
Vandaag heeft de Britse premier Keir Starmer zijn aftreden aangekondigd. Twee jaar geleden won hij een overtuigende meerderheid voor zijn Labour partij, nadat het Verenigd Koninkrijk veertien jaar lang gebukt ging onder het afbraakbeleid van de Conservatieven. Starmer won de verkiezingen van 2024 met een belofte van verandering en een pleidooi voor stabiliteit. Van beide is, naar de mening van veel kiezers en Labour-collega's, onvoldoende terechtgekomen.
Ook in Nederland speelt dit. Volgens het Nationaal Kiezersonderzoek 2025 (blz. 67) vinden zeven op de tien kiezers dat er in de politiek te veel wordt gepraat en te weinig wordt gedaan. Dit draagt bij aan het historisch lage vertrouwen in politieke partijen, in het parlement en in de regering. Het was D66 die, met dit sentiment onder arm, de afgelopen verkiezingen won met een optimistisch verhaal over het realiseren van doorbraken.
Kortgeleden werd gevierd dat het kabinet-Jetten de eerste honderd dagen heeft overleefd. En dat is precies waar de schoen begint te wringen. Doorbraken beloven betekent daadkrachtig besturen, maar deze minderheidsconstructie voelt tot dusver als een interim-kabinet dat op de winkel past. Dat is niet het gevoel dat kiezers willen hebben, en wat mij betreft ook niet het gevoel wat politici aan de samenleving moeten willen geven.
Aan de andere kant van de oceaan blijkt hoe het wél kan. Zohran Mamdani beloofde ontzettend veel tijdens zijn befaamde, en inmiddels vaak gerepliceerde campagne voor het burgemeesterschap van New York. In zijn eerste honderd dagen kon hij echter een hele waslijst noemen aan nagekomen beloftes. Zijn achterban blijft hem tot dusver trouw. Niet omdat álles lukt, maar omdat hij met enige voortvarendheid en urgentie heeft laten zien dingen voor elkaar te krijgen, zoals gratis kinderopvang en het dichten van 100.000 gaten in de straten. Ik realiseer me overigens dat de politieke context in de VS, het VK en Nederland behoorlijk verschilt, maar de rode draad is politiek leiderschap, en de wisselwerking met kiezersgedrag.
We leven in een periode waar een grote groep kiezers, van links tot rechts, verlangen naar verandering. De manier om voor politici om verkiezingen te winnen, is om verandering te beloven. Waar het misgaat is wanneer deze politici niet de verandering leveren die direct voelbaar is, zowel inhoudelijk als qua stijl. Als het gevoel heerst dat politiek gewoon 'business as usual' is, raken kiezers niet geheel verrassend teleurgesteld. Ze scharen zich achter iemand anders die verandering beloofd of zullen, uiteindelijk, helemaal afhaken. Er ontstaat een vicieuze cirkel. Zo krijgt het Verenigd Koninkrijk de zevende premier in tien jaar tijd. Zo gaan Nederlandse kiezers van de ene naar de andere (al dan niet nieuwe) partij en weer terug.
En tuurlijk, je mag kiezers ook aankijken op enige naïviteit wanneer er in campagnetijd grootse beloften worden gedaan en het massale partijgehop dat hieruit volgt. Maar in de kern is waar kiezers om vragen helemaal niet zo bijzonder: politici die doen wat ze beloven. De gedoodverfde opvolger van Starmer, voormalig burgemeester van Manchester Andy Burnham, moet deze handschoen oppakken. Anders wacht hem precies hetzelfde lot.
Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.