
Parende zweefvliegen
© Fotograaf ikjelle
Het gaat slecht met bestuivende insecten in Nederland. Daarom is deze week een grootschalig landelijk onderzoek naar bijen en zweefvliegen van start gegaan. Tot en met 2030 worden hun aantallen in heel Nederland systematisch gevolgd, van natuurgebieden tot landbouwpercelen. In Vroege Vogels is een van de onderzoekers te gast: Theo Zeegers van EIS Kenniscentrum Insecten.
Het ministerie van LVVN gaf vorig jaar al opdracht voor een eerste landelijke monitoringspilot van wilde bijen en zweefvliegen. Op 150 locaties, verspreid over het hele land, brengen onderzoekers vijf keer per meetperiode in kaart welke soorten aanwezig zijn en in welke aantallen. Het onderzoek wordt uitgevoerd door EIS Kenniscentrum Insecten.
Aanleiding voor het onderzoek zijn verschillende ontwikkelingen. Zo werd in juni 2024 de Europese Natuurherstelverordening aangenomen, die landen verplicht om natuur te herstellen, ook buiten Natura 2000-gebieden. In artikel 10 van die verordening staan specifieke doelen voor het behoud en de verbetering van bestuivers. Daarnaast sluit het onderzoek aan bij de adviezen van de Nationale Bijenstrategie en de motie-Vestering.

© Douwe Schut
Bestuivende insecten zijn van cruciaal belang voor biodiversiteit én voedselproductie. Toch nemen hun aantallen al jaren af. Het doel van dit landelijke onderzoek is om uiterlijk in 2030 een statistisch betrouwbare trend te kunnen vaststellen voor zoveel mogelijk soorten bijen en zweefvliegen. Alleen met goede en langjarige metingen is vast te stellen of de Europese doelstelling wordt gehaald: het stoppen van de achteruitgang van bestuivers in 2030.
Dat die monitoring hard nodig is, blijkt uit eerder onderzoek. Zo liet EIS Kenniscentrum Insecten in 2021 zien dat het bijzonder slecht gaat met zweefvliegen op de Veluwe. In vergelijking met veertig jaar geleden werden er gemiddeld 80 procent minder zweefvliegen geteld, en werden 44 procent minder soorten gevonden.

Witte halvemaanzweefvlieg
© Dirk Slijkhuis
Zweefvliegen worden ook wel de ‘schapen in wolfskleren’ van de insectenwereld genoemd. Ze lijken sterk op bijen of wespen om roofdieren af te schrikken, maar kunnen niet steken. Je herkent ze onder meer aan hun korte antennes. Net als bijen zijn zweefvliegen belangrijke bestuivers, en veel soorten helpen bovendien bij de natuurlijke bestrijding van plaaginsecten.
Nederland telt momenteel ongeveer 280 soorten zweefvliegen. In 2024 verscheen voor het eerst een Rode Lijst voor deze groep. Daarop staat maar liefst 48 procent van de soorten. Dat betekent dat het met bijna de helft van de Nederlandse zweefvliegen niet goed gaat.
Maandag, woensdag en vrijdag versturen wij je alle informatie uit de radio en tv-uitzending en het laatste internetnieuws.