
Shelfcloud met bliksem
© Janjoost
Het weer - altijd al een favoriet gespreksonderwerp van ons allen - houdt ons wederom bezig. Eerst de hitte en vervolgens zijn het de onweersbuien: de codes rood tot en met geel vliegen ons om de oren. Waarom past zo’n onweersbui nou precies bij dit weer? En: welke optische verschijnselen zijn er te zien in deze tijd van het jaar? Dat vertelt Peter Paul Hattinga Verschure, auteur van ‘Optische Verschijnselen in Nederland’, in Vroege Vogels.
Na een broeierige zomerdag, volgt meer dan eens een onweersbui. En het ontstaan van zo’n bui, dat begint allemaal bij de zon. De zon warmt de grond en daarmee de lucht op die wij voelen. Hoe groter het verschil tussen de warme lucht hier en de koude lucht op kilometers hoogte, hoe sneller de warme lucht stijgt. Maar warmte alleen is niet genoeg voor een onweerswolk: daar zijn ook vocht en een koude lucht hoog in de atmosfeer voor nodig.
Bliksem dat ook bij een onweerswolk kan ontwikkelen, is een weersverschijnsel en geen optisch verschijnsel. Een optisch verschijnsel is bijvoorbeeld een fata morgana. Dit optische verschijnsel is gedurende het hele jaar te zien, maar in de zomer kan het je misschien wel het meest opvallen. Bijvoorbeeld als asfalt opwarmt en we de luchtspiegeling daarboven zien.
Een optisch verschijnsel dat echt in de zomer voorkomt, zijn lichtende nachtwolken. Dit zijn wolken die hoog in de atmosfeer voorkomen, hoger dan waar ons weer voorkomt, op wel 70 of 80 km hoogte. De wolken bestaan uit ijskristallen. Deze wolken worden dan nog net door de zon beschenen. Dat gebeurt niet gedurende de hele nacht, maar je kunt de wolken waarnemen als je ongeveer anderhalf uur vóór zonsopkomst of na zonsondergang naar het noorden of noordoosten kijkt.
Het lijkt erop dat het aantal waarnemingen van dit soort wolken is toegenomen, legt Hattinga Verschure uit, op dit moment wordt dat gewijd aan de toename van het aantal raketlanceringen.

Nachtelijk Oplichtende IJswolken
© Gerrit 1957
Thema's: