
Het is een ongemakkelijke realiteit: steeds vaker lijken de strategische beslissingen die Europa direct raken niet in Europese hoofdsteden te worden genomen. In plaats daarvan worden ze genomen in Washington en Tel Aviv. De EU reageert, en economisch, politiek en militair volgt en betaalt. De huidige oorlog tegen Iran past in een patroon dat al langer zichtbaar is. Beslissingen over escalatie, militaire strategie en geopolitieke doelen worden genomen door de VS en Israël, terwijl de EU de gevolgen moet opvangen. De vraag die steeds luider klinkt: heeft Europa nog wel een eigen strategie?
Bondgenoot of vazal?
Binnen Europese kringen groeit het gevoel dat de EU door leiders als Trump en Netanyahu steeds minder als gelijkwaardige partner wordt gezien. In plaats daarvan lijkt Europa behandeld te worden als een blok dat economisch en militair afhankelijk is en uiteindelijk toch zal volgen. De impliciete boodschap: Europa kan protesteren, maar zal uiteindelijk toch meedoen.
Groenland: strategische capitulatie
Het debat rond Groenland laat zien hoe groot de Europese afhankelijkheid is geworden. Onder Amerikaanse druk zou Europa feitelijk hebben ingestemd met een vrijwel onbeperkte Amerikaanse militaire aanwezigheid op het strategische eiland. Officieel werd gesproken over samenwerking en veiligheid. In werkelijkheid lijkt het meer op een geopolitieke capitulatie.
De VS krijgen een militaire carte blanche op een strategische locatie tussen Noord-Amerika en Europa, terwijl zij tegelijkertijd ongelimiteerde toegang krijgen tot waardevolle en ‘gratis’ grondstoffen en mijnbouwmogelijkheden. De groeiende Amerikaanse aanwezigheid kan bovendien de positie van Canada verzwakken door het land strategisch verder van Europa te isoleren. In Amerikaanse strategische doctrine wordt het Amerikaanse continent immers gezien als een directe invloedssfeer van Washington.
Gaza: de oorlog die Europa niet durfde te stoppen
De oorlog in Gaza maakte de Europese afhankelijkheid misschien wel het pijnlijks zichtbaar. De meeste EU-landen waren het erover eens dat Hamas ontwapend moest worden en dat Israël het recht had zich te verdedigen. Maar het besluit om Gaza vrijwel volledig te verwoesten en een genocide te plegen, was geen Europees besluit. Dat besluit werd genomen in Tel Aviv, met volledige politieke en militaire steun van de VS.
Europa keek toe. Zelfs het associatieverdrag tussen de EU en Israël bleef onaangetast. Voor veel landen buiten Europa en vooral in het globale zuiden betekende dit een onherstelbare klap voor de geloofwaardigheid van de EU als verdediger van internationale rechtsorde en mensenrechten.
Een oorlog zonder doel, strategie of einde
Nu dreigt Europa opnieuw in een conflict te worden meegesleurd. Een oorlog met Iran die geen duidelijk doel heeft, geen uitgewerkte strategie en geen realistische exit. Voor Europa kan dit bijzonder kostbaar worden. De energievoorziening kan opnieuw zwaar onder druk komen te staan, de economie kan verder verzwakken en nieuwe vluchtelingenstromen uit het Midden-Oosten kunnen richting Europa trekken. Tegelijkertijd groeit het risico op terroristische aanslagen in Europese steden.
Ondertussen profiteert Rusland van stijgende olieprijzen en geopolitieke verdeeldheid binnen het Westen, terwijl het zijn oorlog in Oekraïne voortzet. Het ‘tijdelijk’ versoepelen van Amerikaanse sancties op de Russische olie-export komt neer op een geopolitiek cadeau voor Vladimir Poetin, een meevaller waar het Kremlin nauwelijks op had durven rekenen.
Een dubbele energie-wurggreep
Europa bevindt zich mogelijk in een dubbele energiecrisis. Na Russische invasie in Oekraïne en de sabotage van de Nord Stream-pijpleidingen verloor Europa al een cruciale energieverbinding met Rusland. Een oorlog met Iran kan daar een tweede geopolitieke schok bovenop leggen.
Het grootste risico ligt bij de Straat van Hormuz, een van de belangrijkste olie- en gasroutes ter wereld. Iran heeft geen geavanceerde wapens nodig om deze zeestraat langdurig te verstoren. Mijnen, drones en raketten kunnen voldoende zijn om een groot deel van de wereldwijde energiehandel stil te leggen. Voor energie-afhankelijke economieën zoals die van Europa kan dat desastreus uitpakken.
De kwetsbaarheid van de energieregio
Een oorlog met Iran kan bovendien een kettingreactie veroorzaken in de energie-infrastructuur van de regio. Terwijl de aandacht vooral uitgaat naar de Arabische olievelden die onder Iraans vuur liggen, wordt een andere kwetsbaarheid vaak over het hoofd gezien. Door de geografische nabijheid kan Iran relatief eenvoudig energie-infrastructuur en olievelden in Azerbeidzjan raken. Bij verdere escalatie zouden ook energievelden en transportcorridors in Centraal-Azië in de gevarenzone kunnen komen.
