
Het is een tijdje stil geweest van mijn kant, hier op Joop. Sinds mijn laatste column in augustus ging mijn tijd vooral op aan een stukje mantelzorg. Maar wie denkt dat hij het druk heeft, moet even naar Den Haag kijken. Daar hebben onze politici de afgelopen maanden bepaald niet stilgezeten.
In augustus schetste ik hier een donker scenario: een rechtse meerderheid met JA21, SGP en BBB die begin september de begroting voor 2027 over de streep zou trekken. Het liep anders. Het kabinet heeft inmiddels met vrijwel iedereen gesproken. Met rechts, waar JA21, SGP en BBB aan tafel zitten als één blok. Met links, waar PRO en Volt hetzelfde deden. En met wat een collega van mij, zelf PRO-lid, droogjes omschrijft als “het conservatieve midden met een vleugje bruin”: ChristenUnie, 50PLUS en de groep-Markuszower. Een meerderheid is er nog altijd niet.
De politieke onzekerheid neemt ondertussen toe. Als dit kabinet de komende weken valt, heeft het het korter volgehouden dan Schoof. Jetten komt dan in het rijtje van kortstzittende premiers terecht. Dat is een opmerkelijk resultaat voor iemand die bij zijn aantreden beloofde dat het anders zou gaan.
Hoe heeft het zover kunnen komen? Niet door één groot conflict, maar door maandenlang onderhandelen en steeds weer nieuwe concessies doen. Sinterklaas moet het land nog in, maar in het Catshuis is het sinds eind augustus al pakjesavond. De rekening wordt betaald met steeds meer van de hand die Jetten en Bontenbal vorig jaar uitstaken.
De hand van december
Om te begrijpen hoe ver dit kabinet inmiddels is afgedreven, moeten we terug naar het begin. In de eerste weken na de verkiezingen presenteerden D66 en CDA samen Samen aan de slag voor een sterker Nederland. Het document begon met vier woorden: “Dit is een uitgestoken hand.” Het was nadrukkelijk geen dichtgetimmerd akkoord, maar een uitnodiging aan andere partijen om verder te praten.
De inhoud was behoorlijk helder. Werken moest meer lonen, vermogen en vervuiling moesten meer gaan bijdragen. Defensie zou naar de NAVO-norm groeien, gefinancierd met ruimte binnen de Europese begrotingsregels en niet met een nieuwe belasting op werk. Voor stikstof kwamen er harde doelen voor 2035, met als “ultieme remedie” een korting op dierrechten als die doelen niet werden gehaald. Ook rekeningrijden en een geleidelijke afbouw van de hypotheekrenteaftrek stonden op de agenda. De spreidingswet zou blijven.
De VVD kreeg vervolgens een aantal belangrijke wensen ingewilligd. De hypotheekrenteaftrek bleef “ongewijzigd”, rekeningrijden verdween en de accijnskorting op benzine werd verlengd. Daar kwam een vrijheidsbijdrage bij om defensie te betalen. Ook de sociale zekerheid moest een flinke prijs betalen: de AOW-leeftijd zou sneller omhooggaan, de WW korter worden en arbeidsongeschikten zouden met lagere uitkeringen te maken krijgen. Met die inmiddels flink uitgeklede hand ging het kabinet in augustus de oppositie tegemoet.
Een sinterklaaszak op Prinsjesdag
Die eerste onderhandelingsronde liep vrijwel direct vast. BBB wilde alleen meedoen als de stikstofplannen van tafel gingen. PRO stelde juist als voorwaarde dat de bezuinigingen op werklozen en arbeidsongeschikten werden geschrapt. Het kabinet besloot daarop de begroting zonder de oppositie af te maken. Er zouden “forse handreikingen” zijn gedaan, maar aan wie precies bleef onduidelijk. Stoffer waarschuwde al voor Prinsjesdag dat de Troonrede op voorhand achterhaald was. Hij kreeg gelijk.
Wie de Miljoenennota naast de wensen van de oppositie legt, ziet dat er voor vrijwel iedereen iets in zat. Links en de vakbonden kregen de AOW-bezuiniging van tafel, uitstel van de kortere WW en extra geld voor ontwikkelingssamenwerking. Rechts kreeg nog een jaar goedkopere benzine en diesel, anderhalf miljard voor wegen en bruggen en een lagere vliegbelasting op verre vluchten. Het bedrijfsleven kon rekenen op miljarden aan innovatiefondsen. En voor 50PLUS was er 400 miljoen euro om meer ouderen gratis tegen gordelroos te vaccineren. Ik gun het iedere zestiger van harte, maar dit stond in december bepaald niet op het lijstje.
