Logo VARAgids
VARAgids brengt verdieping bij tv en media. Interviews, achtergrondverhalen, columns en kijktips.

Olympisch ontbijt (1984 en 1988)

26-01-2026
leestijd 6 minuten
170 keer bekeken
inhoud ANP-18626813

Olympisch ontbijt

© ANP

Olympisch ontbijt was het allereerste ontbijtprogramma op de Nederlandse televisie. Het werd een hit. ‘Het was topsport, begeleid door topvakmensen.’

De Olympische Zomerspelen van 1984 in Los Angeles en de Winterspelen van 1988 in Calgary spelen zich voor de Nederlandse tv-kijker vooral ’s nachts af. Om de vaderlandse verrichtingen van de nacht samen te vatten, bedenkt de NOS een ontbijtprogramma vanuit de studio in Hilversum. Koos Postema ontvangt dagelijks wisselende gasten en blikt met hen terug op de afgelopen olympische dag. Die gesprekken worden afgewisseld door wedstrijdsamenvattingen, korte reportages van verslaggevers Pauline Broekema (vanuit Nederland) en Mart Smeets (vanuit Canada). Daarnaast is er speciale aandacht voor de prestaties van de Nederlandse atleten. Harmen Siezen schuift letterlijk aan voor een NOS-Journaal, Erwin Kroll is erbij. Vanuit de studio-keuken wordt dagelijks een olympisch ontbijt verzorgd en komen diverse gasten langs. Zo schoven ook Youp van ’t Hek en André van Duin aan.

Koos Postema

‘In het voorjaar van 1984 kwam Studio sport-regisseur Ron Nieuwenhuis naar mij toe. De Olympische Spelen van Los Angeles kwamen eraan, het tijdsverschil met ons is negen uur. Hij wilde een ontbijttelevisieprogramma maken van 7 tot 9 uur. Finales werden immers in “onze” nacht afgewerkt en dus zouden wij stevige samenvattingen aanbieden. In de studio zou er een Amerikaanse keuken met een kok uit dat land voor het ontbijt maken. En toen zei Ron: “Wil jij dat presenteren?” Dat wilde ik. Alle olympische nachten monteerden jonge mensen het beeldmateriaal. Aan de ontbijttafel zat een debuterende weerman: Erwin Kroll – een stevige ontbijter mag ik wel zeggen. Het nieuws werd gepresenteerd door Harmen Siezen. De eerste ochtend moest hij van zijn baas ver van onze tafel zitten, maar dat vonden wij erg koud en dus kwam Harmen aan onze tafel. Het werd een succes. Er werd nogal eens gelachen want topsport is topamusement, al maken sportjournalisten er al te vaak een soort wetenschap van. Elke ochtend was er een gast aan onze tafel. Youp van ’t Hek bijvoorbeeld. Ook Wisse Dekker, toen de baas van Philips, en Joop den Uyl. De laatste uitzending tijdens de Spelen van 1984 kwam André van Duin totaal onverwacht onze ontbijtkeuken binnen. Toen heeft de sport het geloof ik wel een beetje verloren van het gelach.’

De citaten van Koos Postema zijn afkomstig van zijn blog.

André van Duin

In 1984 is Van Duin te gast op de slotochtend van de Spelen in Los Angeles. Hij komt de keuken binnen als bewoner van het pand en stelt zich voor als Van Hepscheuten: ‘Wat doet u in mijn keuken? Ik woon hier.’

Van Duin: ‘Ik herinner me dat Koos Postema, Harmen Siezen en weerman Erwin Kroll elkaar regelmatig de maat namen, en dat met name maakte het ook leuk voor kijkers die niets met sport hadden. Ze moesten al die ochtenden vullen en ik stond ook op het lijstje van BN’ers. Noemde ik mezelf Van Hepscheuten? Ik weet er niets meer van. Ik weet nog wel dat ik in pyjama zou verschijnen, omdat ontbijt-tv was. Ik bedacht dat ik zou doen alsof ze in mijn keuken zaten. Verder herinner ik me weinig, het is ook meer dan veertig jaar geleden, hè. Ik heb het nooit meer teruggezien en jij bent de eerste die ernaar vraagt. Ik had en heb niets met sport en keek nooit. Mijn toenmalige vriend Martin keek schaatsen en de Tour de France; dat laatste vond ik leuk vooral vanwege de beelden van Frankrijk. Ik weet ook niets van voetbal en zie met verbazing hoe supporters zich opwinden. Waar maak je je druk om, denk ik dan. Maar dat ligt aan mij, hoor.’ 

Youp van ’t Hek

De cabaretier was een van de gasten van Koos Postema in 1984.

‘Het leukste was om samen met Koos naar de randverschijnselen van de sport te kijken. Koos had een bepaalde lichtheid in dit programma, een lichtheid die ik ook had en Koos vond dat leuk. Dat was een kant die hij graag op wilde met die ontbijtshow waar Harmen Siezen niet voor niets deel van uitmaakte. Die man was een en al vrolijkheid en zo’n geweldig gevoel voor humor. De gruwelijkheden die voorbijkwamen in het Journaal gecombineerd met de lichtheid van de sport was heel aanstekelijk. We hebben vooral heel erg gelachen om de rare sporten. Om atleten die al strompelend over de finish werden geholpen, maar ook om het worstelen en gewichtheffen dat vooral ’s nachts werd uitgezonden. Hoogtepunten waren voor mij de jurysporten, zoals turnen. Dat de atleten voor het oog van de camera van gekkigheid niet wisten wat ze moesten doen, terwijl ze wachtten op de punten. Bij wintersporten als kunstrijden heb je dat ook. Weerman Erwin Kroll was ook van de partij en ik heb hem later verwerkt in een van mijn shows als de man die alles extra uitbeeldde met zijn handen: van hoge- en lagedrukgebieden tot aan depressies.’

