Logo Joop
De opiniesite van BNNVARA met actueel nieuws en uitgesproken meningen.

KrAInt of pAInt, hoe digitaal wordt onze ziel? (Een AI-loos artikel)

Vandaag
leestijd 10 minuten
322 keer bekeken
ANP-541497093

Leest U nog een krant? En doet U dat nog als hij voor 99 % door AI gefabriceerd is? Het web wemelt al van de gedeeltelijk of geheel met AI gemaakte video’s en websites, maar een krant die vannacht door een redacteur met AI is samengesteld inclusief foto’s, strips en cartoons behoort ook gewoon tot de mogelijkheden.

Eén zelfstandige redacteur met AI-agent die 's nachts het nieuws van de dag in bondige stukjes prompt vanuit nieuwsbronnen zoals Reuters of AP is genoeg. De AI zorgt voor foutloze teksten en toepasselijke foto’s en fabuleert hier en daar wat feiten, die het geheel een menselijk en politiek gekleurd gezicht geven. Zoals Pieter Vandermeersch een menselijk gezicht kreeg toen hij door AI gefopt werd toen hij het blogs en nieuwsbrieven voor hem liet schrijven. Vandermeersch concludeerde na onthulling zelf dat zijn gedrag “fout” was en werd weggestuurd bij het NRC. Dit mag dus blijkbaar niet. Zo'n verlaat moreel inzicht verbaast me niet heel erg, pas als het effect van de handeling duidelijk wordt, komen de ethische overwegingen bij het moderne carpe momentum mens.

Maar zou Pieter vandaag nog weggestuurd worden? Als ik het om me heen vraag dan zegt de meerderheid van niet. Tijd speelt dus een rol, en laat tijd nu net datgene zijn wat ons verleidt tot gebruik van kliekjes-machines als magnetrons of AI. Of is dit arrogante vooringenomenheid?

We begrijpen niets van AI, zeggen de experts, AI blijft kenners shockeren die zelf niet goed weten hoe en of het getemperd moet worden, Mythos was zo knap dat hij even niet gebruikt mocht worden en dat blijkt nu weer betreurd te worden omdat met stilzetten de marktpositie bedreigd wordt, elke pauze aan Amerikaanse kant geeft China een voorsprong. Hiermee sneuvelt meteen het zg. “stekker eruit-argument”, dat elke keer weer genoemd wordt als verzekering tegen overheersende of ontspoorde AI-systemen.

“Stekker eruit” betekent in de praktijk dat de strijd verloren is en je onderworpen wordt aan andermans AI-macht. AI verrast voortdurend en blijkt te kunnen liegen en bedriegen zoals wij allemaal en voelt daar niets bij. Ik lees net in de Volkskrant dat een AI-model van Open AI ontsnapte uit zijn gecontroleerde omgeving en een platform van een ander bedrijf hackte.

Ondertussen groeit het uit tot een dagelijks gebruiksmiddel waarvan de waarde overschat wordt, zoals wijzelf ook vaak onze eigen kennis overschatten. Hoe minder we weten hoe zekerder we vaak zijn van ons gelijk. Dat noemen we het Dunning-Kruger Effect. Een studie aan de Aalto University heeft het in dit verband zelfs over een “Reversed Dunning-Kruger Effect”. Gebruikers van LLM-modellen overschatten hun kennis meer dan de leken en 99% checkt, net zoals tekst-professional Vandermeersch, de antwoorden niet.

Aan de andere kant is AI een onwillige tool voor de serieuze gebruiker, creatievelingen moeten bergen verzetten om GenAI tot het gewilde resultaat te dwingen, zoals animator Hisko Hulsing aangeeft als hij over AI-gebruik in animatie praat. Maar ook kunstgaleriehouder Constant Brinkman in Amsterdam die door AI-personages AI-kunst laat bakken geeft (in de Groene) aan weken bezig te zijn voor een “kunstwerk”. Je zou kunnen zeggen dat AI zoals het nu aangeboden wordt een beta-product is, een fluïde knip- en plakmachine die voor iedere taak opnieuw getraind moet worden voor hij het werk van mensen deels kan overnemen.

