Logo Joop
De opiniesite van BNNVARA met actueel nieuws en uitgesproken meningen.

Terug naar de poort tot verandering, die zo'n honderd jaar geleden werd gesloten

11-08-2026
leestijd 6 minuten
1171 keer bekeken
IMG_9364

Gedenkteken voor Krishnamurti in Ommen

Een van de vakantieboeken die ik afgelopen weken las was De goeroe en de baron van Rick Nieman. Het boek vertelt het fascinerende verhaal van Jiddu Krishnamurti die in de jaren '20 van de vorige eeuw een groot landgoed kreeg aangeboden van Philip Dirk baron van Pallandt. Velen van ons hebben wellicht boeken van Krishnamurti gelezen, zelf zat ik als jongeling in een leesgroepje in Terneuzen, waar we boeken lazen van Gurdjieff, Bhagwan en inderdaad, Krishnamurti.

Wat ik niet wist, is dat door de gift van baron Philip notabene Ommen het centrum werd van de bijeenkomsten rond deze door de Theologische Vereniging bestempelde messias of wereldleraar. Jaarlijks kwamen hier enkele duizenden mensen op af, uit wel 40 landen. Totdat Krishnamurti op het zo genoemde Sterkamp van 1929 de legendarische woorden sprak: we zullen vanochtend spreken over het opheffen van de Orde van de Ster. Hij legde de opgelegde rol van wereldleraar naast zich neer. Krishnamurti was het beu dat mensen hem gingen volgen, in plaats van hun eigen waarheid. De eigen, innerlijke waarheid die hen tot vrijheid zou leiden, een boodschap die hij in zijn verdere leven zou blijven verkondigen.

Na de verschrikkelijke Eerste Wereldoorlog (1914-1918) waren velen het geloof in de wereldorde van toen verloren, vergelijkbaar eigenlijk met in onze tijd. Veel mensen stonden toen open en waren op zoek naar het geestelijke, het bewustzijn, het bovennatuurlijke, als basis voor een nieuwe en betere maatschappij. Mensen als Krishnamurti, maar ook Rudolf Steiner en George Gurdjieff hadden veel aanhangers, met name onder kunstenaars, intellectuelen en mensen met een vooraanstaande positie in de samenleving.

Interessant was de Poolse journalist Rom Landau, die waarnam dat veel mensen op zoek waren naar het geestelijke en zelf ook een zoeker was naar nieuwe wegen. Hij kreeg het voor elkaar om zowel Krishnamurti als Steiner, Gurdjieff en Oespenski te interviewen en schreef het boek God is my adventure. Ik heb het uit Londen laten komen en ben het nu aan het lezen, erg boeiend. In zijn voorwoord haalt Landau ook de wetenschap aan, die met een razendsnelle ontwikkeling bezig was. Einstein zette het klassieke beeld van tijd en ruimte op zijn kop, de kwantumfysica diende zich aan.

Een van de opmerkelijkste uitspraken die hij citeert is die van Sir James Jeans, een vooraanstaand Britse natuurkundige en astronoom. In 1934 houdt hij als voorzitter van de British Association in Aberdeen een reden over het nieuwe wereldbeeld van de moderne natuurkunde. Hij zegt daar: De natuur die wij bestuderen bestaat niet zozeer uit iets wat wij waarnemen, als wel uit onze waarnemingen; zij is niet het object van de relatie tussen subject en object, maar de relatie zelf. Er bestaat in feite geen scherpe scheiding tussen subject en object.

Daarna citeert Landau in zijn boek Dean Inge, Anglicaans geestelijke, theoloog, filosoof, hoogleraar. Inge was geen traditionele, dogmatische geestelijke. Hij was sterk beïnvloed door Plato, het neoplatonisme en was een groot kenner van christelijke mystiek. Geen enkele wetenschap, die zich met één aspect van de werkelijkheid bezighoudt, kan uitputten wat er werkelijk over de dingen gezegd kan worden. De wereld zoals die ons door onze etische vermogens wordt geprojecteerd, heeft evenveel recht om aanspraak te maken op de werkelijkheid als datgene wat de natuurwetenschappen ons onthullen.

Bovenstaand is tekenend voor de sfeer die in Europa aanwezig was, waarbij men open leek open te staan voor een ontmoeting tussen wetenschap en kennis vanuit het geestelijke, bewustzijn. En ook op maatschappelijk vlak stond men open voor radicale veranderingen. Rudolf Steiner probeerde in 1919 midden in de politieke chaos van het naoorlogse Duitsland een heel ander uitgangspunt in de praktijk te brengen. Hij stelde voor de samenleving niet vanuit één dominante logica te organiseren, maar vanuit drie zelfstandige onderdelen: cultuur en geestesleven, democratisch rechtsleven en economie. Economie was daarin niet de basis waarop de andere twee zouden rusten. Integendeel: wetenschap, onderwijs en cultuur moesten juist hun vrijheid behouden.

