
Marcus schaamde zich. Zo erg zelfs, dat hij de enveloppen ongeopend liet liggen. Niet uit onwil, maar uit onmacht. Hij zat midden in een verhuizing, zijn leven was instabiel, en elke brief van de overheid voelde als een dreiging die hij even niet aankon. Wat begon als een parkeerboete van 120 euro, groeide in enkele maanden uit tot 369 euro. Niet omdat hij weigerde te betalen, maar omdat hij het overzicht verloor.
Marcus is geen uitzondering. Bij burgerinitiatieven en schuldhulporganisaties komen dagelijks mensen langs voor wie één gemiste brief het begin is van langdurige financiële problemen. Het zijn geen notoire overtreders. Het zijn mensen die tijdelijk vastlopen. Het probleem is dat het systeem waarin zij terechtkomen geen onderscheid maakt tussen bewuste ontduiking en menselijke kwetsbaarheid.
Het boetesysteem van het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB) is helder en wettelijk vastgelegd. Wie te laat betaalt, krijgt een verhoging: eerst 50 procent, daarna nog eens 100 procent van het oorspronkelijke bedrag. Administratiekosten komen daar bovenop. De regels zijn duidelijk. Maar duidelijkheid is niet hetzelfde als rechtvaardigheid.
Schaamte als blinde vlek
In beleidsstukken gaat het vaak over betaaldiscipline en handhaving. Zelden over schaamte. Toch speelt die een grote rol. Wie eenmaal achterloopt, wie brieven niet meer durft te openen, wie het gevoel krijgt te falen tegenover de overheid, raakt juist verder verwijderd van het moment waarop hij weer kan handelen.
Dat is geen moreel tekort van de burger, maar een menselijke reactie. En het is precies die reactie waar het systeem geen rekening mee houdt. De escalatie gaat door, ongeacht de reden. Tijdelijke onmacht wordt vertaald in structurele schuld.
Het CJIB voert de wet uit zoals die is bedoeld. Medewerkers aan de telefoon horen dagelijks verhalen als dat van Marcus. Ze tonen begrip, maar hebben weinig speelruimte. „Ik begrijp het, maar ik kan niets doen,” is een veelgehoorde zin. Dat is niet alleen frustrerend voor de burger, maar ook voor de uitvoerder. Niemand kiest voor een baan waarin je mensen moet afwijzen terwijl je hun situatie begrijpt.
Kritiek van binnenuit
Opmerkelijk is dat de twijfel over dit systeem niet alleen van buiten komt. In de Stand van de Uitvoering 2023 schrijft het CJIB zelf dat de wettelijke verhogingen in individuele gevallen onredelijke gevolgen kunnen hebben. De directeur van het CJIB, Albert Hazelhoff, zei vorig jaar dat vooral de verhogingen bij niet-betaling niet meer in verhouding staan tot de overtreding.
Die woorden zijn veelzeggend. Ze laten zien dat hier geen strijd wordt gevoerd tussen ‘slappe’ burgers en een ‘strenge’ overheid, maar dat ook binnen de uitvoering wordt geworsteld met de vraag waar handhaving ophoudt en onmenselijkheid begint.
De vergelijking met commerciële incassobureaus maakt dat ongemak tastbaar. Private partijen mogen bij consumentenvorderingen wettelijk maximaal ongeveer 15 procent aan incassokosten rekenen. Het CJIB hanteert verhogingen van 50 en 100 procent. De Nederlandse Vereniging voor Volkskrediet noemt dat een boete op armoede. Juridisch zijn het verschillende systemen, moreel roept het dezelfde vraag op: waarom is de overheid strenger dan commerciële partijen?
Een vangnet dat ook kan breken
Voor wie vastloopt, biedt een betalingsregeling vaak uitkomst. Jaarlijks treft het CJIB er honderdduizenden, en de meeste worden succesvol afgerond. Dat laat zien dat veel mensen wíllen betalen, mits ze daartoe in staat worden gesteld.
Maar het systeem kent ook een harde rand. Wie een betalingsregeling niet nakomt, verliest die rap. Een nieuwe regeling kan pas na zes maanden worden aangevraagd. In die periode moet het volledige bedrag ineens worden betaald. Juist voor mensen met een instabiel inkomen is dat vaak onmogelijk.
Marcus maakte dat mee. Drie maanden betaalde hij keurig. Toen ging zijn wasmachine stuk. Hij kon niet langer aan de betalingsregeling voldoen. Zijn dossier ging naar de deurwaarder. Extra kosten. Het CJIB verwees hem door, de deurwaarder wees terug. De verhogingen waren immers al opgelegd. In dat niemandsland verdwijnt verantwoordelijkheid, terwijl de schuld blijft groeien. Met mijn organisatie Socializationplus bieden we mensen als Marcus een luisterend oor en helpende hand.
Wat zegt dit over ons?
Na de toeslagenaffaire beloofde de overheid dat regels nooit meer belangrijker zouden zijn dan mensen. Het boetesysteem van het CJIB is geen herhaling van die affaire. De schaal is anders, de context verschilt. Maar de onderliggende vraag is vergelijkbaar: hoeveel ruimte laten we voor menselijke omstandigheden binnen strikt uitgevoerde regels?
Het systeem werkt, in statistische zin. Het merendeel van de boetes wordt op tijd betaald. Dat valt niet te ontkennen. Maar statistieken zeggen weinig over de mensen die buiten het gemiddelde vallen. Voor hen werkt strengheid niet disciplinerend, maar verlammend. Wie eenmaal het gevoel heeft te falen, haakt af.
De vraag is dan niet of overtredingen consequenties moeten hebben. Natuurlijk moeten die er zijn. De vraag is of een verdrievoudiging van een schuld gerechtvaardigd is wanneer iemand tijdelijk niet kan betalen. Of we bereid zijn te erkennen dat verantwoordelijkheid soms ook betekent: ruimte bieden om verantwoordelijkheid weer op te kunnen nemen.
Menselijke maat als morele keuze
Een herinnering vóór een verhoging. Meer flexibiliteit binnen betalingsregelingen. Een menselijke toets bij escalatie. Het zijn geen radicale voorstellen, maar morele keuzes. Ze vragen niet om het loslaten van regels, maar om het serieus nemen van hun doel: recht doen, niet breken.
Marcus betaalt inmiddels af via de deurwaarder. Elke maand gaat een deel van zijn uitkering naar een schuld die begon met een parkeerboete tijdens een verhuizing. Voor hem is dit geen beleidsdiscussie, maar dagelijkse realiteit. Net als voor de medewerkers die hem te woord staan, en die moeten uitleggen dat ze begrijpen wat er misgaat, maar niets kunnen veranderen.
Handhaving is nodig. Maar een overheid die zichzelf rechtvaardig wil noemen, moet ook durven kijken naar wat haar regels doen met mensen die tijdelijk struikelen. Menselijke waardigheid is geen bijzaak van beleid. Het is de maat waaraan beleid uiteindelijk wordt afgemeten.
Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.