
Links: een flitspaal | Rechts: een envelop van het Centraal Justitieel Incassobureau met daarin een verkeersboete. Briefgeld ter illustratie.
© Links: via Google Maps | Rechts: eigen werk
Ben je vaak op pad met de auto? Dan neemt de kans dat je onderweg een flitspaal treft fors toe. Dit jaar nog worden er aanzienlijk meer flitspalen ingezet om verkeersovertredingen tegen te gaan. Het Openbaar Ministerie geeft aan het aantal ruimschoots te verdubbelen van de huidige 650 flitspalen naar een totaal van 1450. Deze bestaan uit zowel vaste als flexibele flitspalen.
Ze worden ook wel ‘flexflitsers’ genoemd. Dit is, zoals de naam al doet vermoeden, een flitspaal die makkelijk verplaatst kan worden. Met apps als Flitsmeister en Waze kunnen bestuurders makkelijk zien waar flitspalen staan. Met de flexibele flitspalen wordt de pakkans groter, omdat je als bestuurder nooit zeker weet of er een flitspaal om de hoek staat.
Verder gaat het OM gemeentes ondersteunen met flexflitsers op wegen waar de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom is verlaagd naar 30 kilometer per uur.
Volgens adviseur Ruimte en Mobiliteit Casper Stelling heeft dit te maken met de cultuurverandering die de overheid probeert door te voeren in het verkeer. “Als we meer flitspalen gaan neerzetten en daar ook heel duidelijk over communiceren, dan zetten we mensen aan het denken over hun gedrag. Dus het doel is niet om overtreders te pakken, maar het doel is eigenlijk om die cultuur te veranderen. Om eigenlijk de sociale norm te veranderen, zodat een snelheid van 30 km/u normaal wordt in een stad.”
Om de pakkans nog verder te vergroten, zal het OM deze flexflitsers sneller rouleren. De verplaatsbare flitsers worden nu namelijk nog na ongeveer twee maanden op een andere plek gezet.
Daarnaast wordt ook het aantal camera’s uitgebreid waarmee het gebruik van mobiele telefoons achter het stuur kan worden gedetecteerd. Deze flitspalen worden fotoflitsers genoemd.
Het Openbaar Ministerie bepaalt waar flitspalen staan, in overleg met wegbeheerders en de politie. Om te bepalen waar en wanneer er flitspalen worden geplaatst, stelt het OM vijf vragen:
Volgens Casper Stelling maakt de overheid per gebied een risicoprofiel. “Een ongeluk gebeurt niet door één facet, dat gebeurt door een combinatie van factoren. Dus die data zeggen niet alles. Daarom worden er ook risicoprofielen opgesteld. Er wordt dan gekeken of het is ingericht volgens de richtlijnen voor dat type weg.”
Daarnaast wordt gekeken naar hoe veilig kwetsbare verkeersdeelnemers zijn. “In zo’n profiel wordt ook in kaart gebracht hoeveel conflictpunten er zijn. Dus of er conflictpunten zijn tussen auto's en kwetsbare verkeersdeelnemers zoals voetgangers of fietsers.”
Stelling geeft tot slot aan dat het ook kan voorkomen dat sommige wegen geen passende maximumsnelheid hebben. Ook hier wordt naar gekeken. “In principe geldt bij elke snelheid wel een bepaalde weginrichting die de norm is. Zeker nu we de maximumsnelheid op veel wegen van 50 naar 30 hebben gebracht, is het belangrijk om te kijken of de weg nog wel past bij de snelheid. Dat betekent ook dat we al die wegen op termijn anders moeten inrichten.”
Ieder jaar houdt het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB) ook bij hoeveel boetes er worden uitgeschreven. Uit de cijfers blijkt dat er vorig jaar ruim 5,5 miljoen verkeersovertredingen werden gemaakt in verband met te hard rijden. Dit kwam samen uit op een bedrag van 461 miljoen euro. In 2024 lag het aantal snelheidsoverschrijdingen wel hoger. Toen ging het nog om ruim 6 miljoen overtredingen die goed waren voor ruim 487 miljoen euro.
Thema's:
Meld je snel en gratis aan voor de Kassa nieuwsbrief!