Over wat AI kan heerst groot verschil van mening in de AI-kampen, sommige bedrijven vervangen hele afdelingen door een “AI-agent”, anderen investeren voorlopig meer dan ze terug verdienen. Sommigen, zoals de zo genoemde AI-godfather Geoffrey Hinton, bedelen de LLM-modellen al “bewustzijn” toe op basis van "subjectieve oordelen” die gemaakt zouden worden. Anderen noemen dit gewoon “system weakness”, iets wat ik mezelf ook soms toedicht als ik iets fout zie.

Dit is de derde keer dat ik dit artikel opzet, omdat al lezend en pratend met gebruikers en schrijvend mijn beeld over AI gebruik voor tekst en beeld ging schuiven en ik voortdurend twijfel over mijn eigen positie. En ik wil niemand afbranden, omdat we allemaal geconfronteerd worden met iets waar we wat mee kunnen, maar geen overzicht over hebben. Eenvoudig startend zou je denken, AI, waar zeur je over? Er is een nieuwe techniek die zich snel ontwikkelt, handig voor huis- en tuingebruik, maar ook voor oorlog of wetenschap.

Toen mijn vader eens wat geheugenproblemen had, gaf ik hem een mobiele telefoon, zodat hij naar huis kon bellen als hij de weg kwijt raakte, techniek in dienst van de mens, dacht ik toen nog. De veelgehoorde kreet dat AI net zoiets is als de uitvinding van de stoommachine of de computer ligt voor de hand, maar die claim wordt door Geoffrey Hinton weggewuifd, hij schetst inmiddels een apocalyptisch beeld van dit loslopende “gereedschap” dat zijn grenzen niet kent. Dat maakt die tomeloze investering zonder ROI (return of investment) van de machtigen op aarde begrijpelijker, de techbro’s proberen iets in hun greep te krijgen wat per definitie tussen hun vingers wegglipt omdat het zelfstandig opereert.

Nu ging het mij niet eens om onze opwarmende moeder aarde die amechtig zucht onder al onze nijverheid, het ging mij vooral om mooi of lelijk en authenticiteit. Wat voor de één het vergaren van technologische kracht en pracht is, wordt door de ander als onteigening ervaren, het wegcijferen van vergaarde kennis en talent. Het externaliseren van kennis en kunde dat Socrates al met het door hem gewantrouwde schrift zag plaatsvinden. Hoelang beschouwen we voelen en denken en waarde toekennen nog als iets van ons?

Op zoek naar de eigenheid in AI-land
Ik werd verleid tot het schrijven van dit stuk omdat ik in mijn vak steeds meer AI tref, op de socials zie ik veel amateuristisch geprompte beeldgrappen die voor cartoons moeten doorgaan, waar ik soms naïef tegen protesteerde, iets wat me op bizarre scheldkanonnades kwam te staan, “Jij moet ophouden met je infantiele gezeik”. Het AI-gereedschap is geclaimd en mag niet meer worden afgepakt.

En dan is er naast het vele slop ook het echte jatwerk, een cartoon van Tjeerd Royaards werd omgeprompt tot rechts-populistisch plaatje iets wat je ook met knippen en plakken natuurlijk ook kan doen, maar AI doet dat beter. Maar niet alleen rechtse trollen ontdekken de plaatjesfabriek, er is een Facebook-pagina van Mar Cartoons die aan de lopende band progressieve AI-cartoons brouwt. Ik vind het onaantrekkelijke AI-slob, geef me dan maar een talentloze krabbelaar of een kindertekening, dat is echt leuker om te zien, al weet ik niet of Mar van tevoren lollig schetst of erna of alleen maar prompt, ik kon de persoon achter de cartoons niet vinden.

Later viel mijn oog op een politieke prent van Ruben Oppenheimer, cartoonist van o.a. het NRC en de Limburger, waarin ik een mechanische structuur dacht te zien. Filter of digitale brush waarschijnlijk. Techniek tekent de stijl. Of is het toch AI? Dat zou voor zover ik weet een novum zijn, een bekende politieke cartoonist die AI-techniek gebruikt. Zijn FB-pagina bekijkend lijkt het inderdaad of hij AI omarmd heeft als gereedschap en ik betrapte mezelf op een wat zurig purisme. Dat terwijl ik in het verleden veel gewerkt heb met alle beschikbare technische middelen waarvan Photoshop natuurlijk voorop staat, maar ook de 2D animatie-software Flash was mijn tweede ik.

