
Posbank, Veluwe
© Rob van de Vries
Miljoenen Nederlanders dragen de natuur een warm hart toe. De vier grootste natuurorganisaties tellen samen zo’n 1,7 miljoen leden. Toch blijft de biodiversiteit in ons land achteruitgaan en lijkt een omslag voorlopig niet in zicht. Hoe kan de natuurbeweging meer bereiken?
Peter Kodde is campagnestrateeg en medeoprichter van actiegroep GroenFront en vindt dat natuurclubs iets kunnen leren van boerenprotesten. “Als campagnestrateeg snap ik heel goed waarom ze zo succesvol zijn. En vraag ik me af waarom natuurclubs niet meer leren van de strategie van hun tegenstander. Want hoewel ik het inhoudelijk grondig met ze oneens ben, het boerenverzet werkt tot nu toe. Effectief stikstofbeleid wordt al jaren tegengehouden.” schreef hij kortgeleden in dit artikel op opiniewebsite joop.nl.

Boerenprotest bij Provinciehuis Den Haag
© Roel Wijnants (CC BY-NC 2.0)
Onlangs veranderde het Wereld Natuur Fonds haar communicatiestrategie. Waar voorheen vooral de focus lag op natuurverlies, richt de natuurorganisatie zich nu vooral op natuurherstel. Een boodschap van hoop dus. “Bij natuurbescherming is hoop een proces dat ervoor zorgt dat mensen zich gedurende lange tijd blijven inzetten voor complexe, onzekere uitdagingen”, schrijft het WNF in het jongste Living Planet Report. In Vroege Vogels reageert Annemiek Heuvelmans, hoofd communicatie van het WNF.
Jaap Graveland zit in het landelijk bestuur van de KNNV, een natuurvereniging met zo’n achtduizend leden. Hoewel de organisatie relatief klein is, kan ze volgens hem veel invloed uitoefenen. “We hebben 45 lokale afdelingen. Onze leden zijn actieve vrijwilligers en weten heel goed wat er lokaal speelt in de natuur.” De KNNV werkt ook samen met MOB (Mobilisation for the Environment) van Johan Vollenbroek. Is hij niet bang dat sommige leden die koers te activistisch vinden en hun lidmaatschap opzeggen?
“Ik was ooit voorzitter van de Natuur- en Vogelwerkgroep Krimpenerwaard en op een gegeven moment werden we wat meer activistisch. We lieten zeer duidelijk, met kennis van zaken, van ons horen als de gemeente of agrarische organisaties onjuiste informatie verspreidde over effecten van ons handelen op natuur. Sommigen waren bang dat leden daarom zouden weglopen. Maar het zorgde er alleen maar voor dat we meer leden kregen. En er werd naar ons geluisterd. Je moet het gewoon doen.”
Thema's: