Sfeerfoto van BNNVARA

BNNVARA

Onbegrepen Nederlanders geven antwoord op de meest indringende en soms choquerende vragen van kijkers. Iedere dinsdag om 22:10 op NPO3.

Pakketbezorgers slepen PostNL voor de rechter. Waarom?

21 jun 2020
  •  
leestijd 10 minuten
claudio-schwarz-purzlbaum-q8kR_ie6WnI-unsplash
De coronacrisis is funest voor bedrijven. Toch komt PostNL met positief nieuws: mensen bestellen heel veel meer pakketjes en daarom doet het bedrijf het juist boven verwachting goed. In maart al 14% beter dan het voorgaande jaar. Keerzijde is dat de druk op het personeel toenam. Enorm toenam, bovenop de toch al torenhoge werkdruk. Het is voor de Belangenvereniging voor Pakket Distributie (BVPD) reden een rechtszaak voor te bereiden om een eerlijke vergoeding af te dwingen. Want ook los van de coronacrisis zijn de werkomstandigheden van veel pakketbezorgers belachelijk slecht, zo stellen zij. 'We werken ons een slag in de rondte om Nederland draaiende te houden.'

De maat is vol
'Ik zal maar met de deur in huis vallen: de maat is vol', schreef voorzitter Ruud Wassenaar van belangenvereniging BVPD in een brief aan CEO Herna Verhagen van PostNL. 'De enorme incidentele werklast ten tijde van het coronavirus is de druppel die de emmer doet overlopen.' De pakketbezorgers draaien volgens voorzitter Wassenaar op volle toeren, vergelijkbaar met de kerstperiode.

Daarom eist Wassenaar namens de belangenvereniging drie dingen: 'Een concreet aanbod voor een eerlijk tarief, betaling van alle uren en vergoeding van de extra handelingen ten tijde van de corona-pandemie.' PostNL ging niet in op de eisen van de BVPD en wijst op het feit dat er ook voordelen zijn. Zo is er veel minder verkeer op straat en zijn mensen veel meer thuis waardoor er efficiënter afgeleverd kan worden. Als laatste stelt PostNL dat het grotere aanbod schaalvoordelen met zich meebrengt. Voor belangenvereniging BVPD geen reden om van de rechtszaak af te zien.
 
Rambam
Online regent het klachten over slechte pakketbezorging. ‘Uw pakketje ligt in de blauwe kliko’ is geen uniek bericht meer. De pakketbezorgers lijken zo veel haast te hebben dat ze vaak niet eens de tijd nemen om te wachten tot iemand de deur heeft bereikt. Waarom gaat er zo veel mis bij de pakketbezorging en wat is de reden daarvoor?
Rambam onderwerpt verschillende webshops en postbedrijven aan een steekproef. Ze testen op drie punten: of het aankomt, hoe snel het aankomt en in welke staat het aankomt. 79 van de 100 pakketjes kwamen gewoon op tijd aan en werden in ontvangst genomen door de presentatoren zelf of door de buren. Zeventien stuks kwamen te laat, een daarvan kwam zelfs een hele week te laat aan. Dan zijn er nog drie pakketten die ‘te vroeg’ kwamen. En een pakket is verdwenen. Met achttien van de pakketten was iets geks aan de hand. Drie werden er gevonden in het tuinhuisje zonder dat er een briefje door de brievenbus werd gegooid. Om die reden werden de pakketten pas dagen later gevonden. Een pakket werd gevonden in een kliko, twee andere pakketten lagen in een schuur, en weer twee andere pakketten lagen op de deurmat, buiten. Het verdwenen pakket bleek afgeleverd in de hal van een naburig appartementencomplex. Een plek die niet toegankelijk is voor mensen die daar niet wonen. Het pakket werd dus nooit meer teruggevonden.
'Dat mag niet volgens onze procedure'
Tijd om daar eens achteraan te bellen. ‘Ik heb geen idee waarom de postbezorger dat heeft gedaan. Ze doen het misschien ook wel omdat ze deze willen afleveren, maar dat mag niet volgens onze procedure’, aldus de klantenservice van PostNL. De klantenservice van DHL heeft een hele andere verklaring voor de gekke bezorging: ‘Wat ik zie staan is dat het pakket al geleverd zou zijn, met een neerzet toestemming. Dat houdt in dat u ooit in het verleden een keer toestemming gegeven heeft dat de pakketten altijd op een bepaalde plek neergezet mogen worden.’

