Het Departement van Financiën run je blijkbaar met twee vingers in de neus
Zondag maakte Wopke Hoekstra zijn debuut als politiek leider bij WNL op Zondag. Hij gaf lange antwoorden op de vragen van Rik Nieman maar zei niets dat de moeite van het onthouden waard was . Het kwam erop neer dat ze allemaal het moeilijke pad gingen verkennen tussen zo min mogelijk economische en zo min mogelijk gezondheidsschade. Daarna liet Hoekstra zich naar het Catshuis chaufferen waar de ene hoogwaardigheidsbekleder na de andere in vrijetijdskleding en met mondkapje voor arriveerde om zo te benadrukken dat er een ernstig maar informeel overleg zou plaats vinden.
Het zag er naar uit dat stevige maatregelen worden voorbereid, die grote financiële gevolgen hebben voor de betrokken bedrijven. Ze moeten op slot maar liefst niet failliet gemaakt of omver geduwd. Het is belangrijk om dat goed te onthouden: zolang deze bijzondere situatie voortduurt, gaat niemand failliet, valt niemand om. Je wordt failliet gemáákt en je wordt omver gedúwd. Tenzij er een adequate financiële overbrugging komt. Bij het organiseren daarvan speelt de minister van Financiën een essentiële rol. Hij wordt daarbij in dit rampjaar ernstig gehinderd door de Brexit. Deal is minder slecht nieuws dan no deal, maar wat er ook gebeurt: het is altijd schadelijk voor het Nederlandse bedrijfsleven.
Niettemin schijnt Wopke Hoekstra in tegenstelling tot Hugo de Jonge wél tijd te hebben om naast het beheren van een kernministerie ook nog een partij naar de verkiezingsoverwinning te leiden. Het Departement van Financiën run je blijkbaar met twee vingers in je neus.
Nu kan het zijn dat Wopke Hoekstra een genie is die deze dubbele taak fluitend op zich neemt en tot een goed einde brengt maar daar heeft hij in het verleden geen blijk van gegeven. Zijn niet echt wettige aankoop van aandelen in Air France KLM lijkt het Koninkrijk der Nederlanden in alle opzichten windeieren te leggen: wel een enorm verlies, géén betere onderhandelingspositie tegenover Frankrijk al beweert de minister natuurlijk het tegendeel.
Tijdens de onderhandelingen over coronasteun uit de pot van de Europese Unie wist Hoekstra zich eerst met bot gebrachte halsstarrigheid in grote delen van ons continent gehaat te maken om tenslotte toch door de bocht te gaan. Zo trok hij in alle opzichten aan het kortste eind.
Tijdens zijn H.J. Schoolezing wierp hij enig lokaas naar racistisch Nederland door het schrikbeeld naar voren te brengen van een moslimman die zijn echtgenote begeleidde in de spreekkamer en daar weigerde de dokter een hand te geven. Dat zal volgens velen in dit geteisterde land als balsem op de wonde voelen, zeker nu deze passage door veel nieuwsprogramma’s en talkshows uit het archief is gevist. Tegelijk kun je het moslims niet kwalijk nemen als zij na deze terechtwijzing juist nú met uitgestoken hand door het land wandelen.
En hoe luidde de peroratie van deze rede? Wat is het Nederland dat de CDA-leider voor ogen staat? Heeft hij een nieuw visioen dat hem in tegenstelling tot anderen wel in staat stelt om bergen te verzetten, zowel op het Ministerie van Financiën als binnen zijn partij?
"“Laat dit land hét land zijn waar we dat rijke palet aan individuele vrijheden weten te koppelen aan gemeenschapszin. Waar we wederkerigheid en het nemen van maatschappelijke verantwoordelijkheid structureel verankeren. Waarin we op tijd de bakens weten te verzetten en durven kiezen voor een nieuw maatschappelijk evenwicht, waar de hele samenleving in mee kan. Waarin we onverkort kiezen voor het laten floreren van de middenklasse, zodat we in 2030 allemaal met vertrouwen en voldoening aan die keukentafel zitten”"
Van alles wat, vlees noch vis. De diepgang van de Waddenzee bij eb. Oude wijn, niet eens in nieuwe zakken.
Daarom blijft de kwestie: mijnheer Hoekstra heeft U dan wél tijd om een ministerie én een partij te leiden? En zo ja, hoe krijgt U dat dan voor elkaar?
Niet dat er antwoord komt natuurlijk. Beter dan zo’n Schoo-lezing kan hij niet. Deze politiek leider verdrinkt alles in clichés en ontwijkende zinswendingen. En terwijl hij zendtijd vol zit te lullen, zal bij het publiek een heel andere vraag naar voren komen waarop uit CDA-kring net zo min een bruikbaar antwoord komt: wat houdt Pieter Omtzigt écht tegen om de lauwerkrans van het politiek leiderschap te grijpen?