De rekening kwam onder meer terecht bij hogere inkomens. Ook het kraanwater werd duurder. Benzine goedkoper, leidingwater duurder: wie daar een samenhangend verhaal in ziet, mag het mij uitleggen. De oppositie was in elk geval niet overtuigd. Klaver vroeg tijdens de Algemene Beschouwingen het kabinet om een keuze te maken tussen links en rechts. Het kabinet bleef liever met beide kanten praten.
Terug naar links, en toch weer naar rechts
In de tweede ronde kwam het kabinet met een opvallende draai. De bezuinigingen op de sociale zekerheid gingen van tafel en de vakbonden bliezen hun acties af. Daarmee werd een deel van de koers van december hersteld. Tegelijkertijd verdween een belangrijk deel van de prijs die de VVD in januari had gevraagd.
Maar in hetzelfde pakket kregen directeur-grootaandeelhouders een belastingverlaging op uitgekeerde winst, terwijl meer kleine spaarders en beleggers in box 3 belasting zouden gaan betalen. Dat maakte het voor geen van beide kanten eenvoudiger om het akkoord te steunen. Het kabinet bleef proberen iedereen iets te geven, maar kreeg daarmee niemand echt over de streep.
De verpleegkundige en de straaljager
Daarna kwam de vrijheidsbijdrage centraal te staan. Die was inmiddels zo vormgegeven dat de belastingschijven niet meer volledig met de inflatie meegroeiden. Ruim tweeënhalf miljard euro per jaar, opgebracht door werkenden, moest zo naar defensie gaan. Jetten en Bontenbal hadden in december nog voorgesteld de lasten te verschuiven van arbeid naar vermogen. Tien maanden later betaalt de verpleegkundige mee aan de straaljager.
Links en rechts wilden allebei van de vrijheidsbijdrage af, maar om heel verschillende redenen. Klaver bood steun als de allerrijksten een eerlijker bijdrage zouden leveren, zodat arbeid minder zwaar belast kon worden. Dat kwam opvallend dicht in de buurt van de uitgangspunten uit de brief van december. Rechts kwam met een eigen verlanglijst, die van de benzinepomp tot de kraamkamer liep: geen vrijheidsbijdrage, geen hogere btw op bloemen en planten, lagere lasten voor eenverdieners en ondernemers, een soepelere stikstofaanpak, afschaffing van de spreidingswet, asielopvang buiten Europa en een pas op de plaats bij late abortus en draagmoederschap.
Jetten vond dat zware medisch-ethische kwesties niet gekoppeld konden worden aan de prijs aan de pomp. Daar heeft hij gelijk in. Maar het is wel opmerkelijk dat juist deze premier die onderwerpen nu uit elkaar probeert te houden, na maanden waarin het kabinet zelf allerlei dossiers aan elkaar heeft geknoopt.
Het derde pakket, voor het midden
Inmiddels ligt er een derde versie van het Belastingplan. Ook daarin heeft vrijwel iedere onderhandelingspartner iets teruggevonden. De vrijheidsbijdrage voor volgend jaar wordt met koopkrachtmaatregelen weggepoetst. BBB krijgt uitstel van de hogere btw op sierteelt. ChristenUnie en 50PLUS behouden de aftrek van zorgkosten voor chronisch zieken en de ouderenkorting. De rekening daarvoor komt onder meer bij werkenden terecht: de beloofde verhoging van de arbeidskorting gaat niet door. Weer een onderdeel van het uitgangspunt dat werken moet lonen dat stilletjes verdwijnt.
Volt krijgt geld voor kunstmatige intelligentie en Markuszower voor politie en justitie. De invoering van het nieuwe box 3-stelsel schuift een jaar op en de directeur-grootaandeelhouder krijgt er nog een tariefsverlaging bovenop.
Een deel van de rekening wordt doorgeschoven naar het klimaatbeleid: het geld voor CO2-opslag verschuift naar 2032. Voor het overige belooft het kabinet in het voorjaar regelingen voor bedrijven en particulieren aan te passen. Welke regelingen dat worden, weet nog niemand. Dat is geen dekking, maar een rekening waarvan de specificatie later volgt.
