
Sport 7 moest dé grote sportzender van Nederland worden, maar na vier maanden ging de stekker er al uit.
Augustus 2016
Het is slechts een kwalificatiewedstrijd tegen destijds derderangs profs. Echt spannend valt de wedstrijd Nederland – Wales op 9 november 1996 dan ook niet te noemen, al duurt het nog 22 minuten voordat het eerste doelpunt (Dennis Bergkamp, in de rebound) valt. En er volgen er nog zes namens Oranje, tegen één van Wales. Maar achter de schermen is deze wedstrijd misschien wel het spannendste duel uit de geschiedenis van de Nederlandse televisie – in ieder geval voor de mensen die de uitzending mogelijk maken.
Sport 7, de zender die drie maanden daarvoor is begonnen met uitzenden, wil bij deze wedstrijd afrekenen met maandenlang slechte pr. Want de zender zou het voetbal van Nederland hebben afgepakt, ons bord-opschoot-gevoel. Het is het verhaal grootkapitaal tegen de publieke omroep. De machtige mannen van de KNVB tegen de supporters.
‘Sport 7 rot op’ ziet een medewerker van de zender op een spandoek in een stadion. Om dat tij te keren, besluit Sport 7 in de aanloop naar Nederland – Wales alles uit de kast te halen. Het draaiboek dat de NOS gebruikt bij dergelijke wedstrijden, gebruikt Sport 7 die avond ook. Alles om te laten zien dat ze vergelijkingen met de NOS aankunnen.
In het Philips Stadion in Eindhoven, waar de wedstrijd wordt gespeeld, schalt de speaker. ‘Deze wedstrijd kunt u natuurlijk ook volgen bij Sport 7!’ Het publiek joelt. Boeoeoeoe! Het hele stadion keert zich tegen de zender die de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond zélf mede opstartte. In de ruimte van Sport 7 in het stadion, proberen medewerkers zich zo goed en kwaad als het gaat van het gejoel af te sluiten, maar leuk is het allerminst. De wedstrijd die voor Sport 7 alles ten goede moest keren, draait uit op een ramp – nog vóór de wedstrijd is begonnen.
Tussen het joelende publiek zit ook Jan Timmer, de president-commissaris van Philips, sponsor/naamgever van het stadion en aandeelhouder van Sport 7. Ook hij hoort het gejoel en weet: die andere wedstrijd, van Sport 7 tegen de publieke opinie, valt niet meer te winnen. De stekker moet eruit. Timmer heeft overtuigingskracht, dat ziet heel Nederland tijdens zijn mediaoptredens. Maar hij moet nog wel iemand overtuigen die óók deze eigenschap bezit, en bovendien helemaal niet aan stoppen wil denken: oprichter en aandeelhouder John de Mol.
De Mol is al zijn hele leven voetbalgek. Als tiener wil hij profvoetballer worden, na zijn havo-examen. Aan zijn winnaarsmentaliteit ligt het in ieder geval niet.
‘Op het moment dat ik naar de bal ging en de ander ook, was het bikkelhard: hij of ik. En dan bestond er voor mij geen grens, dan haalde ik door,’ zegt De Mol jaren later tegen Ischa Meijer. Als blijkt dat zijn talent niet toereikend is voor een voetbalcarrière, besluit hij freelance tv-producent te worden. De winnaarsmentaliteit van De Mol blijkt ook bij de productie van tv-programma’s zeer effectief.
Na zestien jaar tv-producties (Showbizzquiz , Medisch Centrum West), een fusie (met Joop van den Ende tot Endemol) komt er in 1995 voor De Mol een nieuwe kans om zich met profvoetbal bezig te houden – ditmaal niet als voetballer, maar als producent van de uitzendingen van de Eredivisie. Het contract tussen de KNVB en NOS over de uitzending van competitie- en bekervoetbal loopt het jaar erop namelijk af en dat biedt kansen om de markt open te breken – ook voor de KNVB, want met de komst van commerciële televisie wordt de KNVB niet meer automatisch in de richting van de NOS geduwd. De voetbalbond stelt een club mannen samen die de verkoop van de beeldrechten in goede banen moet leiden. Een van die mannen is KNVB-manager Arie van Eijden.
Van Eijden had een lange geschiedenis bij Ajax. Zeven jaar was hij er vicevoorzitter. Maar na een zwart-geld-onderzoek van de FIOD werd Van Eijden geroyeerd. ‘Ook in mijn periode bij de KNVB bleef mijn Ajax-hart natuurlijk kloppen,’ zegt hij nu. Later zou Van Eijden nog terugkeren bij de Amsterdamse club – maar zover is het dan nog lang niet.
Endemol heeft in aan het begin van 1995 een kleine sportafdeling. Jos Kuijer is één van de drie medewerkers van dat team. Kuijer en De Mol kenden elkaar nog van het voetbalveld; ze hadden als tiener samen gevoetbald bij H.V.V. ’t Gooi in Hilversum – met John de Mol sr. Als voorzitter van de club. ‘John had een grote liefde voor voetbal, hij keek ook veel voetbal. Later had die belangstelling natuurlijk ook te maken met de zakelijke mogelijkheden van de sport.’
Al snel zijn de ambities bij Endemol groter dan de productie van de voetbalbeelden alleen. Kuijer: ‘Ik merkte wel dat de heren aan de top wat ongeduldig werden. De KNVB bleef te lang met de licenties goochelen. Toen ontstond het plan voor een zender. Uit ongeduld dus, en een klein beetje uit ondernemerschap van John de Mol en Joop van den Ende.’
Van Eijden: ‘John de Mol meldde zich in eerste instantie bij KNVB-voorzitter Jos Staatsen en directeur betaald voetbal Peter Vogelzang. Hij deed een interessant aanbod.’
Op 16 december schrijft Endemol officieel in op de voetbalrechten, zoals verwacht. Maar het bedrijf biedt niet alleen op het recht om de wedstrijden te kunnen registreren. Endemol wil ook zelf uitzenden. En het Endemol-bod ligt 30 procent hoger dan alle biedingen van de concurrerende zendgemachtigden bij elkaar. Alles blijft geheim, de bieders zijn door de KNVB tot geheimhouding verplicht.
De eerste gesprekken tussen Endemol en de KNVB vinden plaats aan het begin van 1996, in de keuken van Joop van den Ende in Blaricum. Op dat moment is (naast de KNVB) KPN ook al geïnteresseerd (KPN-topman Ben Verwaayen zit bij de Van den Ende-gesprekken). Ook aan de keukentafel: Willem van Kooten (John de Mol begon zijn carrière in de media als technicus bij de oud-dj), Ruud Hendriks (hij zou later de eerste directeur van de zender Sport 7 worden) en De Telegraaf. Het dagblad zou pas later instappen als aandeelhouder. ‘In die keuken is het hele idee in eerste instantie uitgewerkt,’ zegt Van Eijden. ‘Vervolgens heb ik heel wat keren tot diep in de nacht bij John de Mol thuis in Oud-Valkeveen allerlei zaken verder ontwikkeld.’ Timmer: ‘John de Mol benaderde mij. We hebben bij hem thuis in Oud-Valkeveen een aantal gesprekken gevoerd. Ik vond het een goed initiatief en voor Philips was het een heel aantrekkelijk project.’
Terwijl bij De Mol thuis de contouren van een Nederlandse sportzender duidelijk worden, begint de NOS nietsvermoedend de gesprekken met de KNVB om vanaf de zomer van 1996 óók voetbal op tv te brengen. Jan de Jong, nu NOS-directeur maar destijds medeverantwoordelijk voor de sportrechten van de NOS, herinnert zich de vergaderingen met de KNVB. ‘We merkten bij die club de drang om grootschalig te vernieuwen. Ze waren op zoek naar veel meer geld maar ook echt naar promotie. Naar het verkopen van voetbal.’
Die houding strookt niet met de beginselen van de NOS; de verslaggevers willen zelf de regie houden over het commentaar, de regie en de vragen die een verslaggever ter plaatse kan stellen. ‘Soms proef je in onderhandelingen dat jouw verhaal niet landt,’ aldus De Jong. ‘Wij konden dat op dat moment niet duiden. Wij wilden het voetbal beter gaan registreren, met meer camera’s, eigentijdser. Maar er was geen connectie. We dachten dat het knappe onderhandelaars waren, om ons in onzekerheid te laten.’
