
Mijn moeder zei dat ik groeide als een giraffe. Een van de buurvrouwen in Ankara was ook lang, met benen als wandelstokken. Haar echtgenoot was een kleine man. Lilliputter, fluisterden we achter onze handen, terwijl we giechelden. Als je zo doorgroeit, zei mijn moeder, zul je later geen jongen vinden die langer is dan jij (1975). Ik wist niet of ze dat als waarschuwing bedoelde of als vloek, maar ik was bang dat het waar zou worden.
Op de dag van mijn islamitische huwelijk, dat officieel een verloving heette, was ik 13 jaar. De imam zat bij de ventilator. “Maşallah”, riep hij toen hij ons zag staan. Ik keek naar mijn aanstaande en voelde opluchting: hij was zo'n hand langer dan ik. Ik moest vooraf een rituele wassing ondergaan, een hoofddoek dragen en knielen voor de zegening van de imam. Hij zei niets nieuws: “Jullie vrouwen zijn (als) akkers voor jullie, komt dan tot jullie akkers zoals jullie wensen”, zegt de Koran. Mijn oom en zwager waren onze getuigen en beaamden alles wat de imam voorschotelde.
Alles wat ik op die dag droeg was door zijn familie gekocht, zelfs mijn eerste bh. De stof prikte, de kant voelde vreemd tegen mijn huid, alsof het bij iemand anders hoorde. “Jouw borstjes passen precies in mijn handpalm”, zei hij (19 jaar) geamuseerd. “Nu ben ik jouw man en in principe alles.”
Omdat ik te jong was, moest ik wachten tot hij mij naar Nederland kon krijgen. Een jaar later keek ik naar ons en zag tot mijn schrik dat ik hem bijna had ingehaald. De zwarte schoenen die ik kreeg, waren speciaal uit Tilburg gehaald. Tot dan toe liep ik op witte sneakers, groot en zacht, want ik vond nooit iets in mijn maat.
In de Scapino (1991) waande ik me in de schoenenhemel. Daar mocht ik een paar schoenen uitzoeken onder mijn bruidsjurk. Het werd een paar zonder poespas, met minuscule hakjes. Zijn zusje kondigde me bij de gasten aan als “onze importbruid”. Dat was geen compliment, maar plaatsbepaling. Zo heb ik mijn eerste boek genoemd: De Importbruid. Mijn ontboezemingen stuitte velen tegen de borst, ook van vrouwen die zich boven de importmensen wanen.
Ondanks de vele jaren die verstreken zijn, spreken de meeste geïmporteerde partners nog steeds nauwelijks Nederlands. Er moet een onafhankelijk onderzoek komen naar hun (arbeids)omstandigheden en de fysieke en psychische schade die zij hebben opgelopen. Daar heb ik keer op keer voor gepleit, ook na het verschijnen van De Importbruid (2008, Arbeiderspers).
De afdelingsvoorzitter van de PvdA-Wageningen, Annelies de Vries, voelde zich geïnspireerd en vroeg mij een lezing te geven over mijn leven, mijn boeken en feminisme. We voerden voorgesprekken en prikten een datum. Door mijn persoonlijke omstandigheden kwam er een kink in de kabel. In de tussentijd viel het kabinet. De Vries belde mij opnieuw. Ze vertelde dat Tutku Yuksel, raadslid namens GroenLinks en activiste met een zwart-witte PLO-sjaal, haar onder druk had gezet om de bijeenkomst met mij af te zeggen- vanwege mijn ervaringen en standpunt dat de onderdrukking binnen de islam wordt verzwegen ten koste van vrouwen.
“Het zet in mijn beleving de hele Turkse cultuur weg als onderdrukkend en beklemmend”, aldus Yuksel in een mail aan De Vries. “Ik heb ook zorgen over de avond zelf, omdat GroenLinks en PvdA lokaal op het onderwerp van migratie, cultuur en religie wat verder uit elkaar staan. Alles bij elkaar heb ik, als persoon met een Turkse en islamitische achtergrond, toch een beetje buikpijn voor dit event.”
Buikpijn, omdat ik het waag te spreken over wat Yuksel liever toedekt. Het verdonkeremanen van de politieke invloeden vanuit de islam, dáár krijg ik pas buikpijn van. De Vries probeerde nog bruggen te bouwen: “Ik dacht dat het goed is een bijeenkomst over migratie te organiseren en te beginnen met de ervaringen van mensen met een migratieachtergrond. In vrijwel elke cultuur en religie zijn onderdrukkende en discriminerende elementen te vinden. Dat is stof tot nadenken en een opening tot wederzijds begrip.”
Yuksel kreeg steun van de Ethiopisch-Nederlandse Zennu Haile-Michael. Als eigenaar van Keer Communicatie dicht Haile-Michael “de kloof tussen mensen met een verschillende culturele achtergronden” en geeft workshops aan maatschappelijk werkers, bemiddelaars, welzijnsorganisaties, internationale studenten, Internationale Schakelklassen (ISK’s), docenten en nieuw gekomen vluchtelingen. Aan vrijheid van meningsuiting hoeven die blijkbaar niet worden blootgesteld.
Volgens De Vries vond Yuksel mij als journalist en schrijver van Turkse afkomst 'stigmatiserend'. Ze stond er alleen voor. Yuksel wilde liever mensen met andere discriminatie-ervaringen uitnodigen, “los van migratie, zoals iemand uit de lhbti-gemeenschap of een strenge gereformeerde kerk.” Uiteindelijk werd De Vries persoonlijk aangevallen: “Dat ik Wilders in de kaart speel en niets van discriminatie afweet, omdat ik zelf die ervaringen niet heb.” De Vries hield het voor gezien.
De bijeenkomst gaat definitief niet door. Wie opkomt voor vrouwenrechten binnen de islam, wordt in linkse kringen steeds vaker behandeld als verrader. Niet de daders van onderdrukking worden aangesproken, maar de vrouwen die de stilte durven te doorbreken.
Mijn moeder zei dat ik zou blijven groeien tot ik nergens meer bij paste. Ze had gelijk. In Nederland groei je al snel te ver boven de conservatieve partijen uit zodra je weigert te buigen. Yüksel die zich opmaakt voor de komende gemeenteraadsverkiezingen ontkent alle beschadigingen, inclusief de woorden in haar berichten.
Hulya Aydogan is journalist en schrijver van De importbruid en De val van Mehmet. Als MeesterBurger ProDemos, Huis voor democratie en rechtsstaat, zet zij zich in voor bewust burgerschap en vrije meningsvorming.
Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.