
Blauwborst
© Fotograaf: gaklaasse
Gedurende de winter neemt de kennis van Menno Bentveld over vogelgeluiden gestaagd af: "Bah, denk ik dan. De hele winter wel in de sportschool geweest, en in het zwembad, maar een beetje vogelgeluiden trainen: ho maar!" Wekelijks schrijft Menno Bentveld een column voor de Varagids.
Lees hieronder de gehele column:
Begin februari bekruipt me altijd het gevoel dat ik ze kwijt ben. Weg, verdwenen, vergeten: de vogelgeluiden. Waarmee ik niet bedoel dat ik de geluiden in tuin, bos en veld mis. Ik snap dat veel vogels nog in het zuiden zitten en dat er in dit seizoen sowieso een stuk minder zang te horen is.
Nee, het zijn de geluiden in mij hoofd. Als fanatiek amateur-vogelaar ben je vaak in het begin van de herfst volledig op orde. Je bent dan vanaf het vroege voorjaar buiten geweest, hebt allerlei soorten broedvogels, trekvogels en dwaalgasten gehoord en in je opgenomen. Je hebt ze aardig op een rijtje, waarbij herhaling natuurlijk de sleutel is. Wéér die merel ’s morgens vroeg op de lantaarnpaal en de volgende ochtend wéér en ’s avonds nóg een keertje. Kijk, zo wordt het er wel ingeramd.
Een beetje vogelgeluiden trainen: ho maar!
Maar ja, vanaf oktober, november begint het allemaal droog te vallen. En gedurende de winter vloeit al die kennis weg, onverbiddelijk, als zand door een zandloper. En tegen het eind van januari krijg ik zelfs moeite met een koolmees of een vink. Bah, denk ik dan. De hele winter wel in de sportschool geweest, en in het zwembad, maar een beetje vogelgeluiden trainen: ho maar! En ik weet dat er velen met mij zijn. Die, als het voorjaar zich aandient en als op de éérste zonnige dag de terrassen weer vol zitten en je denkt: moeten al die mensen niet werken of studeren ofzo, tot je een leeg tafeltje ziet en ook snel neerploft, die dan tot het besef komen dat van de vijftien vogels die ze goed tussen de oren hadden er dertien ’m gesmeerd zijn.
De beste ezelsbruggetjes op een rijtje… En écht, die tips werken!
En dus, mooi op tijd: een kleine cursus vogelgeluiden herkennen. Of beter: de beste ezelsbruggetjes op een rijtje. En ja, ik weet: er zijn talloze briljante vogelgeluiden-apps, maar A: uiteindelijk wil je het óók gewoon zelf kunnen, toch? En B: anders kan ik net zo goed géén column over ezelsbruggetjes schrijven, dus ik laat die apps even links liggen. Goed, daar gaan we. En écht, die tips werken!
De bekendste is: de fietspomp. Veel roepjes van de koolmees klinken of iemand een band staat op te pompen. Dan de heggenmus: klinkt als een aanlopend kruiwagenwieltje, steeds kort achter elkaar. Blauwborst (foto): een metalig startmotortje dat steeds opnieuw gestart wordt. Pimpelmees: een zilveren belletje. Zanglijster: redelijk gevarieerd en alles twee keer (pietje-pietje, marie-marie). Merel: geen ezelsbrug maar gewoonweg briljant mooi. Tuinfluiter: snelle merel. En in de zang van de winterkoning zit ergens een wekkertje verstopt.
De leukste is wel de waterral. Een zeer schuwe, prachtig getekende moerasvogel die je bijna nooit ziet, maar met wat geluk wel kan horen. Vanuit het rietmoeras klinkt dan het gegil van een speenvarken. Ezelsbruggetje voor vegetariërs: speenvarken klinkt ongeveer als waterral.
Thema's:
Maandag, woensdag en vrijdag versturen wij je alle informatie uit de radio en tv-uitzending en het laatste internetnieuws.