
© fotograaf Gretha Andeweg
Volgens Menno is deelname aan de Nationale Tuinvogeltelling een makkelijke manier om onze kennis over vogels te vergroten. Toch waarschuwt hij voor een addertje onder het gras: "Valsspelen ligt namelijk op de loer. Zonder dat je er erg in hebt." Wekelijks schrijft Menno Bentveld een column voor de Varagids.
Lees hieronder de gehele column:
Komend weekend kunnen we aan de bak. Waar we gewoonlijk natuurbeheer en het monitoren en tellen van soorten overlaten aan natuurorganisaties, boswachters en ecologen moeten we dit keer zelf de handen uit de mouwen steken. Er wordt actie vereist! En niet alleen van birdlovers of Vroege Vogels-luisteraars, maar van eenieder met een tuintje of balkon. Dit weekend vindt namelijk de Nationale Tuinvogeltelling plaats!
Al meer dan 25 jaar tellen burgerwetenschappers in hun tuin de vogels die er in de winter hun kostje bij elkaar scharrelen. En jij kunt ook zo’n burgerwetenschapper worden, hoe jong of oud je ook bent. Het eisenpakket is flinterdun. Want ‘burgerwetenschapper’ mag dan gewichtig klinken en ‘in actie komen’ nogal veeleisend, maar het komt erop neer dat je je in een luie stoel nestelt en met de blik op de tuin een halfuur lang alle vogels telt die op je landgoed te zien zijn.
Appeltje eitje dus? Nou niet helemaal. Er zit een adder onder het gras.
Dus: vogels turven, online doorgeven aan Vogelbescherming, klaar. Een makkelijker manier om een bijdrage te leveren aan de kennis over vogels en het beschermen ervan is er niet. Makkelijker dan lid worden van een natuurorganisatie, luisteren naar Vroege vogels of vrijwilliger worden bij het dierenasiel. Moet je er iets voor weten? Moet je vogels herkennen en onderscheiden wat een mannetje of vrouwtje is? Nee, nee en nee. Die vogels staan ook in boekjes en in allerlei apps en het verschil tussen mannen en vrouwen is sowieso niet meer van deze tijd dus dat maakt geen biet uit. Een roodborst is een roodborst, een kokmeeuw een kokmeeuw.
Appeltje eitje dus? Nou niet helemaal. Er zit een adder onder het gras. Valsspelen ligt namelijk op de loer. Zonder dat je er erg in hebt. Het luistert immers nogal nauw hoe en waar precies de vogel wordt waargenomen. Overvliegende vogels? Tellen niet mee. Vogels die met z’n drieën in je tuin zitten, even een ommetje maken en terugkomen met z’n zevenen? Dat zijn er geen tien. Optellen mag niet. En aangezien het de bedoeling is dat je precies een halfuur telt, mag je óók de twintig spreeuwen die zich na 34 minuten op je grasperk storten niet noteren. De zeearend die plots op je schutting neerstrijkt? Overleggen met de buren, opdat-ie niet twee keer in de boeken komt.
En mag je je na een halfuur met recht Een Burgerwetenschapper noemen!
Maar als je je netjes aan het aanvalsplan houdt, staat niets een succesvolle Tuinvogeltelling in de weg. En mag je je na een halfuur met recht Een Burgerwetenschapper noemen! Zonder wie we niet geweten hadden dat mus en koolmees weliswaar al 25 jaar de kopposities bezetten, maar dat de mus slechts in de helft van de tuinen gezien wordt. Dat de groenling zowat uit onze tuinen verdwenen is door een tekort aan struiken en de verspreiding van de ziekte het geel. En dat de halsbandparkiet in Den Haag, Leiden en Haarlem nu zelfs een top 10-hit is.
Met deze kennis kunnen natuurorganisaties en gemeenten weer hun best doen om bepaalde soorten te beschermen en hen een steuntje in de rug te geven. En daar lever jij dan maar mooi je bijdrage aan. Tel ze!
Thema's:
Meer over:
menno bentveldMaandag, woensdag en vrijdag versturen wij je alle informatie uit de radio en tv-uitzending en het laatste internetnieuws.