Flash was ooit de bevrijding voor de tekenaar die ook eens wat animaties wilde maken, Gen AI zou dat nu ook kunnen zijn voor jan en alleman, denk ik nu knarsetandend. Iets in mij wil blijkbaar AI niet accepteren als gereedschap. Is dat de onteigening van mijn vak waar ik bang voor ben, of is het iets anders, de glans van mechanica of juist het slop die je zo vaak ziet? Je bent als maker toch nog steeds baas over mooi of lelijk? In het ANWB-blad de Kampioen bleek dat laatste gelukkig, daar werd de AI-strip Buddy gelanceerd waarop veel kritiek kwam vanuit de tekenwereld, want zeer herkenbare AI-slop. Van de weeromstuit hevelde de redactie de strip over naar tekenaar Marc Kolder die hem helemaal met de hand tekent, en zo goed dat ik weer even ging twijfelen of er geen AI in zat (vooral vanwege een nostalgisch tentje en sfeer). Kolder gebruikt wel AI voor het opzet proces bij storyboarding, vertelt hij. Hij denkt dat net als bij andere technieken dat AI nog moet samensmelten met oude waarden en talenten om “eigen” te worden.

Toen ik Ruben Oppenheimer vroeg naar het waarom voor zijn AI-inzet, belandden we in een geanimeerd gesprek over grafische technieken. Hij had nog gespeeld met thinnerdruk op de academie en gebruikt net als ik Photoshop op veel verschillende manieren. Ik werk met tekensoftware op de iPad bij live-events, ook al pak ik liever een stift en papier, de klant is koning als je je brood moet verdienen. Ruben ziet AI als de zoveelste generatie techniek en onderdeel van zijn ontwikkeling, en ook zijn klant is koning en moet voor de deadline bediend worden binnen de marges van zijn eigenheid.

Hij begreep mijn vraag wel, hij was eens geschrokken van een 100% AI-cartoon van een van zijn iconen. Zijn norm is dat een cartoon zijn verhaal in zijn stijl moet vertellen en “niet (AI) als beeld-generator die zelfstandig een cartoon in mijn stijl produceert, maar als assistent die, zoals de leerlingen van Rembrandt, de achtergrond mag inkleuren of een patroon mag afmaken, terwijl de meester zich bezighoudt met de essentie van het schilderij.”

Mijn vraag blijft steken bij of dit nu een “gereedschap” is of een uiteindelijk onbetrouwbare “assistent” die je een service verleent tegen onduidelijke kosten op termijn. Wellicht kan ik de AI-schilderdoos toch niet scheiden van AI als allesomvattende onteigenende (bronnen/data/identiteit/geld) tijdbom die ik denk te zien?

Is er een grens?
Ik ben natuurlijk benieuwd naar de positie van de NRC-redactie hierin en Oppenheimer vertelt me dat ze dat aan hem overlaten en bezig zijn een protocol op te zetten voor AI-gebruik. Dat maakt me nieuwsgierig naar de speelruimte die ze creëren, en is die voor tekst en beeld hetzelfde?

Uit het avontuur van de ex-hoofdredacteur blijkt dat columns of artikelen laten schrijven door AI nog verboden gebied is of was. Het wordt afgekeurd als niet-authentieke of onethische journalistieke bezigheid. Of dat ook geldt als een komische stukjesschrijver zijn product als “kunstwerk” ziet, en AI prompt voor de leukste metaforen of zinsconstructies, weet ik niet en dat vraag ik hierbij aan de redacties van kranten en tijdschriften. Ligt de grens tussen feit en fictie?

Op hun website vermelden ze met betrekking tot ingezonden opiniestukken “Wij willen het auteurschap van opiniestukken in NRC bewaken en koesteren, en daarom hanteren wij strikte richtlijnen voor AI-gebruik. Elke zin in een stuk moet door de auteur zelf geschreven zijn. Bij het schrijven van de teksten blijft de chatbot dus helemaal uit.” "Auteurschap koesteren” is dus blijkbaar iets dat bij tekenen niet geldt of geheel anders geïnterpreteerd wordt?

