
Menno Bentveld
© Vroege Vogels
"Terwijl wij als stadskinderen-op-schoolreis gniffelend wat aan touwen trekken, houdt de molenaar als een havik in de gaten of een van ons niet met z’n stomme kop tegen een wiek aanloopt", schrijft Menno Bentveld in zijn column voor de Varagids. Hij leerde de kneepjes van het vak van een echte molenaar uit de Driemanspolder en kwam er al snel achter dat het werk wordt onderschat.
Lees hieronder de gehele column:
De molenaar kijkt wat stuurs. Het was ook niet bepaald handig en tactvol van onze regisseur (naam bij de redactie bekend) om haar te vragen of ze ‘de molen even aan kwam zetten’. Een uur later weten we dat het wat naïef was om te denken dat je simpelweg je fiets tegen de molen kwakt, op een knop drukt en met de armen over elkaar kijkt hoe alles zich in beweging zet. Waar gezegden als ‘koren op zijn molen’ en ‘die heeft een klap van de molen gehad’ ooit gemunt zijn in de wereld van molenaars, slaat ook het begrip ‘noeste arbeid’ absoluut op het molenaarsbestaan. Want mensenkinderen, wat is dat een werk, zo’n molen.
Molenaar Amber deelt kordaat de lakens uit. De wind moet gepeild, de kruiketting losgemaakt en de kruilier gelierd. De kap moet gedraaid zodat het wiekenkruis op de wind komt te staan. We moeten aan het vangtouw hangen om de wipstok te bedienen die de band van de rem om het bovenwiel aansnoert. Volgt u het nog? En dat alles terwijl de wind aantrekt tot zes en de wieken in beweging komen. En vooral dat laatste is gewoonweg angstaanjagend als je er met je neus bovenop staat.
Want mensenkinderen, wat is dat een werk, zo’n molen.
Terwijl wij als stadskinderen-op-schoolreis gniffelend wat aan touwen trekken en na twee minuten kruien het werk, met pijn in de armen, snel afschuiven naar een teamlid, houdt de molenaar als een havik in de gaten of een van ons niet met z’n stomme kop tegen een wiek aanloopt. Daarom wordt er bij een draaiende molen altijd een hekje gespannen en is er aan elke kant van de molen een ‘voordeur’ om te voorkomen dat je aan de verkeerde kant naar buiten stapt en doorklieft wordt door een gierende wiek.
Twee dagen en nachten bivakkeren wij in de onderste molen van de molendriegang in de Driemanspolder. Voor hoe we d’r bijliggen in de stokoude molen, wat een molendriegang is en of iemand nog een wiek tegen z’n hoofd heeft gekregen verwijs ik je graag naar de uitzending van aanstaande zondag. Als Amber weer op de fiets zit naar één van de andere molens die ze beheert vinden wij dat we erg moe geworden zijn en een stroopwafel hebben verdiend.
Plots staan er Chinese toeristen op de dijk, achter het hekje. Een heel gezin.
Plots staan er Chinese toeristen op de dijk, achter het hekje. Een heel gezin. Ze zijn met stomheid geslagen over het water dat in de ene sloot vijf meter hoger staat dan in de andere. En of wij met z’n allen in die molen wonen? Omdat Amber alweer andere molens laat draaien neem ik de honneurs waar. Onder het genot van een stroopwafel luisteren ze naar mijn spreekbeurt over de wipstok, het wiekenkruis en de kruilier. Dat ik de schaar, de schoor, de spil en de bovenas door elkaar haal worde me vast vergeven door de Rijnlandse Molenstichting. In de uitzending van zondag mag molenaar Amber precies uitleggen hoe het wél zit.
Thema's:
Maandag, woensdag en vrijdag versturen wij je alle informatie uit de radio en tv-uitzending en het laatste internetnieuws.