
Zodra herdenken niet aanzet tot anders denken en doen, verwordt het al snel tot een leeg ritueel. Hieraan herinnerde Mart de Kruif ons in een uitzending van Pauw & De Wit op 4 mei jongstleden, die uiteraard geheel in het teken stond van de Nationale Dodenherdenking. In het programma, dat steeds sterker de indruk wekt van een rechts clubhuis (waar ook af en toe gematigd links Nederland welkom is), werd een zinnig gesprek gevoerd over hedendaagse parallellen met de gebeurtenissen uit de jaren dertig en veertig.
Bij aanvang gebeurde er iets opmerkelijks. Gerdi Verbeet beet het spits af met een uitspraak over de kwetsbaarheid van de democratie en verwees naar wereldwijde autocratische tendensen. Kort daarna stonden de tafelgasten stil bij de bekladdingen van het Nationaal Monument op De Dam. Geerten Waling stelde algauw dat deze bekladdingen mede mogelijk zijn gemaakt door het vermeende slappe optreden van gezagsdragers tegen wat hij ‘het schenden van de rechtsstaat door demonstranten’ noemde. Waling wees in dit verband op eerdere bekladdingen van een ING‑kantoor, maar ook op de A2‑bezettingen door XR en pro‑Palestijnse protesten door studenten. Hij sprak van een glijdende schaal, om vervolgens daaraan toe te voegen dat de autoriteiten de bekladding van het monument hadden kunnen zien aankomen.
Walings oordeel was scherp: het gaat hier om de radicalisering van ‘terroristische actiegroepen’, die de vraag oproept wat we toch moeten doen ‘met die demonstratievrijheid, of we die nog willen accepteren’. De beweringen van Waling vonden weerklank aan tafel. Ruben Brekelmans viel Waling bij en stelde dat de politiek mogelijk paal en perk moet stellen aan het demonstratierecht. Ronit Palache, normaal gesproken niet te verlegen om reactionaire denkbeelden te weerleggen, bleef stil en besloot haar academische collega’s voor de bus te gooien door hen te betichten van bagatellisering van het Damincident.
Onthutsend is hoe dezelfde Waling en Brekelmans even later zonder aarzeling opkomen voor de ‘legitieme’ zorgen van demonstranten die zich, met alle gevolgen van dien, verzetten tegen de (al dan niet gewaande) komst van lokale asielzoekerscentra. Hier gaat het om herhaaldelijke, grootschalige vernielingen en bekladdingen. Soms ook, in tegenstelling tot de bekladdingen van het Nationaal Monument, om buitensporig geweld tegen ordehandhavers — gedragingen waarvoor vele relschoppers tot op heden nog niet zijn bestraft. Volgens Waling zien deze mensen zich door de komst van azc’s bedreigd in hun vrijheid en tolerantie. Dit zou mogelijk de ‘brandstof’ zijn die het vuur van de protesten doet oplaaien.
Geen moment gaat het in de uitzending over de zorgen — of, zo je wilt, de brandstof — achter de bekladdingen van het Nationaal Monument. Over de voortdurende genocide van de Israëliërs op de Palestijnen. Over de apartheidsstaat die aldaar is opgetuigd. En evenmin over het niet geringe aandeel dat Israël heeft in de oorlogen die op dit moment worden uitgevochten.
Zijn het niet juist deze momenten waarop zaken als democratie en vrijheid op het spel staan? Door sommige protesten verdacht te maken en om politiek opportune redenen tot terroristisch te bestempelen en andere te vergoelijken onder het mom van legitieme zorgen, worden door de tafelgasten essentiële grondbeginselen van de democratische rechtsstaat met voeten getreden. Van het anders denken en doen waartoe in de uitzending op 4 mei wordt opgeroepen, valt zo weinig te merken.
Ook Jelle Postma, die nota bene het verdedigen van de rechtsstaat tot zijn kernopgave heeft gemaakt, laat zich niet horen.
Misschien nog het meest stuitend is de manier waarop Waling — die in 2009 zelf herhaaldelijk op audiëntie ging bij de veroordeelde Holocaustontkenner Jean‑Marie Le Pen — zich in de rest van de uitzending het oordeel lijkt aan te meten over welke parallellen met de jaren dertig en veertig wel en niet zijn toegestaan, ook tegenover tafelgasten als Palache, voor wie deze geschiedenis evident niet abstract is.
Nationale momenten als de Dodenherdenking verliezen inderdaad aan betekenis zodra ongemakkelijke confrontaties met het heden worden geschuwd. Bijgevolg verworden verwante uitspraken over vrede, vrijheid en gelijkheid tot holle frasen.
Sta me toe af te sluiten met de woorden die Jaap Hamburger van Een Ander Joods Geluid tijdens de Alternatieve Nationale Herdenking uitsprak: "Een herdenking die zich beperkt tot het verleden, waaraan bezinning, dynamiek en vernieuwing ontbreken, juist die loopt de kwade kans een uitgehold ritueel te worden". En, even later: "Een Herdenking die de omgang met het verleden constant kritisch blijft wegen, die open om zich heen ziet, waar deelnemers samen het besef tonen over wat mensen elkaar kunnen aandoen en wat hen verbindt, dìe is toekomstbestendig, die sterkt ons in onze mensenplicht waakzaamheid te tonen, ons te wijden aan wat wij elkaar beloofd hadden: nooit weer".
Meer over:
opinie, 4 mei, nationale dodenherdenking, pauw & de wit, geerten waling, ruben brekelmans, genocideMeld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.