Endemol heeft op meerdere vlakken het beste aanbod. Niet alleen is er geld en een lange adem, Endemol wil de registratie van voetbalwedstrijden ook echt naar een hoger plan tillen, precies in de geest van de KNVB. Want hun plan betekent niet: nog een camera erbij. Of een extra verslaggever. Om te laten zien hoe het ook kan, reist Endemol met enkele KNVB-lieden af naar Amerika. De delegatie bezoekt basketbal- en honkbalwedstrijden en ziet hoe Amerikaanse tv-makers dáár te werk gaan, met cijfers en graphics in beeld. Die kant moet het op, aldus Endemol. De Jong: ‘Wij leefden in de veronderstelling dat Endemol in Amerika de productie probeerde binnen te halen. Dat ze wilden laten zien hoe daar sport in beeld wordt gebracht.’ Met de hete adem van Endemol in z’n nek, pakt de NOS twee dagen vóór de deadline van de bieding uit met de kwalificatiewedstrijd Ierland – Nederland. ‘Maar er kwam weinig enthousiasme terug.’
Het consortium waarmee Endemol de markt wil openbreken krijgt inmiddels steeds meer vorm. Op het nippertje stapt energiebedrijf Nuon nog voor 7,7 miljoen gulden in. ‘Een hele eer,’ en ‘een buitenkansje’ zegt de directeur. De KNVB krijgt gratis 10 procent van de aandelen in het avontuur dat op het punt staat te beginnen.
Het consortium dat wint, betaalt de eerste vier jaar 130 miljoen gulden voor de beeldrechten, de laatste drie jaar 150 miljoen. De deal geldt voor zeven jaar, er is ruim een miljard gulden mee gemoeid. De zender die wordt opgericht, zal inkomsten halen uit advertenties. De kijkers zelf gaan ook voor de zender betalen: twee gulden per maand. Het bedrag zal via de kabelaars aan de kijker worden doorberekend. Met dit plan mag Endemol en de rest van het consortium het doen, vindt de KNVB.
Er is nog één kwestie te slechten: de voetbalclubs.
1995 is een extreem succesjaar voor Ajax. Het jaar ervoor won de club de wereldbeker en voor de tweede keer op rij staat de club in de finale van de Champions League. Ajax bouwt een nieuw stadion, de ArenA. Drijvende kracht achter de bouw ervan is Ajax-bestuurslid Uri Coronel. Enkele weken voor zijn dood blikt hij terug: ‘Op 9 november 1995 kregen wij een telefoontje van Arie: luister eens, er is een vergadering geweest, we gaan iets heel nieuws doen. De volgende dag zou er een meeting zijn,’ aldus Coronel.
Een meeting die legendarisch zou worden.
In de ochtend komen de clubs bijeen in Hotel Restaurant Oud London in Zeist, vlakbij de KNVB. Coronel: ‘Wij kwamen daar als topclub in een meeting met NAC, Willem II en Utrecht. En we hoorden dat alles al rond was.’ Van Eijden: ‘De clubbesturen voelden zich wellicht overdonderd maar het kon niet anders. Die onderhandelingen moesten wel in het geniep gebeuren omdat de inschrijving nog plaats moest vinden.’
Een belangrijk twistpunt: de verdeling van de opbrengst onder de clubs. Coronel: ‘Wij zouden drie miljoen gulden per jaar krijgen, net als alle andere clubs. De opbrengsten zouden gelijk worden verdeeld – op het hoogtepunt van onze populariteit! Wij voelden ons toen al gepiepeld.’ Die drie-miljoengulden-per-club gaat dezelfde avond ook over de tong in de media. Van Eijden: ‘Maar er is nooit sprake geweest van het gelijkelijk verdelen van de inkomsten over de clubs. Sterker nog: we hebben nooit over een verdeelsleutel gesproken, zover is het nooit gekomen. Hoe het geld verdeeld zou worden, was een zaak van de clubs.’
Jan Timmer: ‘Dat de grote clubs al direct te hoop liepen tegen de gelijkelijke verdeling van de gelden, was op niets gebaseerd. In Groot-Brittannië krijgt Swansea toch ook niet hetzelfde als Manchester United? We waren helemaal niet aan die verdeling toegekomen. Als de grote clubs zich overvallen voelden door de KNVB, dan is er binnen die KNVB kennelijk slecht gecommuniceerd. En dat draagt natuurlijk niet bij aan een goede afloop van zo’n project.’
En er speelt nog iets: Feyenoord wil de tv-rechten zelf uitbaten. Volgens clubvoorzitter Jorien van den Herik liggen de rechten van de thuiswedstrijden bij de clubs en niet bij de KNVB. De KNVB hééft helemaal niets te verkopen aan een consortium met plannen voor een eigen tv-zender. Van Eijden: ‘De clubs waren bang dat ze de regie zouden verliezen. Daar ligt de basis van het mislukken van de sportzender.’ Coronel: ‘We voelden wel iets voor het standpunt van Van den Herik, want we konden het ook zelf doen. Maar we voelden ons ook gepiepeld.’ Nou ja, de handtekeningen tussen de KNVB en Endemol waren gezet. En dus volgt er gewoon een persconferentie – een bijeenkomst met grootse woorden.
‘Wij gaan iets nieuws doen,’ aldus KNVB-voorzitter Jos Staatsen. Openingswoorden die eindeloos zijn herhaald; het is het ‘it giet oan’ van Sport 7. Van Eijden: ‘Dat had Staatsen nooit mogen zeggen. We hadden hem in een generale repetitie voorafgaand aan de persconferentie nog op het hart gedrukt: “Jos, de KNVB gaat niets dóen, we verkopen alleen de rechten aan een externe partij.” ’
Die groteske zin (en bijbehorend verwachtingspatroon) van Staatsen is niet het enige probleem dat bij de persconferentie ontstaat. Er staan namelijk ook camera’s van de NOS – vanzelfsprekend, bij belangrijk nieuws. Aan de zijkant van het podium staat een NOS-camera die (per ongeluk) de papieren op tafel filmt. Een detail dat de oprichters van de zender nog duur zal uitvallen. Maar daar komen de makers pas na een paar maanden achter.
Diezelfde middag wordt in Hilversum een crisisberaad belegd tussen alle partijen die wel geld boden voor de rechten, maar deze niet kregen: Canal +, RTL, SBS en NOS. De Jong: ‘Bij die vergadering merkte ik verdriet, boosheid en strijdvaardigheid. Een heel explosieve mix. Bij Kees Jansma zat ongelofelijk veel verdriet, dat zich heel snel in kwaadheid omzette.’ Diezelfde middag analyseert een topambtenaar van het Ministerie van OCW waar het fout zal gaan: het doorberekenen van een extra bedrag van twee gulden aan de consument is niet afgesproken met de kabelaars. De Jong: ‘De financiële pijler onder Sport 7 werd binnen anderhalf uur blootgelegd. Ik zag tijdens die vergadering de sfeer kantelen: van verslagenheid naar strijdlust. We zagen dat het financiële plan niet klopte, maar dat gebruikten we niet. Zoiets kun je niet communiceren. Het juridische deel konden we wel gebruiken. De zender bestond immers nog niet op de kabel, en werd niet gratis.’ Dat wordt de boodschap van de NOS: het voetbal is niet meer door en voor iedereen. De NOVA-uitzending van die avond, met drie mediawoordvoerders uit de Tweede Kamer, met NOS-voorzitter André van der Louw ziet eruit als één pleidooi tegen de KNVB-plannen. Van Praag: ‘Toen bleek dat het met de kabelaars nog niet geregeld was, zat ik al in mijn handen te wrijven. Van: let op, dat gaat niet goed! De kabelaars hadden ineens een machtspositie.’
Van Eijden: ‘De media, en dan met name de NOS, stookten het vuurtje van gratis-met-het-bord-op-schoot-om zeven-uur lekker op. De kijker betaalde z’n hele leven al voor televisie via de kijkgelden, maar dat werd nooit zo uitgelegd. Dus toen de zender twee gulden vroeg voor de voetbalwedstrijden was het land te klein.’ Daarmee is het strijdplan nog niet helemaal uitgewerkt: allereerst gaat de NOS langs bij de clubs, om uit te leggen wat hún aanbod was. En NOS-voorzitter André van der Louw pakt de telefoon. ‘En toen begon de politieke connectie tussen Van der Louw en Wim Kok,’ aldus De Jong.
En inderdaad, drie dagen na de persconferentie zit de top van de nieuwe sportzender in Den Haag. Van Eijden: ‘Er kwam heel veel tegengas vanuit de politiek. Er is toen een delegatie naar Wim Kok gegaan om eens uit te leggen wat we nu eigenlijk aan het doen waren. Dat leverde niets op: iedereen deed z’n plas en het bleef zoals het was.’
‘Dat contact kan niet anders dan van informatieve aard zijn geweest,’ zegt de voormalig premier er nu zelf over. Wim Kok: ‘De verantwoordelijke bewindspersoon op dit terrein heeft in die tijd de relevante gesprekken gevoerd en afwegingen gemaakt en het contact met mij is hooguit van oriënterende aard geweest, vanuit de bedoeling om mij op de hoogte te brengen van de stand van zaken op dat moment. Ik krijg de indruk dat men aan het gesprek met mij twintig jaar later een wat zwaarder gewicht toekent dan wat ik mij er fragmentarisch van herinner.’