Het gaat dus duidelijk mis bij de pakketbezorgers, maar waarom leveren zij zo slecht af? Filemon Wesselink en Yora Rienstra gaan op onderzoek uit. Wat zijn nou eigenlijk de taken van deze pakketbezorgers? ‘Als pakketbezorger ben je verantwoordelijk voor het ophalen, vervoer en aflevering van pakketten in jouw werkgebied’, lezen ze in de vacature. Er wordt in de vacature uitgegaan van een aflevering van zo'n 140 tot 200 pakketten per dag. Yora: ‘Dat klinkt als veel.’ Ook bij UPS wordt er veel verwacht van de pakketbezorgers. In de vacature is te lezen dat de belangrijkste taak van de bezorger is om klanten blij te maken. ‘En dat doe je door hun nieuwe tablet, die ze gisteren hebben besteld, op tijd te leveren.’ Deze bedrijven willen natuurlijk een tevreden klant. Het is dus van enorm belang dat pakketten op tijd worden bezorgd en dat zorgt voor een enorme druk bij de bezorger.
Filemon Wesselink en Yora Rienstra

Filemon Wesselink en Yora Rienstra

© Rambam

Besparing op arbeidskosten
De Belangenvereniging voor Pakketdistributie maakte een inschatting van deze beroepsgroep: elke dag rijden er zo’n 6350 pakketbezorgers rond. 2275 daarvan zijn in loondienst, maar het grootste deel wordt uitbesteed aan onderaannemers, die op hun beurt weer zo’n 4300 pakketbezorgers in loondienst hebben. Dan is er nog een klein deel zzp’ers. Maar het aandeel hiervan is maar moeilijk in te schatten.

Het aandeel zzp’ers was een aantal jaren geleden veel groter. Waar ooit postbode een goed betaalde en gerespecteerde baan was, lijkt PostNL sinds de vervanging van deze postbodes door postbezorgers begonnen aan een verregaande besparing op arbeidskosten. ZzP’ers zijn voor PostNL een goedkope uitkomst. Geen ziektegeld, premies of ontslagvergoedingen betekent goedkopere arbeid. Maar dan ontdekt Zembla in 2012 dat er sprake is van een convenant tussen PostNL en de Belastingdienst. Voor een groot deel van de zzp’ers is PostNL de enige opdrachtgever. En dat mag niet. Normaal gesproken moet een zzp’er namelijk meerdere opdrachtgevers hebben, anders wordt deze door de Belastingdienst gezien of beschouwd als een schijnzelfstandige. En dan kunnen sancties volgen. Toch blijkt, uit een intern document dat in handen valt van Zembla, dat hierover een constructie is afgesproken met de Belastingdienst. Over de inhoud van het document willen zowel PostNL als de Belastingdienst enkel kwijt dat het ‘binnen de kaders van de wet valt’. Om dat te controleren doet Zembla een WOB -verzoek bij het Ministerie van Financiën maar dat wordt afgewezen. Na de uitzending in 2012 zijn er ook Kamervragen gesteld, om zo de inhoud te achterhalen, maar ook dan geven de verantwoordelijke bewindslieden geen antwoord.
Zzp'ers en zmp'ers
Nu wordt er dus duidelijk minder gebruik gemaakt van deze zzp’ers. In 2016 maakt PostNL bekend nieuwe pakketbezorgers in vaste dienst te nemen; er komen geen zzp’ers meer bij.

