
Shell zit in zijn maag met een tentoonstelling van Tinkebell. Voor de expositie Oleum Shell isla de Curaçao gebruikte de kunstenares teer uit het asfaltmeer op Curaçao. Ooit was er op de plaats van dat vervuilde stuk grond een mangrovebos. Met behulp van het achtergebleven teer maakte ze schilderijen, collages en objecten die laten zien wat er verloren is gegaan, bericht Curacao.nu.
“Dat oorspronkelijke natuurgebied schilderde zij opnieuw, maar dan met het materiaal dat voor de vernietiging ervan verantwoordelijk is. De schoonheid van het beeld botst zo met de herkomst van de verf. Tinkebells werk op Curaçao staat niet op zichzelf. Al sinds 2020 onderzoekt zij de gevolgen van zware industrie op verschillende plekken in de wereld. In Nederland werkte ze rond Tata Steel, waar ze met magneten vervuilende metaaldeeltjes uit het zand haalde en verwerkte in kunstwerken. In Italië onderzocht ze een chemische fabriek die al meer dan een eeuw afval in zee loost. Ook daar werd het afval zelf onderdeel van haar werk.”
Het artikel op Curacao.nu zorgde ervoor dat de alarmbellen afgingen bij Shell. Het bedrijf stuurde een mail om “een aantal feitelijke onjuistheden” recht te zetten. Maar valt er eigenlijk wel wat recht te zetten? De auteur van het artikel op Curacao.nu, journalist Dick Drayer, loopt de mail van Shell op LinkedIn punt voor punt langs.
De oliegigant betoogt dat het bedrijf niet verantwoordelijk is voor de milieuschade. In 1985 heeft Shell “de goedwerkende en normaal onderhouden Isla-raffinaderij” immers voor het symbolische bedrag van 1 Antilliaanse gulden aan de overheid van Curaçao verkocht. “Wat in deze lezing ontbreekt, is cruciale context”, schrijft Drayer, die stilstaat bij de feiten waaraan Shell in de mail geen aandacht besteedt.
“De verkoop was geen schone overdracht van een probleemloos bedrijf. De raffinaderij kampte op dat moment al met verouderde installaties, bestaande milieuschade en latente saneringsverplichtingen.”
Vanwege de verkoop in 1985 ziet Shell zichzelf “niet als de aangewezen gesprekspartner of als verantwoordelijke”, stelt het bedrijf. Puur juridisch heeft de oliegigant daarmee wellicht een punt, maar niet elke verantwoordelijkheid is juridisch. Er bestaat ook zoiets als een maatschappelijke of historische verantwoordelijkheid, legt Drayer uit.
“Het asfaltmeer is ontstaan tijdens Shell-exploitatie, de gekozen opslagmethode was een beslissing van Shell en de milieuschade heeft een structureel karakter gekregen. Dat maakt dat de juridische afbakening botst met bredere opvattingen over historische milieuaansprakelijkheid en maatschappelijke verantwoordelijkheid van bedrijven.”
Misschien dat Shell in een volgende mail ook eens aan die verantwoordelijkheid aandacht kan besteden?
Meer over:
actueel, tinkebell, curaçao, shell, asfaltmeer, raffinaderij, milieuvervuiling, oleum shell isla de curaçao, dick drayerMeld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.