Mart Smeets

Mart Smeets versloeg in 1998 via een videoverbinding dagelijks vanuit Calgary. Postema – in de losse sfeer die het programma kenmerkte – stelde zijn eerste vraag aan Smeets: ‘Die trui die je nu draagt; heb je die bij het Leger des Heils in Amsterdam of bij het Leger des Heils in Canada gehaald?

‘Haha, ik had en heb me voorgenomen geen opmerkingen over de “koning aller truien” te maken en hield me daaraan. Het was een eer de (eind)redactie te mogen verzorgen bij Studio sport tijdens Olympische Spelen waarbij Koos Postema en ook Harm Siezen de microfoon mochten beroeren. Beide mannen waren ongeleide projectielen en boven alles vakmensen. Autocue? Ben je nou helemaal gek geworden, daar deden we niet aan. Een A4’tje met de onderwerpen in slordig handschrift en voor de rest: hup met de geit.

Het regende dubbelzinnigheden. Sommigen atleten kwamen aan, anderen stierven een vroege dood, maar wat werd er gelachen in de studio. Topsport, begeleid door topvakmensen waar het Nederlandse publiek dat niet van verwachtte. Koos was van “Sparta naar voren” en Harmen wist alles van moeilijke Tour-aankomsten. De gesprekken ontaardden vaak in slappe lach, harde lach, bulderlach. Soms zag je de camera’s mee schudden met de mannen die erachter stonden. Het was een ongelofelijke heerlijkheid dat deze vakmannen de sport heel lieten, het nieuws snel inpakten en toch bij alles een beste knipoog plaatsten. Namen van Olympische sporters werden soms wat verdraaid, maar leuk dat het toen was! Leuk en voor mij hartstikke leerzaam.’

Pauline Broekema

De Journaal-verslaggever maakte in 1988 een dagelijkse reportage op locatie ergens in Nederland. Zo interviewde ze in haar laatste bijdrage een trotse Fokker-topman Frans Swarttouw in een hangar op Schiphol bij de presentatie van de nieuwe Fokker 100. Diezelfde week stond ze ook op een Groningse gaslocatie én lag ze in een zwembad in Zeewolde.

‘Ik riep bij het Journaal altijd dat Nederland meer was dan Amsterdam en Rotterdam. De regio was, als geboren Groningse, echt mijn ding. Ik denk dat ze bij Olympisch ontbijt daarom aan mij dachten. Ze wilde immers een verslaggever die dagelijks een item vanaf locatie ergens in Nederland maakte. Koos was zeer welbespraakt en dat liet hij tijdens de uitzending ook goed merken. Ik raakte daar snel aan gewend en sprak van tevoren wel even met hem en Harmen Siezen door wat ik wilde doen. Twee items herinner ik me nog goed. Ik ging met Jan van Eijndhoven, een van de beste cameramannen die je kon hebben, naar Oost-Groningen om te draaien bij een zogenoemd gasontvangststation waar de gasleidingen de grond uitkwamen en waar geflamed werd. Heel spectaculair. Ik vroeg dichter Simon van Wattum of ik zijn gedicht “Nam-lied van de grote reserve” mocht gebruiken. Van Wattum bleek een vooruitziende blik te hebben:

Eenmaal 
als ook de laatste industrie
zich bij het moederbedrijf
in Holland heeft gevoegd
en in dit Gronings land alleen
de cynici zijn gebleven
zal de nam uit piëteit
de lege buik van Groningen
volspuiten met het water van de zee
en de zee
zal het land opnemen
en meevoeren
naar IJsland of daaromtrent

Mijn tweede herinnering was een bezoek aan een vakantiepark in Zeewolde. Het was krokusvakantie en iedereen was beloofd dat Harmen en Koos zouden komen. Terwijl de gasten van het park nog aan het ontbijt zaten, zagen ze de cameraman en ondergetekende binnenkomen. Je kunt je de teleurstelling op hun gezichten wel voorstellen.’

Dit artikel komt uit VARAgids 5. Vanaf dinsdag 27 januari 2026 in de app, op de mat en in de winkel. Nog geen abonnee? Lees de VARAgids al vanaf 38 cent per week.

In de VARAgids tv-encyclopedie wekelijks biografieën over oude en nieuwe televisieprogramma’s, aan de hand van de mensen die meewerkten of het presenteerden. We delen VARAgids-artikelen uit het archief die in deze encyclopedie thuishoren, wekelijks aangevuld met een nieuw verhaal. Bekijk alle verhalen op varagids.nl/tvencyclopedie

Delen:

Altijd op de hoogte blijven van het laatste nieuws?

Ontvang elke werkdag de beste kijktips met de Avondeditie-nieuwsbrief

Al 100 jaar voor