
Na de recente massale geweldsuitbarstingen en moordpartijen in Iran is een conclusie onontkoombaar: de Islamitische Republiek heeft haar bestaansrecht verloren. Decennialang heeft de Iraanse bevolking het regime het voordeel van de twijfel gegund. Men hoopte op hervorming, op toenadering tot mensenrechten en democratische waarden. Telkens opnieuw werd die hoop vertrapt. Het politieke systeem is volledig vervreemd geraakt van zijn eigen volk en kan zich alleen nog even handhaven met grof geweld.
Juist daar toont het regime zijn kwetsbaarheid. Een jong, hoogopgeleid volk, gedragen door een krachtige vrouwenbeweging, heeft de angst achter zich gelaten. Dit regime pikken ze niet langer. En belangrijker nog: Iraniërs kunnen dit karwei zelf afmaken. Op eigen kracht boeken ze gauw hun welverdiende finale overwinning.
Trauma van buitenlandse inmenging
Buitenlandse interventie is voor Iraniërs geen abstract begrip, maar een collectief trauma. Het wantrouwen zit diep, soms zelfs cynisch: grappend beschuldigen Iraniërs nog steeds de Britten zelfs ervan als het eten te zout is. Die paranoia heeft een concrete oorsprong. De door de CIA en MI6 gesteunde coup van 1953 bracht de seculiere en democratisch gekozen premier Mohammad Mossadegh ten val. Dit omdat hij de Iraanse olie had genationaliseerd. Die coup heeft het democratische proces in Iran blijvend beschadigd. Een oude wond die nooit is geheeld. Zonder die coup was de Islamitische Revolutie van 1979 zeer waarschijnlijk nooit een feit geweest. Khomeini’s opkomst volgde op de vernietiging van de Iraanse democratie door het Westen.
Het draaiboek ligt al klaar
Vandaag klinken opnieuw luide stemmen in Washington en Tel Aviv die wijzen op een militaire ingreep in Iran, met Israël als Amerikaanse regionale proxy en de VS als strategische en militaire ruggengraat. Wie de recente geschiedenis en de bekende oorlogsdoctrines van beide landen serieus analyseert, kan meerdere scenario’s schetsen. Van die scenario’s is er één duidelijk het meest voor de hand liggend: een Israëlische bliksemaanval met volledige Amerikaanse dekking.
Een directe, grootschalige oorlog waarin Iran maximaal terugslaat zou de wereldeconomie ontwrichten en de olieprijs explosief doen stijgen. Dat is een risico die Washington waarschijnlijk niet wil nemen. Een gecontroleerde oorlog, met luchtoverwicht voor Israël en de VS en een langdurige verwoestende campagne op Iraans grondgebied, past daarentegen perfect in eerdere militaire patronen.
Het meest waarschijnlijke scenario
In dit scenario neemt Israël het initiatief met een snelle aanval, terwijl de VS volledige operationele, logistieke en diplomatieke ondersteuning bieden. Iran slaat terug, maar beperkt. In de lucht hebben Israël en de VS vrij spel. Op de grond probeert Iran de oorlog te rekken en asymmetrisch te voeren.
Wat volgt is een meedogenloze bombardementscampagne met veel burgerslachtoffers. Eerst worden militaire doelen vernietigd, daarna civiele infrastructuur. Onder het mom van de strijd tegen de Revolutionaire Garde worden scholen en ziekenhuizen geleidelijk ‘legitieme’ doelen. De strategie die eerder in Gaza werd toegepast, wordt herhaald.
Tegelijkertijd mobiliseert de Mossad etnische minderheden in grensregio’s tegen de centrale overheid. Het strategische doel is niet alleen regime change maar desintegratie. Iran moet breken. Voor Netanyahu is zelfs een democratisch, maar territoriaal intact Iran een strategische bedreiging. Bovendien biedt deze oorlog hem binnenlands politieke overlevingskansen en uitstel van juridische procedures.
Zelfs als het regime valt en een VS-gezinde regering in Teheran aan de macht komt, zal Israël, naar het voorbeeld van Syrië, maanden Iraanse militaire capaciteiten en cruciale infrastructuur blijven bombarderen, zogenaamd uit veiligheidsoverwegingen. En de Amerikaanse oliemaatschappijen keren na een halve eeuw afwezigheid terug naar de Iraanse olievelden.
Wie zwijgt, wie profiteert
Arabische landen aan de Perzische Golf zullen deze ontwikkeling en stijgende olieprijzen stilzwijgend toejuichen, mits het geweld hun grenzen niet bereikt. In een situatie van langdurige chaos zullen ook buurlanden hun kansen aftasten: niet uit ideologie, maar uit opportunisme, door te onderzoeken welke politieke, economische of territoriale voordelen uit een verzwakt Iran te halen vallen.
Turkije zal de aanvallen veroordelen, uit angst voor regionale destabilisatie en overslaande etnische conflicten. Europa zal als altijd toekijken, moraliseren en niets doen. De EU is geen speler, slechts een toeschouwer die zich alleen zorgen maakt over vluchtelingenstromen en stijgende energieprijzen. Voor de EU is het strategisch eenvoudiger wanneer Trump zijn militaire en politieke aandacht op Iran richt dan op Groenland.
China en Rusland zullen het geweld publiekelijk veroordelen, maar feitelijk afzijdig blijven, zoals eerder in Syrië en Venezuela. Retoriek is goedkoop; confrontatie met de VS is dat niet.
Solidariteit valt niet uit de lucht
Iraniërs die vandaag Trump en Netanyahu als redder in nood om hulp roepen, zullen morgen mogelijk ontwaken in een land zonder regime, maar ook zonder orde. Chaos zal het vacuüm vullen. Een verdeelde oppositie raakt verstrikt in onderlinge beschuldigingen en buitenlandse belangen, terwijl het Iraanse volk door Libiësering van Iran verder van huis raakt dan ooit.
Ik hoop vurig dat deze gitzwarte analyse onjuist blijkt. Dat men mij later verwijt dat ik paranoia heb verward met analyse. Maar zwijgen zou een verloochening zijn van mijn intellect en van historische ervaring en politieke realiteit.
Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.