
Naar schatting een half miljoen mensen in Nederland kampen met voedselnood: ze hebben te weinig geld om iedere dag drie maaltijden te kunnen betalen. De situatie is zo ernstig dat de internationale hulporganisatie het Rode Kruis in de bres springt. Dit jaar werden al bijna 200.000 zogeheten boodschappenkaarten uitgedeeld. Dat zijn tegoedbonnen waarmee voedsel kan worden aangeschaft, ter waarde van 3 euro per dag. De kaarten zijn bedoeld als een tijdelijke oplossing. De periode dat er aanspraak op gemaakt kan worden varieert van drie weken tot zes maanden.
Nu de prijzen voor met name brandstof en energie flink zijn gestegen, ziet de hulporganisatie een stijgende lijn in aanvragen. „We verwachten dat die vraag tot het einde van het jaar doorzet.” Voor mensen die op of onder het bestaansminimum leven (circa 1600 euro voor een alleenstaande en 2300 voor een stel), zijn de boodschappen vaak de sluitpost, legt Goossens uit. „Eerst betalen ze alle vaste lasten. Wat overblijft is voor voedsel.” Bij sommigen is dat dus te weinig. Uit onderzoek van het Rode Kruis blijkt dat 66 procent van de mensen met een boodschappenkaart minder producten koopt dan voorheen. 41 procent eet vaak minder of slaat vaak een maaltijd over, 49 procent doet dat soms.
De energielasten die maar blijven stijgen als gevolg van de oorlogen die Trump en Poetin voeren, zijn de belangrijkste aanjager van de voedselarmoede. Om op hun werk te komen zijn hardwerkende Nederlanders die laagbetaalde arbeid verrichten soms zoveel geld kwijt dat ze maaltijden moeten overslaan.
Het kabinet wil ondertussen onder druk van de VVD en andere rechtse partijen voorkomen dat rijke en rentenierende Nederlanders belasting gaan betalen over de aanwas van hun vermogen. Een eerder voorstel daartoe is teruggetrokken. Nu wordt de belasting beperkt tot de winst bij verkoop van aandelen. Die aanpassing ten voordele van de vermogenden kost de samenleving 23 miljard euro.