Die week zet de NOS nog een middel in om het fundament onder de zender weg te slaan. De Jong: ‘Wij kochten die week wat sportrechten betreft alles wat los en vast zat. Endemol wilde een sportzender opzetten, maar alle andere contracten gingen naar ons. Omdat zij een sportzender wilden zijn, met niet alleen voetbal, móesten ze met ons praten. We onderhandelden ook met al onze presentatoren – uiteindelijk bleven ze allemaal bij de NOS.’ Toenmalig NOS-anchor Mart Smeets: ‘Kees Jansma heeft iedereen direct na de lancering van de zender bijeengeroepen en daar duidelijk gemaakt wat hij vond: “Als je gelooft in je product, ga je dóór. Het publiek staat achter ons, we blijven de samenvattingen uitzenden en gaan nog meer dan we al deden ons best doen om nog betere programma’s te maken.” Toen ontstond er bij iedereen een gevoel van: oké, we blijven hier zodat we de slag winnen. Niemand van de aansprekende mensen is gegaan. Ik ervoer dat gevoel van eenheid als een van de sterkste momenten bij de NOS uit heel mijn loopbaan.’ En zo moesten Wilfred Genee en Koos Postema concurreren met Mart Smeets, Tom Egbers en Kees Jansma.
Er is dan nog geen naam voor de zender. Sport TV, Sportnet, Sportkanaal, TV Sport Telesport zijn dan al afgevallen. Terwijl de KNVB-top en Endemol hardop doordenkt over de toekomst van de zender, zijn de clubs zelf officieel nog helemaal niet akkoord.
Michael van Praag, dan Ajax-voorzitter, wil op de algemene KNVB-vergadering op 22 februari in hotel Tulip Inn in Amersfoort de tegenstand bundelen. ‘Het bestuur van de KNVB zat daar: Peter Groenenboom en Jos Staatsen,’ zegt Van Praag nu. ‘Groenenboom was een beetje een lobbesachtige figuur, maar Staatsen was gauw op z’n pik getrapt. Hij kon woedend worden als je iets verkeerds zei.’
‘Wij hikten er tegenaan dat mensen moesten betalen voor de zender,’ vervolgt Van Praag. ‘Het zou volgens Groenenboom slechts de prijs van een zakje patat per maand kosten. De denigrerende manier waarop hij dat zei, viel bij mij heel verkeerd. Hij vroeg zich af waar ik me druk over maakte. Bovendien déden ze wel alsof ze alles met de kabelaars hadden geregeld – zij zouden aandeelhouder worden – maar tussen neus en lippen door bleek dat dat helemaal niet zo wás. Die kabelaars wisten nog van niks! Dat was voor ons uiteindelijk de reden om tegen te stemmen, want wij hamerden echt op de landelijke dekking van de zender. Daarin stonden de grote clubs alleen, de meeste andere voetbalclubs keken toen niet verder dan hun omheining. Voetbal is local business, behalve voor Ajax, Feyenoord en PSV. Onze supporters zitten door het hele land, dus wij waren geïnteresseerd in het aantal mensen dat naar de zender kon kijken.’
Coronel was ook bij die vergadering aanwezig: ‘We waren met een grote afvaardiging afgereisd, maar Feyenoord was met een nóg grotere delegatie. Van den Herik was héél fel. Hij vond het een schandaal dat over de rug van Feyenoord de rechten werden verkocht. Hij is iemand die geen blad voor de mond neemt. Van den Herik vond ons ook wel watjes, hoor. Als hij z’n zin had gekregen, was het misschien bij de rechter uitgevochten. Maar je moet natuurlijk ook rekening houden met je imago.’
Dat PSV zich als enige grote club op de vlakte hield, had met de hoofdsponsor te maken. Van Praag: ‘Wij hadden toen al het PAF-overleg, het overleg tussen PSV, Ajax en Feyenoord. We waren met z’n drieën tegen de komst van de zender, de rest van de clubs was vóór. Die drie miljoen per jaar was voor die clubs een enorme vooruitgang.’ Toch stemde PSV uiteindelijk ook vóór het nieuwe plan.
Van Praag: ‘Bill Maeyer van PSV kwam na de stemming op mij af: “Michael, je begrijpt toch ook dat ik hartstikke tegen ben? Maar ja, Philips zit erin. Dus ik moet wel voor stemmen!” Philips was aandeelhouder van het consortium. Ik was echt teleurgesteld in PSV.’
De handtekeningen tussen het consortium en de KNVB zijn ook allang getekend. Uiteindelijk stemmen alleen Ajax, Feyenoord, Cambuur (rond Leeuwarden is dan de tv-kabel nog niet ingeburgerd) en Dordrecht’90 tegen. Overigens zijn de plannen grootser dan één sportzender. Richting het Commissariaat voor de Media gaat dan ook een verzoek uit voor een extra abonneekanaal (één kanaal zou weleens niet genoeg kunnen zijn voor al die wedstrijden) en een radiozender, helemaal op sport gericht.
Terwijl de NOS dagelijks contact heeft met de grote clubs om te redden wat er te redden valt, begint Endemol Sport met de invulling van de inhoudelijke kant van de zender. Jos Kuijer herinnert zich: ‘We zijn toen maar een plan gaan verzinnen. Het was leuk hoor, wij waren ook hartstikke enthousiast, maar ik zag ook onmiddellijk de omvang van die operatie. De kennis over hoe je zo’n zender opbouwt had natuurlijk niemand in Nederland – ons land kénde geen sportzender. Ik moest een team formeren, maar ik wist helemaal niet welke uitzendingen we gingen maken. We schreven plannen terwijl de contracten voor uitzendlicenties voor andere sporten en met presentatoren nog getekend moesten worden. Daar heeft iedereen zich zwaar aan vertild.’
Binnen een maand of vier, vijf zitten er 180 mensen bij Endemol Sport. Kuijer: ‘We haalden de mensen binnen met de mededeling: de bv Nederland staat hierachter. En dat wás ook zo, er was een geld! Alle hypotheken werden nog even met tien procent opgehoogd. Iedereen dacht: mijn kostje is gekocht.’
Het kantoor van John de Mol is in deze periode iedere zaterdagochtend vanaf tien uur het Sport 7-hoofdkwartier. Naast De Mol en Kuijer zitten ook Ruud Hendriks (directeur van de zender) Willem van den Berg (Endemol Sport, later programmadirecteur Sport 7), en Sjaak Vreeburg (techniek, organisatie, facilitaire zaken) de vergadering bij. Het worden ochtenden waar zéér stevig werd gerookt. Kuijer: ‘Grote bergen met sigaretten werden daar gevormd door ons. Vreselijk! Ruud Hendriks en Sjaak Vreeburg rookten als enigen niet. Hendriks was na anderhalf uur vertrokken daar. Hij had z’n zenderzaken dan geregeld en wilde snel weg.’
De eerste programmaplannen: er moet een sportcafé komen. En nieuws. En een bord-op-schoot-programma, op zondagavond. ‘Toen pas zagen we de omvang van het project,’ zegt Kuijer. ‘Er was geen content, dat moest nog even snel worden bedacht of aangekocht. In de wanhoop hebben we misschien nog wel gepoogd om de voetbalrechten voor de Nigeriaanse competitie te krijgen.’
Tijdens die zaterdagochtendsessies werden ook hardop twijfels geuit. Was dit plan wel uitvoerbaar binnen zo’n korte tijd? Kuijer: ‘Ik denk dat iedereen in dat kantoor kritiek heeft geuit over de haalbaarheid. Maar… – hoe zeg ik dit netjes? – over het algemeen is het niet gebruikelijk om heel veel kritiek te hebben op John de Mol. Je kan een paar keer proberen kritiek te uiten, maar op een gegeven moment moet het gewoon maar. Ik zei soms: “We moeten een programmaleider hebben. Iemand die keuzes maakt, iemand die gaat inkopen!” Maar dan hoorde ik: “Dat staat voor volgende week op de agenda.” Ze waren bijzonder druk met zenderpakketten en promo’s en leaders. Die promo’s werden dan in Amerika gemaakt. Ja, dát zag er dan wel mooi gelikt uit.’
Tim Boersma, woordvoerder van de zender: ‘Voor het logo was volgens mij meer dan vierhonderdduizend gulden betaald bij een Amerikaans bedrijf. Dat was echt het beste van het beste, met mooie visuals. Maar binnen een maand zagen we exact hetzelfde logo bij een Australische zender! Exact hetzelfde.’
