
Als gevolg van de oorlog in Iran staan de energieprijzen weer bovenaan de politieke agenda. Door de blokkade van de Straat van Hormuz ligt de export van olie en lng vanuit de Golfregio stil. De olieprijs schommelt donderdag rond de 100 dollar per vat, bijna de helft hoger dan voor de aanvallen op Iran. Die gestegen prijzen zijn al terug te zien aan de pomp en straks ook in de energierekening. Vroeg of laat gaat iedereen de rekening betalen voor de door rechts Nederland gesteunde oorlog.
Maar er is ook een land waar de gestegen energiecrisis tot minder problemen zal leiden: Spanje. Daar is de afgelopen jaren onder leiding van de sociaaldemocratische premier Pedro Sánchez namelijk fors geïnvesteerd in hernieuwbare energie, schrijft Euronews. Sinds 2019 heeft Spanje de hoeveelheid zonne- en windenergie verdubbeld. Daardoor kon het land tussen 2020 en 2024 de gasimport enorm terugdringen.
“De groei van wind- en zonne-energie in Spanje heeft de invloed van dure fossiele-energiecentrales op de elektriciteitsprijs sinds 2019 met 75 procent verminderd”, schreef de denktank Ember in een vorig jaar oktober gepubliceerd rapport. “Deze afname van het aantal uren waarin de elektriciteitsprijs gekoppeld was aan de gasprijs, verliep sneller dan in andere gasafhankelijke landen, zoals Italië en Duitsland.”
Het groene energiebeleid pakt gunstig uit voor de energierekening. Voor de zonne- en windenergierevolutie behoorden de Spaanse energierekeningen tot de hoogste van Europa, inmiddels zijn de energieprijzen vrijwel nergens lager.
Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.