blouses, tunieken en jurken, omdat de stof heel soepel valt. Het wordt vaak als vervanging voor zijde gebruikt, omdat zijde heel kostbaar is. Viscose bestaat uit vezels, die gemaakt worden van cellulose (meervoudige suikers) afkomstig uit bomen. Bij het maken van garen van deze vezels worden veel chemicaliën toegepast. De vezels worden tot een stroperige chemische massa opgelost en door een spinkop gedrukt. Hieruit ontstaan lange garens.
Een minder milieubelastende variant van viscose is Tencel (ook bekend als lyocell). Tencel is een kunststof gemaakt van houtsnippers van onder andere eucalyptusbomen. Van de houtpulp wordt garen gesponnen en dit wordt vervolgens in een stof geweven. Hierbij wordt erop gelet dat de chemicaliën niet terug het milieu ingaan, maar in plaats daarvan worden hergebruikt. 

Linnen

Linnen wordt gemaakt van vlasplanten. De stof die ervan wordt gemaakt is luchtig en zacht. Er is relatief weinig gif of kunstmest nodig om vlasplanten te laten groeien. Hierdoor is de vezel zelf redelijk duurzaam. Daarentegen is het verwerkingsproces van vlasplanten heel arbeidsintensief.
Er bestaat ook biologisch linnen. Dit wordt gemaakt van vlasplanten die zijn verbouwd zonder pesticiden, kunstmest en genetisch gemodificeerde zaden te gebruiken. Ook dit kun je herkennen aan het GOTS keurmerk in kleding.

Hennep

Hennep is een vezel uit de hennepplant. Dit groeit twee keer zo snel als katoen. Daarnaast is er minder kunstmest nodig dan bij bijvoorbeeld katoen. Hierdoor wordt de bodem minder vervuild en raakt de grond minder snel uitgeput. Daarnaast heeft de hennepplant weinig last van insecten. Hierdoor zijn er weinig pesticiden en andere chemische bestrijdingsmiddelen nodig.
Maar net als bij linnen is de verwerking van de vezels lastig. Bij hennep is dit nog wat lastiger dan bij andere vezels. Hennep is namelijk erg stug.

Niet-natuurlijke stoffen

Polyester

Polyester – een stof op basis van olie – wordt zeer veel gebruikt in de mode-industrie, voor bijvoorbeeld topjes, sportkleding en jassen. Polyester is een verzamelnaam voor textielsoorten die gebruik maken van polyestergaren. Aan de basis van deze garen ligt polyethyleentereftalaat, beter bekend als PET. Dit materiaal wordt ook voor tasjes en plastic flesjes gebruikt. Beginnen de alarmbellen al te rinkelen?
Polyester ontstaat uit een chemische reactie tussen ethyleenglycol, een stof op basis van olie, en tereftaalzuur, een kunststof die vrij veel wordt gebruikt voor de verpakking van levensmiddelen. Samen vormt dit een soort plastic, die vervolgens met machines wordt gesponnen tot garen. De productie van de stof gaat hierdoor gepaard met een hoog energieverbruik. Daarnaast is het niet biologisch afbreekbaar. Hierdoor kan het niet gerekend worden als duurzaam materiaal. Verder is de stof moeilijk te verven, waardoor er gebruik wordt gemaakt van zware kleurstoffen. Dit zorgt voor veel vervuiling. Daarnaast laat de stof microplastics los bij het wassen. Dit heeft een enorme impact op het milieu, dieren en zelfs ons eigen lichaam.

Acryl, elasthaan en nylon

Acryl is een synthetische vervanger voor wol. De stof wordt veel gebruikt in sokken, sjaals en truien. Acryl is redelijk goedkoop te produceren, maar niet duurzaam. Nylon is de merknaam van de synthetische stof polyamide. Het wordt vaak gebruikt voor panty’s en bh’s. Elasthaan is een rekbaar, synthetisch rubber. Het is vaak een hulpstof van stoffen en wordt dus aan andere stoffen toegevoegd.
Net als bij polyester worden acryl en nylon gemaakt op basis van ruwe olie, een fossiele grondstof die niet recyclebaar is. Dit maakt de stoffen niet duurzaam. Daarnaast is er veel energie nodig om de stoffen te produceren en komen er, net als bij polyester, microplastics vrij bij het wassen. Wel is de productie ervan volgens Milieu Centraal op zijn beurt weer duurzamer dan de productie van katoen, waar veel water voor nodig is.

Wat speelt er verder mee in de duurzaamheid van kledingstoffen?

Niet alleen bepalen de stoffen op zichzelf hoe duurzaam jouw kledingstuk is, ook in de productie ervan komen allerlei zaken om de hoek kijken die hierin medebepalend zijn. Denk aan rijkosten en elektriciteit, maar ook aan verfstoffen. De elektriciteit wordt vaak al meegerekend wanneer men praat over de duurzaamheid van een stof, zoals ook hierboven het geval is. De rijkosten zijn afhankelijk van waar een stof wordt gemaakt en waar het vervolgens naartoe wordt gescheept.
Bij sommige van de stoffen hierboven is de kleuring van de stof kort benoemd, zoals bij polyester, omdat dit hierbij intensiever is dan bij andere stoffen. Hieronder belichten we kort wat je moet weten over het kleuren van stoffen.

Kleurstoffen

Verven is het meest vervuilende onderdeel in de gehele kledingketen. Er is heel veel water nodig om de kleurstoffen hun werk te laten doen. De Ellen McArthur Foundation berekende dat er zo’n negen liter water per T-shirt nodig is. Daarnaast is er voor een licht katoen shirt zo’n 150 gram aan chemicaliën nodig. Verder zijn zware metalen, waaronder chroom, niet ongebruikelijk in verf.
Resten van deze verfchemicaliën eindigen veelal in het afvalwater van fabrieken en daardoor in beken en rivieren. In landen waar onze kleding wordt geproduceerd, zijn de rivieren hierdoor inmiddels rood of zwart gekleurd, stelt het journalistieke platform OneWorld. Het lozen van verfchemicaliën gebeurt op zo’n grote schaal dat textielverven verantwoordelijk is voor maar liefst 20 procent van de jaarlijkse watervervuiling door industrieën wereldwijd.

Meer van Kassa over kleding en duurzaamheid

Bron: growthinkers, Milieu Centraal, OneWorld, voor de wereld van morgen, werkindewinkel
Delen:

Praat mee

onze spelregels.

avatar
0/1500
Bedankt voor je reactie! De redactie controleert of je bericht voldoet aan de spelregels. Het kan even duren voordat het zichtbaar is.

Altijd op de hoogte blijven van het laatste nieuws?

Meld je snel en gratis aan voor de Kassa nieuwsbrief!