Op een persconferentie op 4 april in de Amsterdam ArenA (dan in aanbouw) presenteert Hendriks de zender, die Sport 7 gaat heten, aan de pers. De directeur vergelijkt tijdens de presentatie een voetbal met een Scud-raket, de raketten die Irak tijdens de Eerste Golfoorlog afvuurt op Israël en Saudi-Arabië. Een GPD-journalist tekent op: ‘Met behulp van cirkeltjes en lijnen in beeld worden in herhalingen situaties exact weergegeven, zoals tijdens de Golfoorlog de ontwikkelingen op het slagveld in beeld werden gebracht.’ ‘De grootse aankondiging was niet mijn stijl, en dat zei ik ook wel,’ zegt Kuijer nu. ‘Begín nou maar eerst eens. Maar goed, dat moest dan voor de adverteerder.’
Er wordt tijdens de presentatie ook een eerste Grote Naam gepresenteerd die de programma’s voor de zender zal presenteren: Koos Postema. ‘Ik werd benaderd door Joop van den Ende die me een contract van drie jaar bood om een van de gezichten van de zender te worden,’ zegt Postema nu. ‘Het leek mij wel aardig. Ik was toen 64 en dacht, waarom niet? Ik doe het drie jaar en dan is het mooi geweest.’
Voor de werving van ander personeel worden vooral medewerkers van de sportredactie van RTL gerekruteerd – de sportafdeling daar is dan bijna alle uitzendlicenties kwijt, dus vertrekken de sportmedewerkers graag naar een nieuw project. En zo krijgt Postema er een nieuwe presentator-collega bij: Marleen Houter. ‘De sportredactie bij RTL was al behoorlijk uitgekleed. Toen ik werd gevraagd, zou ik samen met Koos Postema de grote voetbalavonden presenteren. Dat leek mij wel uitdagend, ik kende Koos niet – ik kende hem alleen als fenomeen. Toen ik begon, was de sfeer heel goed, we dachten: we gaan het doen.’
Na de introductie van de naam Sport 7 haalt nog een juridische kwestie de krant: een televisiedominee had net de zender Euro 7 overgenomen en claimt exclusief het cijfer 7 in de naam. Het merk Euro 7 was in 1994 al gedeponeerd. ‘De naam is verwarrend voor Euro 7,’ aldus de dominee. In het consortium wordt ook nog een kleine wijziging doorgevoerd: De Telegraaf wil graag meedoen, als mediaorganisatie, en koopt de aandelen van Van Kooten op voor 7 miljoen gulden – twee miljoen méér dan Van Kooten heeft betaald.
Langzaam worden de contouren van de programmering en de makers ervan duidelijk. Sportcafé (zoals het programma zal gaan heten) zal geproduceerd worden door John de Mol Producties, óók nog een bedrijf van John de Mol. En zo zal De Mol dus als concurrent van zichzelf (met twee toeleveranciersbedrijven: Endemol en John de Mol Producties) én klant (als aandeelhouder van Sport 7) aan het project meedoen.
De Mol zelf is niet de enige met dubbelrol in de aanloop naar de zender. Vanuit productiemaatschappij Van den Ende komt Hennie van Hoogenvest om het project operationeel te begeleiden. Hij is in dienst van Endemol, maar deels ook uitgeleend aan Sport 7. ‘In de ochtend zat ik te overleggen bij Endemol, soms met John erbij. Dan zaten we daar allemaal productieplannen te maken, en dan ging ik ’s middags naar Sport 7 om die plannen te verkopen bij het bedrijf waaraan ik zelf uitgeleend was. Die dubbele pet was natuurlijk wel bijzonder ja. Er was een groter team dat besliste over die plannen, maar we verkochten onze programma’s natuurlijk niet met een korting van dertig procent aan Sport 7.’
De sportzomer van 1996 breekt aan, en Nederland is overal bij betrokken. De Tour de France (drie etappezeges voor Nederlanders) start in Den Bosch, Nederland haalt de kwartfinales van het EK in Engeland en op de Olympische Spelen in Atlanta haalt Nederland drie keer goud: voor de heren volleyballers, hockeyers en acht-man-roeiploeg. En voor Bart Brentjes, de mountainbiker.
Toch zien Nederlandse kabelaars een echte Nederlandse sportzender (waarvoor de kijker twee gulden per maand betaalt) niet zitten. Sport 7 probeert wel met Vecai (de koepel van kabelexploitanten) een deal te maken. Dat lukt, maar de zender moet ook met alle afzonderlijke kabelexploitanten afspraken maken – een enorme tijdrovende klus, waarmee de lokale politiek zich via programmaraden bemoeit. Gemeenteraden met PvdA- en CDA-lieden, van oudsher voorstanders van een sterke publieke omroep, liggen voor de komst van een zender die de NOS in de wielen zal rijden. Een wethouder te Rijswijk stuurt in één nacht alle gemeenteraden een mail, met het verzoek om de prijsverhoging niet door te voeren.
KPN, een van de Sport 7-partners, kondigt de introductie van een soort pay-tv-decoderkastje aan. Te koop voor 1500 gulden of te leasen voor 30 gulden per maand. Officieel heeft de komst van Sport 7 niets met de introductie te maken, maar met het kastje kunnen in ieder geval de kabelexploitanten worden omzeild. Het NOS-Journaal spreekt Philips-aandeelhouder Jan Timmer in juli over de aanloop. ‘Een goed product trekt altijd belangstelling,’ sust hij. De NOS probeert de urgentie van het probleem nog wat aan te zetten: er zijn nog maar twee maanden te gaan! ‘Ja, maar dat is juist goed. Des te korter de tijd, des te groter de prestaties.’
Het welslagen van de zender hangt ook af van diezelfde NOS. Sport 7 heeft weliswaar de Eredivisie, maar verder heeft de NOS zo’n beetje alle uitzendrechten aangeschaft, en daarmee is de publieke omroep Sport 7 vóór. Met voetbal alleen valt geen zender te bouwen: wedstrijden duren maar 1,5 uur en worden tot overmaat van ramp ook vaak nog op hetzelfde moment gespeeld. Sport 7 wil dus in de onderhandelingen die volgen vooral kópen van de NOS. Er is ook geld beschikbaar. De NOS wil echter ook iets hebben van Sport 7: uitzendrechten voor de Eredivisie.
En zo beginnen de onderhandelingen tussen de NOS en Sport 7 over ‘sublicenties’: het recht om onder bepaalde voorwaarden óók (de samenvatting van) de voetbalwedstrijden te tonen. Die onderhandelingen worden in wisselende samenstelling gevoerd, maar steeds onder leiding van Bert Spaak. Op het kantoor van zijn bedrijf Pro Sport wordt in de avonduren (om te voorkomen dat de gesprekken uitlekken) tussen een schaal broodjes vergaderd over de licenties. Namens de NOS onderhandelt Kees Jansma (dan chef sport) met regisseur Martijn Lindenberg. Jan de Jong is op dat moment bij de NOS verantwoordelijk voor de sportlicenties, en dus een logische gesprekspartner.
Namens Sport 7 schuift Van Hoogenvest soms aan bij deze onderhandelingen. Ineens zat de oud-NOS-regisseur tegenover zijn oud-collega’s van de Studio Sport. ‘Lindenberg was ook regisseur bij Studio Sport toen ik hetzelfde werk daar deed. Ik kreeg het gevoel dat ze mij wel konden schieten. Ik ben ervan overtuigd dat ze vonden dat ik landverraad had gepleegd – blikken kunnen doden. Ik vocht voor de kans van Sport 7, zij misschien uit lijfsbehoud, ik weet het niet.’ De Jong is een van de mannen die het zich anders herinneren: ‘Er ontstond begrip en empathie voor elkaar, vooral voor Ruud Hendriks.’
Hoogenvest heeft bij de onderhandelingen met de NOS vooral interesse in sporten waarmee je tv-uren kunt vullen, zoals schaatsen en wielrennen. Na iedere onderhandelingsronde wordt er direct een vervolgafspraak gemaakt – kennelijk vinden beide partijen het de moeite waard om verder te praten. De Jong: ‘Onderhandelen was gewoon een kwestie van uitproberen. Sport 7 kwam met enorme voorstellen over schaatsrechten, en over de Olympische Spelen, of het EK en WK voetbal. Wij wilden volledige samenvattingen uitzenden, zij wilden maar drie minuten per wedstrijd verkopen. Bedenk je wel: íedereen in Nederland was tegen de komst van de zender. Op de golven van dat sentiment werden de onderhandelingen gevoerd.’
Van Hoogenvest: ‘Wij wilden aanvankelijk helemaal niks verkopen. Want dan was ons bestaansrecht helemaal weg. Maar de NOS droeg dat bord-opschoot-gevoel steeds maar weer uit, waardoor ons project niet kon groeien. Intern begon de gedachte te spelen: wat als we nou een beetje toegeven? Al naargelang die tijd vorderde, veroorzaakte die publieke opinie dat wij wat milder werden, wat we eigenlijk helemaal niet wilden. Maar zo verkochten we wel een deel van onze diamanten.’
