
Vanaf vandaag beslissen wij – de leden van PRO – of we onszelf aansluiten bij de Partij van Europese Sociaaldemocraten (PES) of bij de Europese Groene Partij (EGP). Jesse Klaver liet tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen precies zien waarom wij bij de Groenen horen. Vol verve startte hij zijn betoog met de klimaatcrisis. En terecht natuurlijk! Europa stond deze zomer letterlijk in brand. Nepal werd getroffen door een vreselijke klimaatramp. Droogte maakte rivieren onbevaarbaar. De Europese Groene Partij is bij uitstek de partij die strijdt voor groene systeemverandering. Dat deden we al toen de klimaatcrisis voor veel mensen nog een ver-van-mijn-bedshow was. En dat doen we vandaag, nu de klimaatcrisis voor iedereen in volle omvang zichtbaar is.
PRO is opgericht om onze krachten te bundelen. Samen sterk! Rood en Groen kunnen niet zonder elkaar, want klimaatontwrichting raakt mensen met een kleine beurs het hardst. Voorstanders van aansluiting bij de Europese PES wijzen er vaak op dat de Sociaaldemocraten groter zijn dan de Groenen. Maar in een meerpartijendemocratie bepaalt niet de macht van het getal, maar de kracht van je ideeën hoeveel politieke invloed je hebt. Je hoeft niet de grootste te zijn om invloed te hebben. De ChristenUnie bewees dat al vaker als kleinste regeringspartij in Nederland, de Groenen bewijzen dit dagelijks in het Europees Parlement. Dit geldt des te meer in het Europarlement waar geen vaste coalitie of oppositie bestaat.
Ik ben altijd groot voorstander geweest van linkse samenwerking. Al in 2004 schreef ik namens DWARS (groenlinkse jongerenorganisatie), samen met de jongeren van PvdA en SP het Pepermanifest, waarin we onze partijleiders Femke Halsema, Wouter Bos en Jan Marijnissen opriepen om samen in te zetten op een links kabinet. Sindsdien is dat pleidooi voor samenwerking alleen maar dringender geworden. Het is wat wrang dat het nu uitgerekend de succesvolle progressieve samenwerking in Nederland is, die leidt tot een keuze in Europa. Het liefst zou ik het allebei willen: en de sociaaldemocraten, en de groenen. Maar goed, die keuzeoptie ligt helaas niet voor.
Dus we gaan kiezen. Democratie is een ideeënstrijd. Wie de idealen en ideeën heeft die het beste passen bij de problemen van nu, wint deze strijd, en krijgt daarmee invloed en macht. Zo heeft de sociaaldemocratie aan de wieg gestaan van de verzorgingsstaat, waar wij allemaal nog dagelijks de vruchten van plukken. Zo hard als dat die sociaaldemocratische strijd nodig was in de 20e eeuw, zo hard schreeuwt de 21e eeuw om onze groene idealen, ideeën en energie.
Daarom kies ik vol overtuiging PRO Groen. Omdat de Europese Groene beweging strijdt voor de systeemverandering die nu nodig is. Toen ik in het Europees Parlement werkte zag ik van dichtbij hoe de Groenen keer op keer het verschil maakten. Van de sluiting van kolencentrales tot Europese afspraken over sociale arbeidsomstandigheden. Wat mij daarin steeds weer inspireert is dat groene partijen zelden zijn ontstaan aan onderhandelingstafels, maar bijna altijd uit maatschappelijke bewegingen: de klimaatbeweging, de vrouwenbeweging, de LHBTIQ+-beweging. Idealisme en politieke strijdlust zitten in het DNA van ons Groenen.
Die impact strekt zich overigens uit tot ver buiten Europa. Eerder dit jaar mocht ik spreken op het congres van de Oost-Afrikaanse Groenen. Ik ging daar in gesprek met partijen die, vaak onder moeilijke democratische omstandigheden, mooie resultaten weten te boeken. In Rwanda bijvoorbeeld, is het dankzij de Democratic Green Party, dat de overheid het publieke wagenpark elektrificeert. Dichter bij huis en in Europa zag ik hetzelfde soort moed bij de Groene burgemeester van Boedapest, Gergely Karácsony. Toen de regering-Orbán vorig jaar de Boedapest Pride probeerde te verbieden, riep hij de Pride uit tot gemeentelijk evenement. Het ging door! Met steun van onze Europese Groene familie.
Dat politieke lef is precies wat we nu nodig hebben. We tuimelen met een noodtempo van crisis in crisis: de klimaatcrisis, de wooncrisis, groeiende ongelijkheid, een Europa dat steeds vaker met haar rug naar landen in het mondiale zuiden staat. Dat vraagt om radicale veranderingen in onze economie, internationale samenwerking en politiek. Het soort systeemverandering waar de Europese Groene Partij voor strijdt. In Spanje, Oostenrijk, Denemarken, België, Duitsland, Zweden en Finland hebben Groenen laten zien dat we kunnen meebesturen, zonder onze systeemkritiek in te leveren.
Ik kies daarom vol overtuiging voor de partij die is voortgekomen uit bewegingen die geloven dat de wereld anders kán. In een tijd waarin we van de ene crisis in de andere duikelen, kies ik voor de partij die het echt anders durft te doen. Daarom stem ik PRO Groen.
De auteur is voormalig Tweede Kamerlid voor GroenLinks, vicevoorzitter van de PvdA-GroenLinks EU-verkiezingsprogrammacommissie 2024 en is al bijna 20 jaar overtuigd lid van de Europese en internationale groene beweging.