Dit lijkt het resultaat van het werk van de arbeidsinspectie, meldt Zembla in dat jaar. Aan de hand van vertrouwelijke interne stukken wordt duidelijk dat de arbeidsinspectie stelt dat PostNL in overtreding is wat betreft de manier waarop zij werkt met zzp’ers. Zij vindt dat er sprake is van schijnzelfstandigheid. PostNL ontkent dit. Ook in de Tweede Kamer woedt al jaren een discussie over de zzp’ers van PostNL.
Ondanks de beoogde plannen met minder met zzp’ers te werken, lijkt PostNL nu een andere constructie te hebben bedacht. Het grootste deel van de arbeid loopt nu via onderaannemers. Zogenaamde zmp’ers; zelfstandigen met personeel.
160 pakketten
Om te ervaren hoe dat is besluit Yora te solliciteren als pakketbezorger via zo’n onderaannemer. Ze belt met een van hen en vraagt naar de mogelijkheden om als zzp’er bij hun aan de slag te gaan. De vrouwelijke onderaannemer zegt dat dat een mogelijkheid is, maar dat ze dan wel rekening moet houden met een minimaal aantal van 160 bezorgde pakketten om uit de kosten te komen. ‘Je moet minimaal dat aantal wegbrengen om er iets aan te gaan verdienen. En 160 pakketten is best veel.’ De vrouw zegt dat Yora er rekening mee moet houden dat het fysiek zwaar werk is. ‘Er zijn bij ons maar weinig vrouwen die dit werk doen.’ Yora besluit een dag mee te lopen met Danny, een ervaren pakketbezorger van DHL. ‘Ik heb twee tot drie minuten om een pakket te bezorgen. De ene keer lukt dat wel, de andere keer niet. Dat is wisselend, afhankelijk van of mensen thuis zijn.’

Nu het Rambam-team op de hoogte is van de belangrijkste aspecten van het ‘bezorgersvak’, gaan Filemon en Yora zelf op pad met een bus vol pakketten. Ze pogen in anderhalf uur 32 pakketten te bezorgen. Dat komt namelijk overeen met de 170 pakketten die een bezorger gemiddeld wegbrengt tijdens een werkdag van acht uur. Anderhalf uur later bekent het duo doodop dat het ‘niet te doen is’. Filemon: ‘Ik begrijp heel goed dat die bezorgers af en toe een pakketje in de kliko gooien.’

De enorme druk om pakketten op tijd te bezorgen is postbode Saït duur komen te staan. Hij werd namelijk ontslagen toen hij in de kerstperiode enkele keren een paar minuten te laat aan kwam. ‘Normaal heb ik zo’n 200 tot 250 pakketten. In de kerstperiode zijn dat er soms wel 300 tot 380, per dag. Maar dan ben ik echt moe, en daardoor kwam ik een paar keer te laat. Wij zijn mensen, geen robots.’
Pakketbezorger Sait

Pakketbezorger Sait

© Rambam

Enorme tijdsdruk
De tijdsdruk is al jaren zo groot dat voormalig pakketbezorger Marcel eraan onderdoor dreigde te gaan. ‘Het is de hele dag knallen, knallen, knallen’, vertelt hij in 2012 aan Zembla. Hij kreeg bijna een burn-out door het werk. Namelijk: een beetje oponthoud en de hele dag loopt in de soep. Dat blijkt wanneer Zembla in gezelschap van Marcel naar een laadcentrum van destijds nog TNT gaan. Daar staat een file aan busjes voor de deur van het centrum te wachten. ‘Die mensen hebben nu al een kutdag’, volgens Marcel. ‘Zij zouden nu al binnen moeten zijn, om kwart over acht, om te beginnen met laden. Die beginnen gewoon te rennen natuurlijk omdat ze nu al achter lopen op schema.’ Later die dag stuiten ze op een bezorger met een bus vol grote en zware pakketten. Marcel: ‘Dan zie je dus al hoe erg je dag kan zijn. Als je tien van dit soort pakketten hebt dan is je bus helemaal afgeladen vol. Die bezorger mag zo meteen nog een keer gaan laden.’
'Het is hard werken, maar je kunt niet zeggen dat het door de werkdruk komt dat een pakket in de kliko terechtkomt'
Rambam besluit verhaal te gaan halen bij PostNL, want het kan zo niet langer. ‘Wij komen op voor de pakketbezorgers, want het is echt onmogelijk om die targets te halen’, aldus Yora. Woordvoerder van PostNL Dagna Hoogkamer is het daar niet mee eens. ‘Het is hard werken, maar je kunt niet zeggen dat het door de werkdruk komt dat een pakket in de kliko terechtkomt. Dat mag niet. Onze regels zijn heel helder. Als het verkeerd wordt bezorgd, dan heeft de bezorger dat niet goed gedaan.’ Hoogkamer benadrukt dat de bezorging in de meeste gevallen gewoon goed gaat en dat het maar weinig voorkomt dat pakketten in de kliko eindigen.