De Jong herinnert zich dat wonderbaarlijke toeval rond de persconferentie van 10 februari. ‘We keken de beelden die we hadden eens terug. Op de tafel vóór Staatsen bleek het complete businessplan te liggen, met alle bedragen erbij. We konden gewoon lezen welk bedrag Sport 7 in gedachten had voor de sublicenties. Dus wisten we voor de onderhandelingen begonnen al wat Sport 7 wilde hebben: 22 miljoen gulden.’
Aan het einde van de onderhandelingen is er champagne. De deal: de NOS betaalt 28 miljoen gulden per jaar voor een pakket waarin allerlei uitzendrechten worden uitgewisseld, maar waar de NOS wel een zeer belangrijk Eredivisieresultaat behaalt. Dat zit zo: na iedere wedstrijddag bepalen Sport 7 en NOS onderling wie welke wedstrijd als eerste op tv brengt. Sport 7 mag als eerste twee wedstrijden uitkiezen, daarna is het aan de NOS om twee wedstrijden te kiezen. Op een dag waarop de drie topclubs allemaal een wedstrijd spelen, heeft de NOS dus altijd als eerste een wedstrijd van zo’n topclub eerder op tv. De Jong: ‘Moet je voorstellen: als Ajax, PSV en Feyenoord speelden, dan kon Sport 7 dus óf Ajax óf Feyenoord óf PSV niet als eerste uitzenden, want wij hadden de derde en vierde keus. Daarvoor hadden ze dan 130 miljoen gulden betaald.’
‘Die deal met die sublicenties was een symptoom van de snelheid waarmee alles is uitgewerkt,’ zegt Kuijer. ‘Het moest snel, de politiek ging zich ermee bemoeien, dus er moest iets gebeuren. Alles moest té snel. Er kwam een sublicentie die niet uit te leggen was. Daar hebben we veel over gesproken, in Johns kantoor op zaterdagen. Wij mochten van de keuzes van de NOS vooraf ook geen hoogtepunten uitzenden.’
De relatie tussen de NOS en Sport 7 is toch best goed, getuige de uitnodiging die De Jong en Lindenberg krijgen van John de Mol. De aandeelhouderproducent geeft de NOS’ers persoonlijk een rondleiding. De Jong: ‘Op die dag plaatsten wij een advertentie in de krant: De NOS wenst Sport 7 veel succes. Met daaronder alle presentatoren en alle sportrechten die wij hebben – de rechten van alle sporten. John kon daar wel om lachen, omdat hij aan het begin stond van zijn avontuur. Een avontuur waarvan hij dacht dat het een succes zou worden.’ De NOS’ers zien hoe modern de techniek is en zijn onder de indruk. De Jong: ‘Wát was dat mooi. Het mooiste van het mooiste, het nieuwste van het nieuwste. Wij kwamen met een zwaar gemoed de studio uit. Aan de techniek zou het niet liggen. Dit zou een geduchte concurrent voor ons worden.’
Aan de vooravond van de eerste uitzenddag geven toch bijna alle kabelmaatschappijen Sport 7 door – uiteindelijk is alleen Gouda de stad zónder Sport 7 bij de introductie. Maar twee dagen vóór de eerste uitzending neemt Marleen Houter al ontslag. ‘Toen ik getekend had en er een paar weken werkte, hoorde ik dat Barend en Van Dorp óók bij Sport 7 hadden getekend. Daardoor was er voor mij minder werk, de afspraak met mij werd anders. De grote uitzendingen, die voor mij een flinke stap zouden betekenen, zou ik niet meer presenteren. Dat was wel de afspraak. Ik snap dat je voor Barend en Van Dorp kiest, maar voor mij werd het daardoor minder interessant. Bovendien had ik heel lang met Barend en Van Dorp gewerkt en die samenwerking was uitgewerkt. Ik wilde weg. Ik moest dat alleen nog wel aan John de Mol vertellen. “Misschien gaat nu mijn hele tv-carrière down the drain en moet ik de rest van mijn leven vakkenvullen bij Albert Heijn,” dacht ik. Gelukkig had ik toen een zaakwaarnemer, die heeft het gesprek met John gevoerd. Toen ik was vertrokken, ontstond er nog een nieuw probleem, want het eerste programma met mij als presentator was al opgenomen. Dat moest allemaal nog snel opnieuw met iemand anders.’ Kuijer: ‘Ik moest snel achter een vrouwelijke presentator aan, dat werd Griselda Visser. Zij was ook ambitieus, zij wilde wel.’
Journalisten Frits Barend en Henk van Dorp waren inderdaad aangetrokken, mede voor een programma over Engels voetbal op zaterdagavond. Een héél duur programma, aldus Kuijer: ‘Die redactie ging met een mannetje of tien iedere zaterdag naar Engeland, met lijnen en uitzendrechten. Dat was natuurlijk een hele hap uit het budget, los van het salaris van de twee anchors.’
In het team van presentatoren is dan ook (een dan nog vrij onbekende) Wilfred Genee toegevoegd. ‘De avond voor de zender van start zou gaan, werd ik om halfacht gebeld door de directeur van Sport 7. Of ik even wilde langskomen?’ zegt Genee nu. ‘Dat werd een gesprek van hooguit twee minuten. Presentatrice Marleen Houter had op staande voet ontslag genomen toen ze hoorde dat Barend & Van Dorp naar Sport 7 zou komen. Zij stond voor vijf programma’s in het schema. Ik zei: en wat als ik nee, zeg? “Dan hebben we niemand.” Buiten tikte John, die ik niet eerder had ontmoet, me op de schouder en zei: een kans voor open doel, ik zou ’m lekker inkoppen. Ik heb vijf minuten nagedacht en zei toen: oké. Ik was toen al een ambitieus mens en wilde doorgroeien. Ja, dan was dit een buitenkans, toch?’ Albert Mantingh wordt een van de commentatoren. ‘Ik voelde me een kind in de snoepwinkel daar, ik mocht alle grote wedstrijden verslaan. John de Mol wilde graag een enthousiaste commentator, een zoals dat in Engeland gebruikelijk was.’
18 augustus 1996. De Amsterdam ArenA is gereed, de eerste officiële wedstrijd in het nieuwe stadion wordt Ajax-PSV, om de Johan Cruijff Schaal. Dit is ook het startpunt voor Sport 7. ‘Een historische datum. Vandaag is het dan zover’ – zo opent Postema de zender. Kuijer: ‘Op die eerste uitzenddag hadden we nog wel redelijk zicht. Koos Postema steeg vanuit Hilversum met een helikopter op en landde in de ArenA. Dat was natuurlijk een mooie stunt, daar was ook budget voor. Dat ging goed!’
Er gaat ook wat mis die dag. ‘De allereerste beeldwissel ging al mis,’ herinnert Boersma zich. ‘Je zag ineens een shot van een camera hoog in de studio.’ Albert Mantingh, die het commentaar verzorgt voor de wedstrijd: ‘Er stond heel veel druk op dat duel, dat weet ik nog. Op een gegeven moment maakte iemand een fout in de regiewagen en hoorden de kijkers van Sport 7 het commentaar van Eddy Poelmann van de NOS, die de wedstrijd óók aan het verslaan was, voor de samenvatting.’
Qua kijkersaantallen gaat het op de eerste dag helemaal niet slecht: 1,4 miljoen kijkers voor de openingswedstrijd Ajax-PSV (PSV wint, met 0-3). 500.000 mensen volgen de nabeschouwing. Maar zodra Studio Sport op Nederland 1 begint, zakt Sport 7 naar 250.000 kijkers – uiteindelijk bereikt de NOS die avond gemiddeld 930.000 kijkers. De Jong: ‘Het werd die eerste uitzenddag duidelijk dat er urenlang gepraat zou worden op die zender. Als je op de eerste dag zo moet beginnen, met alleen maar praten-praten-praten, en dat moet je 365 dagen per jaar volhouden… Je ziet het al wringen.’ Van Hoogenvest: ‘Je zag ook hoe moeilijk het is om een zender te vullen met voetbal. Zo’n wedstrijd tussen Ajax en PSV kon je gedurende de week nog twee keer herhalen, maar het bleven twee keer anderhalf uur in het geheel.’ Op de redactie is de sfeer goed. Van Hoogenvest: ‘Je begint iets nieuws, dan is er veel vrolijkheid. Mensen willen echt wel twee keer zo hard werken. De beuk erin.’
