Logo Joop
De opiniesite van BNNVARA met actueel nieuws en uitgesproken meningen.

Waarom Orbáns propagandamachine niet langer werkte

Gisteren
leestijd 5 minuten
1110 keer bekeken
ANP-564048163

Door: Richard Demeny & Peter Kreko (Political Capital Institute)

Wat de Hongaarse verkiezingen democratische uitdagers leren over het breken van populistische macht

Zestien jaar lang was Viktor Orbán een dominante kracht in de Hongaarse politiek. Zijn Fidesz-partij won vier opeenvolgende parlementsverkiezingen, vormde de Hongaarse politieke instituties om en bouwde een mediasysteem op dat de regering een enorm voordeel gaf ten opzichte van haar tegenstanders. Tegen 2026 strekte dit systeem zich uit over het gehele Hongaarse medialandschap, ondersteund door een gedisciplineerde boodschappenmachine en de middelen van een langdurig bewind.

En toch kwamen Péter Magyar en zijn TISZA-partij bij de verkiezingen van dit jaar als winnaars uit de bus, met een tweederdemeerderheid en een mandaat om een groot deel van de door Orbán gebouwde politieke architectuur te ontmantelen.

Het resultaat was opmerkelijk. Jarenlang leek het politieke apparaat van Fidesz in staat om elke serieuze bedreiging voor zijn bewind te neutraliseren. Toch verloor het in 2026, terwijl het nog steeds op volle capaciteit draaide. Deze paradox is ook buiten Hongarije van belang.

Orbán had opgebouwd wat een informationele autocratie kan worden genoemd: een systeem waarin politieke macht niet in stand wordt gehouden door repressie, maar door de manier waarop burgers informatie ontvangen en interpreteren te sturen. Fidesz bereikte dit door het Hongaarse medialandschap te concentreren in handen van aan de regering gelieerde eigenaren en bondgenoten. Het werd de vanzelfsprekende duider van gebeurtenissen en overtuigde kiezers ervan dat de regering competent, beschermend en bovenal onvervangbaar was.

Bijna twee decennia lang werkte het systeem. Economische stagnatie, corruptie en verslechterende overheidsdiensten mogen dan hebben bijgedragen aan de nederlaag van Fidesz, maar deze problemen waren niet nieuw. In 2014, 2018 en 2022 bewees de regering uiterst bedreven te zijn in het afwentelen van de verantwoordelijkheid op Brussel, George Soros, migranten en de Oekraïense president Volodymyr Zelensky.

Wat veranderde, was de context waarin die verklaringen werden ontvangen. De politieke onafwendbaarheid – een van Orbáns grootste troeven – werd aan het wankelen gebracht toen Magyar, een voormalige Fidesz-insider die in 2024 met de regering brak, erin slaagde om zowel teleurgestelde Fidesz-kiezers als langdurige tegenstanders van Orbán aan te spreken.

Tegen juni 2025 bleek uit een peiling van Medián dat Magyar werd beschouwd als een competentere potentiële premier dan Orbán. Ook verwachtten meer ondervraagden dat TISZA zou winnen. De boodschappen van de regering fungeerden niet langer als onbetwiste beschrijvingen van de werkelijkheid.

Fidesz reageerde met een strategie die eerder goed had gewerkt: het frame van de verkiezingen als een keuze tussen "oorlog" en "vrede", waarbij Orbán werd afgeschilderd als beschermer van de Hongaarse veiligheid en Magyar als een marionet van Brussel en Oekraïne die Hongarije in de oorlog zou slepen.

Maar herhaling leidde niet langer tot overtuiging. Het aandeel Hongaren dat een oorlogsdreiging ervoer, daalde van 46% in 2025 naar 29% in 2026. Uit een peiling van Political Capital bleek dat 62% de bewering verwierp dat Oekraïne en westerse akoren Hongarije in de oorlog probeerden te trekken.

De boodschap mobiliseerde nog wel loyale Fidesz-kiezers, maar slaagde er steeds minder in om anderen te overtuigen.

TISZA richtte zich ondertussen op de levensstandaard, corruptie, overheidsdiensten en "regimewisseling", waardoor de verkiezingen kwamen te draaien om de alledaagse ervaringen van kiezers in plaats van Orbáns geprefereerde geopolitieke framing.