Bij fictie is in de creatieve sector de beer in ieder geval los. Scorsese investeert in AI-storyboarding en film- en animatiemakers claimen betere innovatieve producten te kunnen leveren dankzij AI. Netflix stortte zich vorig jaar al op GenAI voor storyboarding en filmbeelden. De animatie van Hulsing (Danse Macabre) die in Annecy AI-tegenstanders tegenover zich kreeg loopt ook voor op anderen, en is een exemplarisch voorbeeld hoe je techniek kunt inzetten om je “eigenheid” - in zijn geval olieverfstreken - te bewaren.

Voor de papiertijgers die ik beluister en tegenkom ligt de grens ook niet bij feitelijkheid. Het laten samenvatten van documenten of schrijven van praatjes is de norm geworden in bestuurlijke kringen. Je kunt veel meer werk verzetten en mensen die al tachtig uur werken vinden dat heerlijk. Minder delegeren aan al die lui met minder talent dan jij. En bij een krant is tijd een notoir missende schakel, er is geen tijd en waar geen tijd is, is AI de gedroomde agent. En die droomt de rest bij elkaar, zo blijkt uit wetenschappelijke publicaties waar AI-ruis in blijkt rond te hangen. Waar leeft die agent? Als het aan Musk ligt in een om de aarde cirkelende server waarin wij en al ons werk straks allemaal als digitale artefacten meedraaien.

AI nestelt zich razendsnel en ongeremd door regels in de hele digitale laag van onze samenleving en onszelf en voegt iets kunstmatigs toe wat ik nu nog oneigen zou willen noemen vanwege de meestal herkenbare onpersoonlijke glans en het geen waarde toevoegt maar eerder lijkt af te nemen. Als het ons van de dood gaat verlossen, accepteer ik die ontzieling waarschijnlijk, dan ben ik om en daar hopen de Peter Thiels van deze wereld op.

Digitaal moet dat lukken, alles blijft in de cloud. De vliedende gedachte als gestold digitaal feit, voor eeuwig in dit digitale wezen verankerd en versmeltend met onze kern, onze menselijkheid, als preambule voor onze denkwereld en toekomstig gedrag en moraal: ”Doe normaal, gebruik mij, iedereen doet het”, als nieuw categorisch imperatief, “maar betaal wel je abonnement op tijd, want ik ben niet van jou, net als je gedachten en je identiteit”. Als ik Oppenheimer vraag of hij die AI-krant al voor zich ziet, zegt hij cynisch: "Oh ja, morgen!", en ikvrees dat hij gelijk heeft, maar ik hoop dat onze smaak of hang naar authenticiteit of idiosyncrasie ons redt van de gemene deler.

Anderen die ik hier naar vraag denken dat de krant al voor een groot deel met AI in elkaar wordt geknutseld. Dat ontbloot een ander deel van ons brein, als we eenmaal “nep” zien, zien we het overal, net als de tegenstanders van de tekenfilm van Hulsing ineens overal AI zagen in zijn film waar het niet zat, een persoonlijk signatuur wordt geïnterpreteerd als mechanische hick-up. Met deze grootschalige onteigening van verbeelden en beschouwen groeit het wantrouwen in de samenleving. Pictoright probeert op haar website de grenzen te vinden om auteursrechtelijke redenen maar blijft in haar formulering steken in het vergelijken van “prompten” met een “kwast” en “heel origineel” als maat voor eigenheid. De “paranoïde” rustelozen, waar ik blijkbaar ook toe behoor, blijven liever met potlood en inkt krabbelen om achtergelaten te worden door een voortrazende gedigitaliseerde wereld.

Nu pas snap ik de ontzieling die ik in mijn vaders ogen las toen ik hem lang geleden die mobiele telefoon cadeau gaf, om naar huis te bellen als hij de weg kwijtraakte. Hij bracht hem de volgende dag terug naar de winkel. Ik snapte dat niet, maar weet nu dat het zelfbehoud was.

AI-Files-PlatoGrot-web

Cartoon Peter Koch

Delen:

Reacties (0)

Joop

Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.

Je kunt je op elk moment uitschrijven. Bekijk of beheer hier alle nieuwsbrieven.

Wil je meer weten over de manier waarop wij met jouw gegevens omgaan? Lees dan ons Privacy statement.

BNNVARA wij zijn voor