Het kijkcijfersucces is echter van korte duur. Een dag na de openingswedstrijd kijken nog 170.000 mensen naar Aanvalluh en Wereldgoals Europa. De rest schommelt tussen 40.000 (voor het jongerenprogramma Sportzone) en 140.000. Weer een dag later daalt Sportzone zelfs naar 10.000. ‘Een woordvoerder van Sport 7 erkent dat er niet juichend door het gebouw wordt gelopen,’ schrijven de GPD-bladen een paar dagen na de introductie van de zender. Die woordvoerder is Tim Boersma. Boersma, nu: ‘Onze telefoniste was niet te benijden. Een heel lief mens, maar zij kreeg al die scheldkanonnades van kijkers over zich heen.’ Aan het einde van de openingsweek behaalt de zender een gemiddeld marktaandeel van 6 procent – de laagste score voor een Nederlandse zender die week. Vanaf de tweede week zal Studio Sport op zondagavond altijd meer kijkers behalen dan Voetbal 7 , het zondagavond-vlaggenschip.
Een verklaring voor het geringe aantal kijkers: voetballiefhebbers weten niet wanneer welke wedstrijd begint. Voetbal 7 begint niet met de belangrijkste wedstrijd maar bewaart deze voor later, om kijkers vast te houden. Maar kijkers wachten liever een uurtje, om via de NOS een voorspelbare volgorde samenvattingen te zien. Genee: ‘Ik vond het geen goed idee om de lekkerste wedstrijden voor het laatst te bewaren. Dat heb ik later, bij Talpa, ook tegen John gezegd. Maar John zei: “Dat is een kwestie van opvoeden. Daar went de kijker wel aan.” ’
Kuijer: ‘Er stond in het begin op woensdagavond een programma van 1,5 uur. En er waren dan twee wedstrijden in de Eredivisie. Verder was het: zoek het maar uit. Nou, dat werden dus twee keer veertig minuten wedstrijdverslag. Je kun wel puzzelen, maar waarméé?’ Genee: ‘Er kwam al vrij snel veel kritiek los, maar ik dacht: met mijn warme uitstraling komt dat wel goed. Ik trok me nergens wat van aan. Vlak voor een uitzending haalde ik in alle rust wat fouten uit de opstelling en praatte vrij gemakkelijk vijf minuten vol, als de banden weer eens zoek waren.’
In alles blijkt dan hoe ambitieus de plannen vooraf zijn geweest. Het idee van een sportcafé is mooi, maar er moeten dagelijks vier of vijf sporters naar de studio komen. De spelers van Ajax en Feyenoord schuiven in ieder geval niet aan. ‘We gaven minimale medewerking,’ zegt Van Praag. ‘Ik vond alles wat daar misging prima. We waren immers tegen Sport 7, omdat we in de maling waren genomen.’
En dan zijn er ook nog problemen met techniek en onderlinge communicatie.
Na het foutje met Eddy Poelmann in de openingswedstrijd stapelen de wonderlijkheden zich op. Genee: ‘Er klopten zo vaak dingen niet. Dan stond ik bijvoorbeeld live te wachten op bandjes van een wedstrijd van PSV, die niet kwamen. Wel zagen we de opstelling. En ik maar praten. “Dames en heren, kijkt u even mee, dan halen we eerst samen even de fouten eruit… Van Eikelenkamp is natuurlijk Eijkelkamp, René Eijkelkamp om precies te zijn, en het is niet Marco Vink, maar Marciano.” En vervolgens kreeg ik in mijn oortje te horen dat de band er nog steeds niet was, en of ik even een minuut, twee minuten, vijf minuten wilde volpraten. Gelukkig beschikte ik over een fotografisch geheugen voor namen, rugnummers, leeftijden en geboorteplaatsen. Ik wist alles.’
Sport 7-commentator Leo Driessen: ‘We hadden een programma over buitenlands voetbal, dat begon dan om halfacht. Ik moest de samenvattingen inspreken. Om kwart over zeven was er nog niets bekend over de wedstrijd die uitgezonden zou worden. Om vijf voor halfacht zei de eindredacteur: “Ga maar vast zitten!”. Dan moest ik dus maar afwachten welke wedstrijd ik te zien kreeg. Ik wist dan nog niet eens of het de Engelse, Duitse of Franse competitie was! Het ging nog niet helemaal gestroomlijnd dus. We hadden het geluk dat bijna niemand keek, ha!’ ‘We gingen natuurlijk de nieuwste technieken gebruiken,’ verklaart Van Hoogenvest. ‘De beelden kwamen aan op schijfjes, die werden in de computer geprogrammeerd en kwamen in zo’n kast. Nou, dan ging er weleens iets mis. Dat was ook het nadeel van vooruitgang, we moesten ook wel wat overwinnen.’
De problemen werden vanzelfsprekend ook opgemerkt door de belangrijkste anchor, Koos Postema. ‘Ik heb me in die vier maanden nergens mee bemoeid, maar merkte dat het technisch niet allemaal even makkelijk ging,’ zegt hij. ‘Iedereen deed vreselijk z’n best, maar dit lukte niet en dat werkte totaal niet.’ Genee: ‘Koos heeft gelijk. De videobanden waren er vaak niet, de studio was nieuw maar de mensen die er mee moesten werken ook en die wisten vaak niet hoe het precies werkte. Dat kwam op tv allemaal wat knullig over. Een eindredacteur zei op een gegeven moment: doe maar wat, als het uur maar vol komt. Op een bepaald moment hebben we zelfs de Surinaamse competitie uitgezonden.’
‘Er kwamen ook andere programma’s van buitenproducenten. Nou, dat waren niet allemaal wonderschone producten,’ aldus Van Hoogenvest. ‘Een programma met Frank Masmeijer had niet echt een geweldig niveau. Maar ondertussen moesten wij er ook voor zorgen dat er niets op het voetbal aan te merken was, want daar kwamen de kijkers op af.’
De topclubs blijven kritiek spuien. Met name Jorien van den Herik, Feyenoordvoorzitter en Sport 7-criticaster van het eerste uur blijft openlijk tegenwerking bieden. ‘Ik zou mijn verlies pakken en iets anders gaan doen,’ laat hij zich in september ontvallen. ‘Het kost enorm veel tijd, geld en energie van dit slechte product nog iets leuks te maken. De KNVB zal dit nog wel niet willen toegeven. Dat kan ook moeilijk als je zelf aandeelhouder van het station bent.’ Genee, nu: ‘Na twee maanden merkte ik dat er geen progressie meer in zat. Er werd geen slag gemaakt. De teksten zaten nog steeds vol fouten, beeldmateriaal kwam nog vaak te laat en de techniek liet het ook nu nog afweten. En ook de kijkcijfers toonden geen vrolijk beeld. Dat was het eerste moment dat ik dacht: komt dit ooit goed?’
Het moest anders. Beter. Programmadirecteur Willem van den Berg haalt na lang aandringen Lex Muller vanuit RTL Sport naar de zender. Muller zal de rol van kwaliteitsbewaker krijgen, en de buitenproducenten moeten aanzetten tot betere producten. ‘Ik wilde helemaal niet, ik had steeds de boot afgehouden omdat ik het plan niet zag zitten,’ zegt Muller nu. ‘Ik geloofde totaal niet in het avontuur. Maar de redactie bij RTL werd leeggeplunderd door Sport 7. RTL verloor allerlei rechten, het werd zó mager. RTL Sport was bijna tot de kelder afgebroken, dus voelde ik me een beetje gedwongen om te gaan.’ Eind september gaat Muller alsnog overstag. ‘Ik werd binnengehaald als de redder in nood. Dat was onzin, dat heb ik ze ook gezegd. Maar ik kende inmiddels ook de rol van SBS op de achtergrond. Ik wist dat SBS, waar ik mensen kende, probeerde de inboedel over te nemen, of de hele zender. Ik geloofde daar ook niet in, maar ik dacht dat de rol van SBS wel belangrijk kon zijn. En dat SBS geïnteresseerd was om iets met sport te doen.’
Vanaf dat moment communiceert De Mol met Kuijer per fax. ‘Die man zat in Portugal in z’n villa, of hij was ergens anders. Er was groeiende irritatie, bij iedereen, ook bij mij, maar dat was ook wel voorstelbaar natuurlijk. Er moesten andere presentatoren komen. Of andere redacteuren, of méér redacteuren. Dan konden er nog tien, twintig mensen bij. Ik sprak daarover, met Lex Muller, of Hennie van Hoogenvest. Sparren. De sfeer werd steeds grimmiger.’
Muller: ‘Bij Endemol vond ik totaal geen creativiteit of inlevingsvermogen. We hebben geprobeerd het op te leuken, maar de verbeteringen waren zo klein – het publiek zag dat niet eens. Dit werk werd bijna een soort bezigheidstherapie. Omdat je wist dat de zender er uiteindelijk mee op zou houden. Ik kreeg het gevoel: waar ben ik in godsnaam mee bezig?’
