
Opnieuw wordt de noodklok geluid over het onderbrengen van minderjarigen in de asielnoodopvang. Nadat eerder Marc Dullaert, voormalig kinderombudsman en voorzitter van het Kinderrechtencollectief, al waarschuwde voor de nefaste gevolgen voor kinderen, is het nu Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) die zich na onderzoek grote zorgen maakt. In het rapport ‘Kinderen in nood’ constateert de raad dat er sprake is van een “structureel veiligheidstekort” voor minderjarigen in de noodopvang. De Volkskrant vat samen:
“Zo biedt noodopvang geen veilige fysieke leefomgeving, schiet de medische zorg tekort en lopen kinderen risico geconfronteerd te worden met fysiek en seksueel geweld. Bovendien krijgen veel kinderen geen of vertraagd toegang tot onderwijs, omdat ze vaak van de ene naar de andere opvanglocatie moeten verhuizen.”
Door jarenlang ultrarechts wanbeleid wonen er inmiddels meer vluchtelingen in noodopvanglocaties, zoals leegstaande kantoren, schepen en sporthallen, dan in permanente azc’s.
Met het welzijn van kinderen wordt nauwelijks rekening gehouden. “Als er onvoldoende school- en medische capaciteit is, wordt een locatie toch geopend. Onveiligheid wordt genormaliseerd”, constateert de voorzitter van de Onderzoeksraad Chris van Dam in de Volkskrant.
De OVV wil dat minister Bart van den Brink van Asiel en Migratie de situatie van de kinderen in de noodopvang binnen zes maanden verbetert. Het gaat op dit moment om zo’n 7.000 kinderen.
Van Dam stelt: “Noodopvang is niet normaal. Het was in eerste instantie bedoeld voor een korte periode, maar inmiddels leven kinderen soms jaren in de noodopvang. De Rijksoverheid, het COA en gemeenten zijn sinds 2021 ongeschikte locaties als tijdelijke oplossing gaan accepteren om snel opvangplekken te creëren voor mensen die asiel aanvragen. Nederland is door de ondergrens gezakt van wat veilig is voor kinderen.”