Daarnaast zou de escalatie van de oorlog voor ‘bevriende’ olieproducerende landen rond de Perzische Golf een existentiële bedreiging vormen, omdat hun economieën vrijwel volledig afhankelijk is van energie-export.
De regionale hegemonie van Israël
Wie denkt dat een eventuele nederlaag van Iran automatisch stabiliteit zal brengen in het Midden-Oosten, kan bedrogen uitkomen. In een recent interview van Tucker Carlson met de Amerikaanse ambassadeur in Israël werd openlijk gesproken over de legitimiteit van een bredere Israëlische regionale strategie. Daarbij werd niet alleen de strijd tegen Iran genoemd, maar ook de bredere geopolitieke visie van een dominante Israëlische positie in de regio. Binnen Israëlische strategische discussies worden ook andere regionale machten genoemd als potentiële tegenstanders, waaronder Pakistan, Turkije en Saoedi-Arabië.
Pakistan wordt gezien als een bijzondere factor omdat het het enige islamitische land met kernwapens is. Saoedi-Arabië heeft ondertussen nauwere militaire banden met Pakistan ontwikkeld en onderzoekt mogelijkheden voor een eigen nucleair programma. Turkije, onder leiding van Erdogan, verzet zich fel tegen een oorlog met Iran. Ankara vreest dat een verzwakt Iran het machtsevenwicht in de regio zou veranderen en dat Turkije uiteindelijk zelf in het vizier kan komen.
Israël probeert momenteel zijn positie in de regio te versterken door strategische samenwerking met landen en groepen die op gespannen voet staan met Turkije. Zo bouwt Tel Aviv intensieve militaire en energie-relaties op met Griekenland en Cyprus, onder meer rond gasvelden in de oostelijke Middellandse Zee. Daarnaast onderhoudt Israël nauwe contacten met Koerdische netwerken in het Midden-Oosten, die door Ankara als een directe veiligheidsdreiging worden gezien. Op deze wijze ontstaat een geopolitieke gordel van Israëlische partners rond Turkije. Israël kan de ‘naïeve’ militaire aanwezigheid van Frankrijk en Nederland ter verdediging van eigen coalitie met Griekenland en Cyprus misbruiken om de druk op Turkije en Turks-Cyprus op te voeren.
Europa speelt mee in de hoop op respect
Binnen Europa lijkt ondertussen een ander mechanisme te werken. Sommige regeringen lijken te denken dat zij, door loyaal mee te bewegen met Washington en Tel Aviv, uiteindelijk aan de besluitvormingstafel mogen plaatsnemen, in plaats van zelf op het menu te belanden.
Zo stelde de Duitse bondskanselier Friedrich Merz dat Israël in feite “het vuile werk” voor Europa opknapt in de regio. Hij pleitte onlangs in lijn met Israëlische ambitie voor regime change in Iran, maar zonder dat Europa vervolgens de vluchtelingen zou moeten opvangen. Dat is een illusie.
Frankrijk probeert ondertussen via militaire inzet goodwill te tonen richting Washington, mogelijk in de hoop op mildere handelsmaatregelen van Donald Trump. Langzaam maar zeker raakt Europa opnieuw betrokken bij een oorlog die het zelf niet heeft gekozen.
De rekening: Europa betaalt de vrijheidsbijdrage
Elke dag dat het conflict tegen Iran escaleert, wordt de prijs hoger. Maar die prijs wordt niet bepaald in Den Haag, Parijs of Berlijn. De hoogte van de Europese ‘vrijheidsbijdrage’ in energieprijzen, militaire inzet, economische schade en veiligheidsrisico’s, wordt feitelijk bepaald in Washington en Tel Aviv. Terwijl daar geopolitieke doelen worden nagestreefd, betaalt de Europese belastingbetaler de rekening. Met zulke vrienden hebben je geen vijand nodig.
Hoe lang blijven we geloven?
De vraag is daarom hoe lang Europese leiders deze realiteit blijven accepteren. Hoe lang blijft Europa oorlogen ondersteunen die zijn eigen economie en veiligheid ondermijnen? Hoe lang blijven Europese regeringen hopen op respect van bondgenoten die tegelijkertijd Europese belangen schaden?
Zelfs voormalige NAVO-leiders beginnen openlijk hun twijfels te uiten. Oud-secretaris-generaal Jaap de Hoop Scheffer zei onlangs dat hij de Amerikanen nauwelijks nog herkent. Als zelfs een oud-NAVO-chef dat zegt, is de vraag onvermijdelijk: Hoe lang blijft Europa nog geloven dat het bondgenootschap dezelfde belangen dient, terwijl de stoel waarop Europa zit steeds verder wordt doorgezaagd?
Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.