
Hoewel de levering van olie en gas uit de golfregio als gevolg van de Iran-oorlog al maanden nagenoeg stilligt, jaagt de wereld er nog altijd in ongekend tempo fossiele brandstoffen doorheen. Dat heeft grote gevolgen voor de (strategische) oliereserves. Sinds 2018 zijn die niet meer zo klein geweest als nu, bericht het financiële persbureau Bloomberg.
“De snel slinkende voorraden betekenen dat het risico op nog extremere prijsstijgingen en tekorten steeds groter wordt. (…) De sterke afname van de voorraden betekent ook dat de markt langer kwetsbaar blijft voor toekomstige verstoringen, zelfs nadat het conflict is beëindigd.”
De wereldwijde oliereserves zijn tussen 1 maart en 25 april dagelijks met 4,8 miljoen vaten afgenomen. De gevolgen daarvan zijn volgens experts het meeste te merken in enkele Aziatische landen die sterk afhankelijk zijn van de import van olie: Indonesië, Vietnam, Pakistan en de Filipijnen. Maar ook in Europa zijn er problemen, legt RTL Nieuws uit:
“In Europa zijn de kerosinetekorten onderwerp van groeiende zorg. Volgens sommige analisten kunnen de voorraden al per volgende maand kritieke niveaus bereiken - en zijn de commerciële voorraden in de havens van Antwerpen, Rotterdam en Amsterdam gedaald tot het laagste niveau in zes jaar. Het leidde al tot het schrappen van vluchten, extra tankstops en duurdere vakanties. Analisten en handelaren waarschuwen tegenover Bloomberg dat de dalende voorraden zullen leiden tot verdere prijsstijgingen. Ook omdat alle voorraden op een later moment in het jaar weer moeten worden aangevuld.”
VVD-bewindslieden beweren al sinds het begin van de Iran-oorlog dat er geen enkele reden is tot zorg. Het is volgens hen ook niet nodig om ons gedrag aan te passen en bijvoorbeeld wat minder te gaan rijden. Eind maart werd wel fase 1 van het Nationaal Crisisplan Energie van kracht.
Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.