
Donderdag 29 januari diende Caroline van der Plas een motie in om een alternatieve subsidieregeling op te zetten voor het Biomedical Primate Research Centre (BPRC), met als doel de fokkolonie van apen in stand te houden. Haar boodschap: dierproeven zijn nodig voor veiligheid en pandemische paraatheid.
Dat klinkt logisch. Veiligheid is belangrijk. Onderzoek naar ernstige ziektes moet doorgaan. Daar zijn we het natuurlijk 100% over eens. Maar juist daarom is deze motie een probleem.
Niet omdat deze motie 'tegen innovatie’ zou zijn, maar omdat deze vasthoudt aan een oud systeem op het moment dat we eindelijk hebben besloten om ruimte te maken voor iets nieuws.
Waar de subsidieverschuiving voor bedoeld was
De recente begrotingswijziging had een duidelijk doel: overheidsgeld stap voor stap verschuiven van apenonderzoek naar proefdiervrije, mensgerichte innovaties. Niet omdat apenonderzoek “niks heeft opgeleverd”, maar omdat we inmiddels weten dat het niet de eindbestemming moet zijn.
Apenonderzoek geeft (naast dat dit vooral niet is hoe we met dieren moeten omgaan) beperkte resultaten. Dat zien we ook bij complexe hersenziekten. Neem parkinson: sinds 1990 zijn er wereldwijd meer dan 2.300 proeven gedaan met niet-menselijke apen. Geen daarvan heeft geleid tot een effectieve behandeling voor patiënten.
Dat betekent niet dat al dat onderzoek ‘zinloos’ was. Het laat wel zien dat apenonderzoek geen garantie biedt op doorbraken voor de mens. Juist daarom is het zo belangrijk om vol in te zetten op onderzoek dat direct is gebaseerd op het menselijk lichaam, en daar steeds beter in wordt.
Proefdiervrije innovaties zijn geen kleine experimentjes meer aan de zijlijn. Ze werken minstens zo goed als proefdieren ooit deden, en laten steeds duidelijker zien dat ze het potentieel hebben om beter te worden. Omdat ze menselijker zijn, gerichter en omdat ze beter aansluiten op de ziekten die we proberen te begrijpen.
De subsidieverschuiving was bedoeld om juist dat systeem een extra zet te geven. Om los te komen van wat bekend is, en door te pakken op wat toekomst heeft.
Wat deze motie doet
De motie van Caroline van der Plas doet iets anders. Ze zegt in feite: laten we investeren in proefdiervrije innovatie, en tegelijkertijd het oude systeem financieel overeind houden. Door een aparte subsidieregeling op te zetten voor het fokken van proefapen.
Want zolang we blijven investeren in het in stand houden van apenonderzoek, verdwijnt de urgentie om echt te veranderen. Je kunt niet zeggen dat je een transitie wilt, en ondertussen het oude systeem blijven beschermen tegen diezelfde transitie.
Veiligheid vraagt om vernieuwing
Het debat wordt nu vaak teruggebracht tot de vraag: “Kunnen we wel zonder dierproeven?” Maar dat is eigenlijk de verkeerde vraag. De juiste vraag is: hoe zorgen we ervoor dat onderzoek zo goed mogelijk op ons aansluit, zodat behandelingen veiliger en effectiever worden?
Tijdens de COVID-19-pandemie zagen we dat proefdiervrije, mensgerichte methoden een hele grote rol speelden in het versnellen van vaccins. En niet door dierproeven volledig uit te sluiten, maar door sneller over te stappen op modellen die direct relevante menselijke data opleveren.
Dat laat zien: veiligheid zit niet alleen in vasthouden aan wat we kennen, maar juist in wat we durven vernieuwen. In investeren in wetenschap die is gebaseerd op de mens zelf.
Oneerlijk speelveld
Daar komt nog iets bij. Deze motie zorgt voor een oneerlijke situatie. Andere onderzoeksinstellingen moeten hun financiering verdienen op basis van kwaliteit, relevantie en op hoe toekomstproof ze zijn. Het BPRC zou via deze motie een uitzonderingspositie krijgen: extra subsidie om dierproeven in stand te houden, los van diezelfde inhoudelijke toets.
Zo verdwijnt de urgentie om echt te veranderen, terwijl die juist nodig is om innovatie verder te brengen.
Laat innovatie echt doorpakken
Laat een ding duidelijk zijn: niemand pleit voor het stoppen van onderzoek naar ernstige ziekten. Juist niet. Dat onderzoek is van levensbelang. En de kennis en ervaring van onderzoekers, juist ook bij het BPRC, zijn daarbij hard nodig.
Maar dan wel in een systeem dat vooruitkijkt.
De subsidieverschuiving was bedoeld om ruimte te maken. Om het oude los te laten waar het niet meer voldoet, en innovatie echt de kans te geven om door te groeien. Als we nu kiezen voor een achterdeur om het oude systeem te redden, verliezen we iets veel groters: de kans om Nederland écht voorloper te maken in proefdiervrije, mensgerichte wetenschap. Veiligheid vraagt niet om vasthouden. Veiligheid vraagt om durven loslaten.
Over deze motie wordt dinsdag 3 februari 2026 gestemd. Dat moment is bepalend voor de vraag of we echt doorpakken richting mensgericht onderzoek, of alsnog blijven vasthouden aan het oude.
Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.