Steiner beschouwde de economie als dienaar van de samenleving, niet de meester. Hij wilde dus de economie niet afschaffen, maar wilde voorkomen dat de economische logica de andere levensgebieden zou gaan beheersen. Bijzonder was dat Steiner voor deze driedeling ondersteuning vond bij arbeiders, die hij toesprak. Hij had zelfs contact met Richard von Kühlmann, de Duitse minister van Buitenlandse Zaken, en met Max von Baden, die later rijkskanselier werd.

Dit betekent dat er rond 1917-1919 daadwerkelijk een moment was waarop zulke ideeën toegang hadden tot de hoogste politieke besluitvorming. De doorbraak kwam er uiteindelijk niet. Steiners voorstel botste met de bestaande politieke machtsstructuren, maar ook met de verschillende ideologische stromingen van die tijd. De socialisten zagen onvoldoende klassenstrijd. De conservatieven zagen een bedreiging van de bestaande orde. Liberalen konden zich niet gemakkelijk vinden in Steiners maatschappelijke radicaliteit. Hoe het in de jaren daarna verder ging in Duitsland, dat mag voor ieder bekend zijn.

Bovenstaande schets maakt duidelijk dat er in het begin van de vorige eeuw een epistemologische poort openstond, waarbij er ruimte was voor de gedachte dat de werkelijkheid groter kon zijn dan wat de zintuigen en de toenmalige natuurwetenschap kon verklaren. Het is opmerkelijk dat in de decennia daarna deze poort weer langzaam, maar zeker dicht is gegaan. Dat heeft wat mij betreft verschillende oorzaken. Ten eerste werd de wetenschap steeds succesvoller, met als effect dat een methode die heel goed werkt binnen haar eigen domein makkelijk kan worden opgevat als een methode die de hele werkelijkheid verklaart. Ten tweede werd de mens steeds sterker geïnstitutionaliseerd. Dat zie je met name in de geneeskunde en psychologie. Er kwamen opleidingen, protocollen, classificaties, meetinstrumenten, verzekeringen, farmaceutische industrie, onderzoeksinstituten, beroepsverenigingen. Daardoor werd een psychologisch probleem steeds meer iets wat je kunt diagnosticeren, classificeren en behandelen. En vervolgens kwam het geld, het kapitalisme.

Zo zijn we beland in onze tijd, waarin onze samenleving de wetenschap steeds sterker koppelt aan economische productie en belang heeft bij datgene dat meetbaar, reproduceerbaar, beheersbaar en verhandelbaar is. Zo ontstaat een materiële werkelijkheid die steeds dichter wordt. Ons economisch systeem heeft uit winstgevend motief de wetenschap nodig gehad om een bepaalde kant van de werkelijkheid te accentueren. Waarbij andere kanten steeds minder zichtbaar werden. In onze tijd beoefenen wellicht veel mensen een vorm van spiritualiteit zoals yoga of mindfulness, maar de kloof met het reguliere wereldbeeld is enorm. Wat mij betreft groter dan een eeuw geleden.

Onze huidige realiteit met een enorme kloof tussen arm en rijk, een toenemende schade aan de natuur en een aantal bedreigende oorlogen in de wereld laat wat mij betreft zien dat we als samenleving in een grote crisis verkeren. Groter en fundamenteler dan een eeuw geleden. Deze crisis heeft vooral te maken met de grens die ons narratief heeft bereikt, het verhaal waar we collectief in geloven. En dit verhaal heeft naar mijn mening de pijlers kapitalisme-wetenschap-democratie, die de afgelopen eeuw zijn uitgekristalliseerd en waarbij sinds de jaren 80 onze neoliberale economie dominant is geworden. Met de huidige disbalans in de wereld tot gevolg en precies waar Rudolf Steiner voor waarschuwde. Hier komen we volgens mij niet uit binnen de machtsstructuur die in de afgelopen decennia is ontstaan. Een andere ideologie, andere poppetjes aan de macht, het gaat niet werken.

We zullen dus een fundamentele transitie dienen te ondergaan om als mens en als samenleving verder te komen. Ik sluit me hierbij graag aan bij visionairs als Bob de Wit en Jan Rotmans in Nederland, die pleiten voor een verandering met als basis het hervonden contact met het gevoel, de ziel, wat ik noem de essentie. Eigenlijk mogen we de poort die begin vorige eeuw op een kier stond, weer opnieuw ontdekken. Niet vanuit een dogma van een godsdienst, niet vanuit het dogma van een politieke ideologie, niet door het volgen van een spirituele goeroe, zoals Krishnamurti in 1929 zei. Maar door in onszelf de waarheid en onze essentie als mens te zoeken. Dan doorbreken we onze eigen persoonlijkheidsstructuur, die gebaseerd is op afgescheidenheid en overleving. En daarmee ook de machtsstructuur in de wereld. Dan zijn we vanuit onze heelheid, volwassenheid en potentie als mens in staat om samen met andere een betere samenleving op te bouwen.

De tijd aan het begin van de vorige eeuw kan daarbij een belangrijke inspiratiebron zijn.

Delen:

Reacties (0)

Joop

Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.

Je kunt je op elk moment uitschrijven. Bekijk of beheer hier alle nieuwsbrieven.

Wil je meer weten over de manier waarop wij met jouw gegevens omgaan? Lees dan ons Privacy statement.

BNNVARA wij zijn voor