
Als natuurliefhebber kijk ik met afgrijzen naar de acties van boze boeren.
Als boerenzoon snap ik wel waarom ze zo boos zijn.
Als campagnestrateeg snap ik heel goed waarom ze zo succesvol zijn. En vraag ik me af waarom natuurclubs niet meer leren van de strategie van hun tegenstander. Want hoewel ik het inhoudelijk grondig met ze oneens ben, het boerenverzet werkt tot nu toe. Effectief stikstofbeleid wordt al jaren tegengehouden. Ook het voorstel dat het kabinet nu doet is een zwak aftreksel van wat er eigenlijk nodig is. Ik heb de afgelopen 30 jaar alleen geleerd dat gelijk hebben iets heel anders is dan gelijk krijgen.
Hier zijn zeven lessen die natuurclubs zouden kunnen trekken uit het succesvolle boerenverzet.
1. Organiseer je basis
De boerenlobby in mijn jeugd bestond uit vergaderboeren die actief waren binnen LTO (Land- en Tuinbouworganisatie Nederland) of het CDA. De meeste boeren waren behalve hun lidmaatschap niet echt betrokken bij die lobby. Dat is de afgelopen 10 jaar radicaal veranderd. De BBB heeft vanaf het begin af aan gebouwd aan een netwerk van lokale vertegenwoordigers en afdelingen. Er zijn twee actiegroepen bijgekomen: Agractie en FDF (Farmers Defence Force), die hun achterban hebben georganiseerd in ‘trekkergroepen’’. Basisgroepen met een coördinator, een appgroep en het vermogen om zelfstandig acties te organiseren. Of bij te dragen aan grotere landelijke mobilisaties. Die trekkergroepen bestaan overigens niet alleen uit boeren, het zijn vaak ook loonwerkers of andere plattelanders met toegang tot een trekker die eraan meedoen. Het zijn de trekkergroepen die de boerenbeweging macht op straat geeft en in staat stelt disruptieve acties te organiseren.
Natuurorganisaties hebben miljoenen passieve leden, maar er is ook een enorm lokaal netwerk aan lokale natuurclubs die actief betrokken zijn bij natuurbeheer, weidevogelbeheer, natuureducatie en heel soms een klein beetje lokale lobby. Het zijn lokale natuurliefhebbers die hun eigen regio goed kennen, weten wat er gebeurt en lokaal geworteld zijn. En goed in staat zouden zijn om lokale tegenmacht te organiseren. Ik weet dat er heel veel mensen uit dat netwerk woedend zijn over de enorme achteruitgang van de natuur die ze voor hun ogen zien gebeuren. Organiseer ze.
2. Bouw een ecosysteem van verzet
Hoewel de verhoudingen tussen BBB, LTO, Agractie en FDF slecht zijn, weten ze goed gebruik te maken van hun verschillende rollen in de boerenbeweging. Juist doordat ze zo verschillend zijn, vullen ze elkaar goed aan. FDF is een extremistische organisatie die tegenstanders intimideert en radicaal-rechtse taal uitslaat, en ook op het platteland omstreden is. Ze heeft alleen wel het Overton Window enorm opgerekt. Doordat FDF er is, heeft het bestuurlijke LTO een veel radicalere positie in kunnen nemen zonder onredelijk te lijken. Agractie heeft in dat speelveld een beetje een middenpositie. Het FDF claimt dat de trekkergroepen losstaan van de organisatie, en soms acties organiseren waar FDF zich niet publiekelijk aan kan branden. De impact van de radicalere acties op het publieke debat geeft LTO veel speelruimte aan de onderhandelingstafel.
Natuurclubs lijken wat dat betreft allemaal een beetje op elkaar en proberen krampachtig kleurloos te blijven. Gematigd, apolitiek en redelijk. Veel van de grotere natuurorganisaties zijn ook terreinbeheerders, en praten daardoor noodzakelijkerwijs met meel in de mond. Ze hebben relaties te onderhouden met overheden en boeren. Veel niet- 'grondgebonden' organisaties nemen die stijl over. Waarom? De enige uitzondering is MOB (Mobilisation for the Environment) die met juridische procedures als strijdmiddel een veel hardere toon aanslaat, maar echt activistisch is het nog niet. Wat er mist in de natuurbeweging is een onvervalst activistische club die het Overton Window kan opschuiven, en disruptieve acties kan organiseren. De woede over de afbraak in de natuur is er groot genoeg voor.
3. Durf radicaal te zijn
Wat clubs als FDF en Agractie goed snappen is dat radicaal zijn werkt. Radicaal in de zin van radicaal kiezen voor een bepaalde visie op het probleem en een bepaald belang in de oplossing. Ze kiezen voor de klassieke industriële landbouw, een hiërarchische kijk op de verhouding tussen mens en natuur, en op het economisch belang van boeren. Ik ben het daar fundamenteel mee oneens, maar zie wel waarom het ze een voordeel geeft. Ook op het platteland stoot de radicale toon veel mensen af, maar het maakt hun framing erg mediageniek. Het maakt ze voor hun achterban aantrekkelijk, want dit zijn geen clubs die waterige compromissen accepteren. Hun radicaliteit zit ook ergens anders in, en dat zie je ook bij BBB. Ze omarmen alle drie een veel bredere radicaal-rechtse politieke ideologie, en laten zich ook uit over bijvoorbeeld migratie en zien iedereen die links is als vijand.