De zender werkt ondertussen wel nieuwe plannen uit. De beeldrechten voor Wimbledon worden gekocht en er komen nieuwe programma’s, zoals Sportflaters. In de presentatie van dat programma wordt bewust de zendernaam Sport 7 niet genoemd. De reeks kan zo in de toekomst (mocht de stekker er in de nabije toekomst tóch uitgaan) zonder problemen ook op een andere zender terecht. Slechts één aflevering wordt bij Sport 7 uitgezonden. ‘De critici vonden het allemaal heel slecht,’ aldus presentator Leo Driessen. ‘Maar toen later het hele seizoen alsnog door SBS werd uitgezonden, hoorde je de critici er niet over en keken er ineens een miljoen mensen. Terwijl het om precies dezelfde uitzending ging.’ Muller: ‘Als wij een buitenlandse wedstrijd uitzonden, werd die natuurlijk door een buitenlands signaal aangeleverd. Dan kreeg je toch nog kritiek! Omdat het Sport 7 was. Daar werd ik wel moedeloos van.’
Aan het beroerde imago van de zender is nauwelijks nog iets te doen. De zender spant twee zaken aan tegen journalisten die onwelgevallige stukken schrijven (Sport 7 verliest beide zaken). En ondertussen blijft de NOS maar scoren. ‘We maakten heel goede uitzendingen van Studio Sport in die tijd,’ aldus De Jong. ‘Iedereen was erop gebrand om te laten zien wat we konden. En we gingen veel meer aandacht aan andere sporten besteden: Studio Sport werd werkelijk Studio Spórt. En geen Studio Voetbal.’ ‘Ik zat me op zondag kapot te ergeren, als ik naar de NOS keek,’ aldus Muller. ‘Daar zag ik twee wedstrijden die dáár eerder te zien waren dan bij ons. Dat kon toch niet?!’
Voor Endemol is Sport 7 niet het enige project dat tijd en energie opslokt. In november gaat het bedrijf naar de beurs. Om die beursgang tot een succes te maken, verlaat Ruud Hendriks een maand ervoor de zender. Henk Kivits wordt de nieuwe directeur. ‘Omdat Ruud tijd moest vrijmaken voor de beursgang van Endemol, reed ik naar Jan Timmer bij Philips,’ zei Kivits jaren later tegen HP/de Tijd. ‘Als PSV ‘er wist ik dat hij sportliefhebber was. Ik vroeg hem: “Als ik nou eens de kar ga trekken?” Hij zag dat meteen zitten.’ In NRC Handelsblad, eind 1996: ‘Ik heb toen een nacht thuis aan mijn bureau gezeten. Cijfertjes narekenen. Ik kwam er niet uit, het was niet kloppend te maken. Ik werd narrig tegen mijn vrouw en de kinderen.’
‘Ik weet nog dat Kivits binnenkwam, tijdens een personeelsbijeenkomst,’ herinnert Van Hoogenvest zich. ‘Hij had voor iedere Sport 7-medewerker een kunstwerk laten maken, door een Brabantse kunstenaar die hij kende. God mag weten waarom. Ik vond het niet zo mooi, ik weet niet of het schilderij nog ergens bij mij in de berging staat. Maar zo’n actie laat wel zien dat hij nog in het project geloofde. Hij kwam in de volle overtuiging dat hij dit nog kon redden.’
De beursgang van Endemol op 1 november is in ieder geval een groot succes, de interesse voor het aandeel is extreem groot en de waarde stijgt snel. Maar de aanhoudende slechte berichten rond Sport 7 doen het aandeel na verloop van tijd geen goed. Actualiteitenprogramma 2Vandaag laat uitzoeken wat het verlies van Sport 7 zou zijn: 400.000 gulden. Per dag.
De Mol en Van den Ende lossen het aandelenprobleem op door het belang van Endemol in Sport 7 uit te kopen: ze betalen 20,7 miljoen gulden; hetzelfde bedrag als wat Endemol betaalde voor de 19,5 procent in Sport 7.
En dan speelt Nederland tegen Wales een kwalificatiewedstrijd en het stadion joelt als de naam Sport 7 valt. Muller: ‘Ik heb dat toen meegemaakt. Nou, dat was echt niet leuk hoor. Het publiek was heel vijandig. Je merkte echt dat je niet welkom was, ook niet bij PSV. Kun je nagaan: we waren uitzendgemachtigde, PSV was gastheer, maar zelfs van die club kregen we tegenwerking. Belachelijk.’ Na de wedstrijd is de sfeer in de Hilversumse studio echter heel anders. ‘Het was de mooiste avond uit die tijd,’ zegt Genee. ‘Ik zat er met collega Dink Binnendijk; hij zou met Willem van Hanegem de wedstrijd analyseren. Van Hanegem ging zitten en zei vlak voor uitzending: “Ik heb helemaal niet gekeken, want mijn zoontjes wilden iets op het andere net zien.” Samen hebben ze vervolgens een half uur over de wedstrijd zitten praten.’
Philips, de naamgever van het stadion en aandeelhouder van de zender die de wedstrijd uitzendt, heeft net een nieuwe directeur: Cor Boonstra. En daarmee verliest Sport 7 een ambassadeur van het project. ‘Boonstra wilde uit Sport 7 stappen, dus hij had Timmer bewerkt,’ zegt Kuijer. ‘ING wilde er nóg wel een miljardje instoppen, Timmer niet. Er was dat gejoel bij die wedstrijd, maar Timmer was al door Boonstra bewerkt.’
Het voorbestaan van de zender wordt almaar onwaarschijnlijker. Sport 7 praat eind november nog met verschillende partijen over een overname. De gesprekken met SBS lekken uit, evenals de plannen: Sport 7 overnemen, opdoeken en de resten in de nieuwe onderneming onderbrengen. ‘De aandeelhouders kunnen de zender failliet verklaren en het volledige verlies, inclusief afvloeiingsregelingen van personeel, voor hun rekening nemen. Financieel aantrekkelijker is het om in te gaan op het SBS 6-voorstel,’ analyseerde een GPD-journalist nog op 6 december.
Maar er is dan al iets heel anders aan de hand.
Sport 7-woordvoerder Tim Boersma loopt die ochtend naar zijn auto, op weg naar zijn werk. Het zal D-day worden, vanwege een aandeelhoudersvergadering die middag in De Hoefslag in Bosch en Duin. ‘Ik wist dat daar belangrijke beslissingen zouden worden genomen. Maar toen ik langs de kiosk liep, zag ik de kop van Algemeen Dagblad: ‘Stekker eruit, Sport 7 stopt.’ Ik was woordvoerder, maar ik moest dit uit de krant vernemen.’ Van Eijden zit bij die vergadering. ‘Op de agenda stond: ‘Hoe nu verder’.
Jan Timmer en Ben Verwaayen van KPN hadden als grote medefinanciers geen vertrouwen meer in het project. Zij wilden hun verlies nemen. Het werd een emotionele discussie, zeker omdat mannen als Verwaayen, Timmer en De Mol hun nederlaag moesten accepteren. Er waren uren vergaderen voor nodig om dat een plaatsje te geven. Iedereen beschouwde het als een geweldig verlies.’
Timmer: ‘De teneur was heel erg tegen en dát was voor mij de reden om er mee op te houden. Ik had er geen zin in om de rol van Don Quichot te spelen. Tegen een hetze is niet te vechten, dat verlies je altijd. Tijdens de bijeenkomst in Bosch en Duin heb ik uitgelegd dat het een mission impossible was en dat we er mee op moesten houden. Dat werd breed gedragen.’
Kuijer: ‘Tijdens de vergadering werd ik gebeld door John de Mol. “Het gaat hier niet goed,” zei hij. Uit zijn woorden bleek dat men er mee wilde kappen. Toen heb ik direct Albert Mantingh gebeld, die van die vergadering verslag deed voor ons voetbalprogramma: “Jij staat misschien straks de dood van je eigen zender te verslaan.” ’
Mantingh: ‘Ik herinner me dat gesprek met Kuijer goed. Eerder die dag had ik een item bij Feyenoord gedraaid. Toen ik terug in Hilversum was, kreeg ik de opdracht: “Je moet ergens naartoe! Spoed!” Wáár ik moest zijn, was nog niet duidelijk. “Spring maar vast in de auto!” Uiteindelijk reed ik naar Bosch en Duin, iedereen wist kennelijk al dat Sport 7 failliet was gegaan, ik kwam er als laatste aan. Direct werd ik overvallen door allerlei journalisten die míj wilden interviewen. Ik heb er een stand-upper gedraaid, met de boodschap: “Iets later deze avond zal bekend worden of Sport 7 zal stoppen.” Dat item is nooit uitgezonden; in Hilversum durfden ze dat niet aan. Het kon nog de andere kant opgaan, dachten ze. Ik herinner me dat John de Mol heel erg down was. En zelfs Timmer keek terneergeslagen – zelfs hij.’