Links en rechts zijn nog altijd niet overtuigd. Het midden lijkt voorlopig wel bereid steun te geven. ChristenUnie, 50PLUS en de groep-Markuszower leveren samen met de coalitie precies genoeg zetels op in de Tweede Kamer. Markuszower maakt er geen geheim van dat zijn voornaamste motief is dat hij Jesse Klaver niet als premier wil. Dat het kabinet nu afhankelijk is van een afsplitsing van de PVV, die het vooral overeind lijkt te houden uit angst voor een linksere regering, ligt in de D66-fractie gevoelig. Dat kan ik me goed voorstellen. En in de Eerste Kamer is deze combinatie bij lange na niet voldoende.
Eén wet, twee verhalen
Hoe ingewikkeld deze manier van regeren is geworden, blijkt ook uit de stikstofwet die minister Van Essen deze week presenteerde. In juni stonden er brede zones rond kwetsbare natuur in, een maximale uitstoot per koe en een mogelijke korting op de veestapel voor alle boeren als stok achter de deur. Inmiddels krijgen provincies jaren de tijd om hun eigen zones vast te stellen. Die mogen bovendien kleiner worden. De koeiennorm is volgens Haagse bronnen voorlopig van tafel. De generieke korting heet nu maatwerk en kleine projecten komen sneller van hun vergunningplicht af. Wat in december nog de “ultieme remedie” was, is inmiddels een gesprek met de provincie geworden.
De manier waarop het kabinet dit verkoopt, is minstens zo opmerkelijk. Tegen links houdt het vol dat er niets is afgezwakt. PRO, dat steun had toegezegd zolang dat zo bleef, is tevreden. Tegen boeren en rechtse partijen benadrukt dezelfde minister juist dat overleg en maatwerk resultaat opleveren. Of die uitleg standhoudt, moet nog blijken. BBB heeft in ieder geval al laten weten het Belastingplan niet te steunen zolang er op stikstofgebied niets verandert.
Een hand met vijf vingers
Leg de afspraken van nu naast de brief van december en het verschil is groot. De hypotheekrenteaftrek wordt niet afgebouwd en rekeningrijden is verdwenen. De lasten verschuiven niet van arbeid naar vermogen; op sommige punten gebeurt zelfs het tegenovergestelde. Defensie wordt betaald met een gat in de begroting en een belofte om later nog dekking te vinden. Ook de stikstofaanpak is een stuk minder concreet geworden.
Er zijn zeker ook resultaten die het vermelden waard zijn. De bezuinigingen op de AOW en de WW zijn geschrapt. Dat is goed nieuws voor veel mensen. Maar het is vooral het resultaat van een reeks onderhandelingen waarin elke concessie aan de ene kant weer werd gecompenseerd met iets voor de andere kant. Het kabinet heeft veel uitgedeeld, maar daarmee nog geen meerderheid gevonden.
Ik schrijf dit als D66-lid en begrijp de rekenkundige werkelijkheid van 66 zetels. Je kunt niet regeren zonder steun van anderen. Maar er zit een verschil tussen een uitgestoken hand en eindeloos blijven rondlopen om te kijken wie er nog iets uit wil halen. Jim Hightower, oud-landbouwcommissaris van Texas, schreef ooit: “There’s nothing in the middle of the road but yellow stripes and dead armadillos.” Midden op de weg vind je alleen gele strepen en doodgereden gordeldieren.
Jetten en Bontenbal begonnen met een uitnodiging om samen aan de slag te gaan. Sindsdien hebben ze hun hand naar alle kanten uitgestoken. Eerst naar de VVD, daarna naar PRO en de vakbonden, vervolgens naar JA21, SGP en BBB. Ook ChristenUnie, 50PLUS en Markuszower kregen hun deel. Maar wie bij iedereen aanklopt, moet op een gegeven moment ook duidelijk maken waar hij zelf voor staat.
Als ik nu terugkijk naar die uitgestoken hand van december, zie ik vooral een lege handpalm. Het kabinet heeft zoveel weggegeven dat het steeds moeilijker wordt om uit te leggen wat er eigenlijk nog overeind staat. Het zou me niet verbazen als kabinet-Jetten straks niet valt over een keuze die het heeft gemaakt, maar over de keuzes die het maandenlang voor zich uit heeft geschoven.