Waar is de natuurclub die links durft te zijn? Een compromisloos ‘ecologie eerst’-verhaal durft te houden, en daarmee het Overton Window opschuift? Er zijn genoeg individuele natuuractivisten die radicaal zijn, maar ze zijn niet georganiseerd. De natuurclubs hoeven niet allemaal radicaal te zijn, maar voor het bredere ecosysteem van de natuurbeweging is het wel van belang dat iemand het gaat doen.
4. Wees authentiek
Ik heb genoeg aan te merken op de woordvoerders van deze golf aan boerenverzet, maar ze zijn wel authentiek. Ze voeren geen toneelspel op om redelijk te lijken. Ze passen hun kledingstijl niet aan. Ze zijn 'boers'. En dat is wat ze zo aantrekkelijk maakt voor de media.
Het barst in de natuurbeweging van authentieke karakters van wie je op mijlen afstand ziet dat het natuurmensen zijn. Geef ze een podium.
5. Emoties boven feiten
Ja, de boerenbeweging communiceert ook met feiten, maar meestal met emotie. Het gaat om boze boeren die hun manier van leven bedreigd zien. Familiebedrijven waarin de opvolging naar een volgende generatie onzeker is geworden. De romantiek van het boerenbestaan. En het onderliggende gevoel van autonomie op eigen erf. De communicatie uit de boerenbeweging druipt van de emotie. En dat is waarom het werkt, want mensen zijn geen rationele wezens. We worden gedreven door emotie, en we accepteren feiten makkelijker wanneer ze ons gevoel bevestigen.
Veel natuurliefhebbers zijn rationele mensen die van feitjes houden. Veel pleitbezorgers voor de natuur komen uit de academische wereld. Ik hoor veel verhalen over stikstof, depositiewaardes, biodiversiteit, natuurwaardes, EU-regels. En te weinig over de emotie daaronder. Dat verhaal over die 80-jarige vogelteller die al sinds zijn jeugd weidevogels telt in zijn eigen gebied, en nu in diepe rouw is omdat er nul weidevogels over zijn. En hij weet dat dit voor zijn dood niet meer terug zal komen. Over hoe schitterend een gezond natuurgebied kan zijn. De woede over heidevelden vol met gras en bramen. En de diepe verbinding met het oer-Hollands landschap. Ja, feiten doen ertoe, maar zonder emotie landen ze niet bij je publiek.
6. Bouw aan macht
Waarom zijn trekker blokkades effectief? Omdat ze uitgaan van de eeuwenoude activistische logica dat een effectieve actie je een onderhandelingspositie verschaft. Je actie pakt iets af van je tegenstander die deze nodig heeft, of onthoudt je tegenstander van iets dat deze nodig heeft. Effectief protest gaat niet alleen over het ‘overbrengen van een boodschap’. Het is een machtsmiddel. Staken is effectiever dan vriendelijk aan je baas vragen of deze je een hoger loon geeft. Een boycot is effectiever dan met een protestbordje voor de fabriek staan die afvalwater dumpt op de rivier. Dus ja, ik snap boeren wel die snelwegen blokkeren en niet alleen met een spandoek op het Malieveld gaan staan. Het zijn overigens acties die - mits geweldloos- ook beschermd zijn door het demonstratierecht.
De vraag is, wat de natuurbeweging daar tegenover kan zetten. Welke machtsmiddelen heeft ze waarmee ze een onderhandelingspositie afdwingt. Nu heeft ze alleen argumenten en publieke steun om mee te onderhandelen. En dankzij MOB besluiten van de rechtbank. Dat is alleen een broos machtsmiddel. Gerechtelijke uitspraken zijn gebaseerd op door de politiek gemaakte wetten die elk moment kunnen veranderen. En meer en meer lapt de overheid juridische uitspraken aan haar laars. Rechtszaken, onderzoek en publieke steun zijn overduidelijk niet voldoende om beter natuurbeleid af te dwingen. Dat heeft de afgelopen twintig jaar aan achteruitgang wel duidelijk gemaakt. Welk machtsmiddel kan de natuurbeweging ontwikkelen om wel een onderhandelingspositie te hebben? Wat is de stakingsdreiging van de natuur? Een boycot van de agrarische multinationals die blijven lobbyen tegen het stikstofbeleid? Het blokkeren van de veevoer terminals in havens van Rotterdam en Amsterdam?
7. Activistische Agrariërs zijn steeds hardere acties gaan voeren sinds 2019
Een deur inrijden van een provinciehuis, asbest dumpen en tegenstanders intimideren, je maakt je er niet populair mee. En je zou verwachten dat een minderheidsgroep in de samenleving, slechts 0,06% van de bevolking is boer, publieke steun nodig heeft. Dat groepen als FDF daarmee wegkomen is opmerkelijk. En niet vanzelfsprekend. De verontwaardiging over dit type acties is groot. Ook op het platteland. Waar het aan ontbreekt, is een georganiseerde inzet om FDF daar de rekening voor te laten betalen. Er wordt geen druk gezet op het OM en de politie om deze terreurboeren harder aan te pakken. Er wordt geen druk gezet op andere boerenorganisaties om publiekelijk afstand te nemen van FDF. En er wordt geen druk gezet op de sponsors van FDF.