Boersma organiseert in allerijl een persconferentie. ‘John de Mol was echt volledig kapot. Ik vroeg hem: wil jij ook nog wat zeggen? Hij reageerde resoluut: nee. Jan Timmer heeft toen het woord gedaan. En ik heb ruzie gemaakt met Willibrord Fréquin. Wel lullig, eindelijk hadden wij een grote primeur bij Sport 7, live uitgezonden!’ In de toespraak die Timmer houdt, verklaart hij het mislukken aan de grote tijdsdruk waarin alles moest ontstaan. ‘Bovendien is er tijdens de contractperiode onduidelijkheid ontstaan over de vraag in hoeverre de KNVB kon beschikken over de uitzendrechten van de aangesloten clubs.’
‘Na afloop ben ik naar Hilversum gereden, we zijn toen met z’n allen bij elkaar gekomen en hebben tot diep in de nacht gepraat met biertjes erbij,’ aldus Mantingh.
Nog twee dagen en dan gaat de stekker eruit. Het avontuur is bijna afgelopen.
‘John heeft in Hilversum in een studio het personeel toegesproken,’ zegt Van Hoogenvest. ‘Als er een gouden medaille uitgereikt kon worden, had het personeel die toen aan John gegeven. Niet vanwege het sociale plan, maar omdat er toch een man stond die iets nieuws had geprobeerd. Dat had nieuwe uitdagingen geboden, nieuw elan. Nieuw werk. Er stond een kruising tussen Willem van Hanegem en Johan Cruijff. Dat is De Mol.’ Driessen: ‘Ik heb in die laatste week met respect naar John de Mol gekeken. Hoe hij de medewerkers toesprak. Dat hij betrokken bleef, in voor- en tegenspoed. Ik had geen financiële problemen, want ik was in dienst bij Joop van den Ende. Maar dat gold niet voor iedereen.’
Kuijer: ‘Er moest nog een sociaal plan komen. En daar liet Endemol zich weer van zijn aller- allerbeste kant zien. Dat plan was echt fantastisch, de vakbonden waren ook zo vertrokken, ze hoefden niet te onderhandelen. Ik hoor Van den Ende vóór die onderhandeling nog zeggen, in de gang, voordat we naar die ruimte gingen: “Kom op zeg, we zijn niet naar de hoeren geweest!” We hadden iets verkeerd gedaan, de zender was geen succes geweest. Maar het was geen schande!’
Het faillissement heeft direct gevolgen voor de twee uitzenddagen die nog geproduceerd moeten worden. ‘Alles werd onder je uitgetrokken,’ zegt Van Hoogenvest. ‘Op de redactieburelen waren de laatste dagen de computers weg! Ongelofelijk wat er gebeurde. Erbarmelijk. Die spullen werden gewoon geconfisqueerd.’
Op de laatste dag reist Driessen nog af naar Doetinchem, voor een verslag van De Graafschap – Feyenoord. ‘Leuk dat u kijkt, vooral degenen die altijd al keken. En al die anderen die ons voor het eerst zien… nou ja, ook welkom,’ zegt Leo Driessen bij zijn inleiding van Voetbal 7. Twintig jaar later herinnert Driessen zich: ‘Ik heb wel wat dingetjes vanuit de tribune naar mijn hoofd gekregen, hoor. Van de voorzitter van de club heb ik daarom nog een paar De Graafschapklompen gekregen.’
Een gedicht van Leo Driessen eindigt: ‘Rust zacht goede vriend, zo’n eind had je niet verdiend’. Iedereen applaudisseert voor zichzelf. Het allerlaatste beeld is een stekker die uit een stopcontact gaat. Van Hoogenvest: ‘Mijn vrouw werkte ook bij de tv. Aan de keukentafel hebben we nagedacht over hoe we de zender achter zouden laten. Hoe we dit in beeld zouden laten overleveren. Toen bedachten we om iemand – ik was het zelf, je zag mijn hand – letterlijk de stekker eruit te laten trekken. En dan de tekst: “kijkers bedankt.” Want we hadden toch kijkers gehad.’
Tim Boersma: ‘We hebben Jeroen Wielaert van Radio 1 er toen bij de laatste uitzending nog uitgegooid. Hij stond opeens in de studio terwijl wij er een interne aangelegenheid van wilden maken.’
Met het faillissement van Sport 7 komen de uitzendrechten van de Eredivisie weer in handen van de KNVB. Een week later zou de winterstop intreden en zo was er genoeg tijd om de uitzendlicentie voor de tweede helft van het seizoen opnieuw te verkopen.
En is het dan voorbij, op de lege Sport 7-burelen? Nog steeds niet. Mensen blijven naar de studio komen. ‘Dágenlang hebben hier nog mensen op de werkvloer gezeten, onder wie Willem van Hanegem,’ zegt Kuijer. ‘We zonden allang niet meer uit, maar die mensen bleven ouwehoeren met een kop koffie erbij. Een man of tien. Een soort rouwverwerking was het. En intussen werd langzamerhand de redactie leeggehaald, heel onwezenlijk.’
Na de winterstop zendt de NOS weer de samenvattingen van de Eredivisie uit. SBS krijgt de rechten voor de Eerste Divisie. Marleen Houter, die zo vroeg uit het project Sport 7 stapte, werd daar het gezicht. ‘Dat was een bewuste keuze, mijn gezicht was niet “besmet” met Sport 7,’ zegt ze nu.
Kuijer komt na vele omzwervingen bij Omroep MAX terecht. Bij zijn eerste ontmoeting met MAX-baas Jan Slagter blijkt dat de ouderenomroep nu in het pand zit waar Endemol Sport voor Sport 7 werkte – Slagter zit zelfs nu in de kamer van waaruit Kuijer Sport 7 maakte. Jos Staatsen verlaat na het debacle de KNVB, en bij de organisatie is sindsdien een hoop veranderd. Als gevolg van deze zaak is de Eredivisie NV als entiteit opgericht. ‘De KNVB is veel transparanter geworden en weer gewoon gaan doen waar ze voor zijn opgericht: faciliteren,’ zegt Van Eijden. Van Praag, nu KNVB-voorzitter: ‘Bij de start van Eredivisie Live is heel vaak gezegd: we moeten niet dezelfde fout maken als bij Sport 7. We zorgden voor draagvlak en betrokken iedereen erbij. Er is een les geleerd.’ Lex Muller wordt chef Sport bij SBS. Albert Mantingh werd in januari gebeld of hij voor SBS naar Leeuwarden wilde afreizen; de Elfstedentocht 1997 stond op het punt van beginnen.
Postema gaat terug naar de publieke omroep. ‘De pers heeft de zender helemaal kapot geschreven,’ zegt hij nu. ‘Kees Jansma, die destijds een groot tegenstander was, zat een paar maanden later zelf bij een commerciële zender. Ook de houding van de NOS is nu zeer commercieel. Wat toen mislukte, is in de jaren erna langzaam toch zo verworden.’ ‘Sport 7 heeft voor een enorme professionalisering bij de NOS geleid,’ zegt De Jong. ‘Er kwam bijvoorbeeld een unit die zich speciaal met de acquisitie van rechten ging bezighouden.’
Uri Coronel zou later Joop van den Ende eens tegen het lijf lopen in de Amsterdamse PC Hooftstraat. ‘Daar ging hij tekeer!’ aldus Coronel. ‘Hij was echt heel boos op mij. Persoonlijk boos. Maar in mijn herinnering is Sport 7 een incident. Vier maanden enorm veel opwinding, en toen was het over. En toen heb ik er ook nooit meer iemand over gehoord.’ Een paar weken na dit interview, op 18 juli, overleed Coronel totaal onverwacht tijdens een bezoek aan de sportschool.
Bij Sport 7 was het verlies in vier maanden opgelopen tot honderd miljoen – op te hoesten door de aandeelhouders. Willem van Kooten verdiende geld – hij verkocht op tijd z’n aandelen aan De Telegraaf. Voor sportliefhebber John de Mol eindigde hiermee de wens voor een eigen sportzender. Het zou nog acht jaar duren voordat hij opnieuw een eigen zender opzette: Talpa. Maar dat is weer een ander verhaal.
Dit artikel komt uit de VARAgids, 2016.
In de VARAgids tv-encyclopedie wekelijks biografieën over oude en nieuwe televisieprogramma’s, aan de hand van de mensen die meewerkten of het presenteerden. We delen VARAgids-artikelen uit het archief die in deze encyclopedie thuishoren, wekelijks aangevuld met een nieuw verhaal. Bekijk alle verhalen op varagids.nl/tvencyclopedie
Ontvang elke werkdag de beste kijktips met de Avondeditie-nieuwsbrief