TISZA daagde bovendien de boodschappen van Fidesz uit nog voordat ze verschenen. Magyar waarschuwde volgers herhaaldelijk dat er lastercampagnes op komst waren, waarbij hij soms putte uit insider-informatie en lekken. Dit was zogeheten "pre-bunking": het publiek waarschuwen voor een misleidend narratief of een manipulatietactiek voordat deze verschijnt. Toen de aanvallen kwamen, interpreteerden kiezers ze niet als onthullingen, maar beweringen die ze al hadden verwacht.

Onderzoeksjournalisten en experts waarschuwden op vergelijkbare wijze voor Russische beïnvloedingsoperaties gericht op TISZA. De langdurige pro-Russische en anti-Oekraïense boodschappen van Fidesz werden een blok aan het been. Onthullingen over contacten en gelekte gesprekken tussen Hongaarse en Russische functionarissen stelden TISZA in staat om Fidesz' "pro-vrede"-standpunt te herkaderen als bewijs van afhankelijkheid.

Daarmee keerde Magyar een van Orbáns centrale politieke claims tegen hemzelf: soevereiniteit. De vraag werd in toenemende mate of Orbán deze niet zelf in gevaar had gebracht.

De meest onthullende mislukking deed zich echter voor binnen Fidesz' eigen informatiesysteem. Sinds 2010 had Fidesz de Hongaren voorgehouden dat Orbán uniek competent was, de oppositie inherent zwak en een verkiezingsoverwinning van de zittende macht onvermijdelijk. Tegen 2026 had een groot deel van het regeringskamp die aannames geïnternaliseerd. De eigen dominantie versterkte het geloof dat een nieuwe overwinning verzekerd was.

De propagandamachine had het zicht vertroebeld op de informatie die nodig was om de samenleving te begrijpen. Fidesz bleef effectief in het versterken van de eigen achterban, maar hetzelfde systeem maakte het voor de leiding moeilijker om de aantrekkingskracht van TISZA te herkennen en de strategie aan te passen.

Dat biedt lessen voor democratische uitdagers elders, zoals in Italië en de Verenigde Staten, waar populistische bewindslieden met sympathie voor Orbán proberen instituties te hervormen en de uitvoerende macht te concentreren.

Ten eerste kan het doorbreken van een informatiemonopolie belangrijker zijn dan het weerleggen van individuele propagandanarratieven. TISZA hoefde niet elke claim van Fidesz te ontkrachten; het moest een geloofwaardig alternatief beeld van Hongarije neerzetten en, cruciaal, aantonen dat een andere regering mogelijk was.

Ten tweede moeten uitdagers kiezers tegemoet treden waar hun ervaring het sterkst is. Fidesz kon het geopolitieke gesprek domineren, maar kon de ervaringen van kiezers met prijzen, overheidsdiensten en corruptie niet zomaar terzijde schuiven. TISZA maakte die ervaringen tot het middelpunt van haar campagne.

Tot slot kan informationele asymmetrie zich tegen je keren. Regeringen die jarenlang bouwen aan strak gecontroleerde informatie-omgevingen, kunnen afhankelijk worden van de informatie die die omgevingen produceren. Democratische uitdagers kunnen de kloof tussen het narratief van het regime en de realiteit van de kiezer uitbuiten.

Propaganda hoeft niet op te houden mensen te bereiken om haar macht te verliezen; zij wordt kwetsbaar wanneer burgers een geloofwaardig alternatief hebben om hun ervaringen te duiden, wanneer officiële narratieven afwijken van het dagelijks leven, en wanneer de makers van politieke boodschappen niet langer het verschil kunnen zien tussen het overtuigen van het publiek en het begrijpen ervan. Fidesz verloor in 2026 alle drie die voordelen. Haar meest ingrijpende fout was misschien wel de laatste: zij was beter geworden in het vertellen aan Hongaren wat ze moesten geloven, dan in het achterhalen wat ze werkelijk geloofden.

Reacties (0)

Joop

Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.

Je kunt je op elk moment uitschrijven. Bekijk of beheer hier alle nieuwsbrieven.

Wil je meer weten over de manier waarop wij met jouw gegevens omgaan? Lees dan ons Privacy statement.

BNNVARA wij zijn voor