
Rob Jetten werd door SP-leider Jimmy van Dijk geconfronteerd met een ongemakkelijke video. Daar stond hij: op het Rode Lijn-protest tegen Israël, vurig en uitgesproken. De oppositie-Jetten sprak stevige taal over Netanyahu. Wapenembargo. Handelsvoordelen opschorten. En ergens viel zelfs het woord genocide.
Nu in het Torentje. En van die felheid is weinig over. Geen zware sancties tegen Israël, geen erkenning van Palestina, geen dramatische koerswijziging. Het kabinet kiest voor dialoog, diplomatie en de vertrouwde tweestatenoplossing. Realpolitik, noemen ze dat. Ondertussen bommen op Iran.
Je kunt Van Dijk begrijpen. Het is immers dankbaar materiaal: een politicus die zijn eigen woorden moet inslikken. Maar eerlijk is eerlijk: Jetten begrijp ik ook. Oppositie voeren is een vak apart. Daar kun je roepen wat je wilt. Je hoeft het niet uit te voeren, alleen te formuleren. Hard roepen levert volgers op.
Regeren is iets anders. Dan sta je niet meer langs de zijlijn te schreeuwen, maar in de arena. Dan merk je dat de leeuwen terugbijten. En dan komt de vraag: blijf je net zo hard blaffen als toen je nog veilig buiten het hek stond?
Toch moet Jetten dat doen. Niet alleen omdat het misschien het juiste beleid zou zijn, maar ook omdat geloofwaardigheid een schaars goed is in de politiek. Hij onderscheidde zich van andere partijen juist met dit soort stevige posities. Daarmee won hij kiezers. Dan moet je ook voet bij stuk houden.
Want de wereld zit vol leiders die feilloos ruiken wanneer hun tegenstander twijfelt. Trump. Netanyahu. Ze spelen met hun collega’s alsof het kinderspel is. Kijk hoe Macron zich met een pilotenbril op televisie presenteert en wordt weggezet door Donald als B-acteur uit Top Gun. Machtspolitiek is geen debatclub.
Nogmaals, ik begrijp de verleiding van oppositiegedrag wel. Ben er zelf slachtoffer van. Jaar geleden, ik fietste door Amsterdam, haast voor de trein. Met mijn zwarte Veloretti zwalkte ik over het Spui terwijl Lady Writer van Dire Straits door mijn oortjes knalde. Wat een energie geeft die plaat. Op het moment dat ik met Mark Knopfler aan zijn solo begon, schoot mijn snelheid omhoog. Reed iemand voor zijn sokken die een zebrapad overstak. Werd staande gehouden, boete van 190 euro, volledig terecht.
Maar als oppositiepartij liet ik het daar niet bij zitten. Een bezwaar aangeleverd van 2 kanten met geouwehoer van hier tot Tokio. Ik verklaarde nog net niet dat ik in de tram zat op dat moment.
Vorige week respons. Begin april voorkomen. Verklaring van bezwaar. Benieuwd of mijn oppositieretoriek ook standhoudt tegenover rechter Netanyahu in de rechtbank van Amsterdam. Komt goed, Jimmy.
Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.