Onderaannemer
PostNL legt de schuld dus bij de bezorgers, maar deze bezorgers werken in twee derde van de gevallen voor een onderaannemer. Is deze dan verantwoordelijk voor de torenhoge werkdruk? ‘Nee’, zeggen ze zelf. Zij klagen al jaren over de druk die postbedrijven zoals PostNL ze opleggen. ‘De werkdruk is erg hoog vanwege de lage vergoedingen’, aldus Ruud Wassenaar, van de Belangenvereniging Pakketdistributie. ‘Daardoor hebben ze vaak geen tijd om even een praatje te maken of rustig te wachten tot iemand van de zolder naar beneden is gekomen.’ Dat kan ook meneer Vos beamen. Hij was zelfstandige met personeel. Lange tijd kon hij goed verdienen aan werken bij de post.

Tot PostNL opeens de spelregels verandert. Waar hij eerst nog een-euro-vijftig per pakketje verdiende, levert een tweede of derde pakket op hetzelfde adres hem later nog maar zeventien cent op. ‘Dat scheelde ons op jaarbasis een kleine tienduizend euro’, vertelt meneer Vos aan Zembla in 2012. Maar ook die een-euro-vijftig die ze eerder per pakket ontvingen, daalt. Deze sanering levert dus financieele problemen op bij de ZMP’ers en onderaannemers. Volgens de Federatie Nederlandse Vakbeweging (FNV) ontstaat er op die manier een zogenoemd stukloon. Moet je elke maand duizend euro aan een pakketbezorger betalen, maar haal je maar 950 euro op? Dan kom je vijftig euro tekort. Dan zegt zo’n ondernemer tegen de bezorger: 'Jij moet meer stops maken.' Zo ontstaat er een situatie waarin er eigenlijk per stop betaald wordt; hoe meer stops, hoe meer geld. Maar daar wringt het. Etienne Haneveld van FNV: ‘Zij vallen onder de cao-beroepsgoederenvervoer, dus de werkgever mag deze mensen niet per stop uitbetalen, terwijl ze wel de cao moeten naleven. Dat leidt dus tot moordende concurrentie.’ Zo krijgen de bezorgers steeds minder betaald. Gaan ze niet akkoord met een loonsverlaging? Dan voor hen tien anderen.
Yora Rienstra in gesprek met woordvoerder van PostNL Dagna Hoogkamer

Yora Rienstra in gesprek met woordvoerder van PostNL Dagna Hoogkamer

© Rambam

Race to the bottom
Volgens Wassenaar zijn de postgiganten zich maar al te goed bewust van het feit dat zij in zee gaan met ondernemers die hun personeel niet goed betalen. ‘Ze weten het, maar willen het niet weten. Ze doen alsof hun neus bloedt. Het wordt ze regelmatig verteld.’

De onderaannemers zijn dus degenen die de bezorgers onder druk zetten, maar zij worden op hun beurt weer onder druk gezet door de postgiganten. Haneveld van FNV: ‘PostNL zegt: het moet goedkoper. Wij horen terug van de onderaannemers dat ze geen kant op kunnen omdat hun inkomsten te gering zijn.’ Dat heeft te maken met de te strakke prijsstelling van PostNL. De consument betaalt namelijk ontzettend weinig voor de bezorging van een product. Sterker nog: vaak is de bezorging zelfs gratis. De gedachte dat bezorging en retourneren kosteloos kan maakt de drempel om te online te bestellen erg laag. Massaal laten we pakketten vol kleding in verschillende maten opsturen, waarna de helft weer teruggaat. Maar gratis bezorging dat kan natuurlijk niet. Wassenaar, van de Belangenvereniging Pakketdistributie: ‘Er wordt veel reclame gemaakt met gratis bezorgen. Maar uiteindelijk moet dat geld ergens boven water komen. Gratis bezorgen kan niet. Dat kost tijd en het kost geld. Ergens moet dat terugverdiend worden en dat probeert men te besparen op de bezorging. Deze race to the bottom is al jaren aan de gang, zo werd in 2012 en 2016 zichtbaar in Zembla.

En ze zijn niet van plan daar verandering in te brengen. Sterker nog: ze willen ze zelfs nog minder gaan betalen. FNV maakt bekend dat onderhandelingen met werkgeversorganisaties TLN en VVT op niks zijn uitgelopen. Zo stellen deze organisaties voor om pakketbezorgers en fietskoeriers in een andere, lagere loonschaal te zetten. De werkgevers willen hun pakketbezorgers dus nóg minder gaan betalen.

Meer over:

, , , ,