Sfeerfoto van Joop
Joop
Joop

GGD: drie weken quarantaine na contact met apenpokkenpatiënt

Advies geldt als voorzorgsmaatregel
Joop

Is er een verband tussen eierstokkanker en nachtddiensten?

  •  
16-03-2013
  •  
leestijd 3 minuten
  •  
RTEmagicC_gezond_150_215.jpg
Iedere dag een gezond weetje. Vandaag over hoe je onderzoeken benadert die verbanden leggen, maar geen oorzakelijk verband
Ivan Wolffers schrijft elke dag een gezond weetje, gebaseerd op onderzoeken met merkwaardige en soms ongelofelijke uitkomsten. Door de weetjes van Wolffers leer je van alles over bijvoorbeeld verschillende ziektes, medicijngebruik en gezond afvallen, maar ook over de vaak komische verschillen tussen mannen en vrouwen.
Vanochtend werd mijn aandacht getrokken door een onderzoek waaruit blijkt dat vrouwen die nachtdiensten draaien meer kans hebben op eierstokkanker. Op zich is het niet zo interessant om er veel over te schrijven voor mensen die geen vrouwenarts zijn. Maar ik moest denken aan het onderzoek rond Diane 35, rond DES (het medicijn dat in 1979 in Nederland verboden werd terwijl in 1970 al bekend was dat het met een risico kwam), rond de NDAIDs (geneesmiddelen die op grote schaal worden gebruikt maar met riosico’s komen: zondagavond vertel ik er in het radioprogramma Labyrint iets over). Wanneer neem je een risico serieus?
Gegevens van 1100 vrouwen met de meest gebruikelijke vorm van eierstokkanker werden vergeleken met die van 1800 vrouwen zonder. 27 procent van de vrouwen met eierstokkanker had nachtdiensten gedraaid en 22 procent zonder. Geen groot verschil, maar wel statistisch betekenisvol. Omgerekend naar kansen betekent het een 24 procent grotere kans op gevorderd eierstokkanker bij de vrouwen die nachtdiensten draaide en 49 procent meer kans op beginnend eierstokkanker. Het ging alleen op voor vrouwen boven de vijftig. De vrouwen werden ook nog gevraagd of ze nachtmensen of vroege vogels waren. De kans op eierstokkanker bij ochtendmensen was 29 procent en bij nachtbrakers 14 procent.
Tot zo ver de kale cijfers. Dit is een onderzoek dat alleen maar een verband laat zien. Er is geen bewijs dat die nachtdiensten de oorzaak zijn. Dus dan komt de volgende stap. Hoe schrijf je het op? Verband tussen? Grotere kans? Onderzoekers zullen proberen een verklaring te geven voor het verschil. In dit geval vragen ze zich bijvoorbeeld af of het te maken kan hebben de verstoring van het hormoon dat zorgt voor ons slaap-waakritme, melatonine. Misschien is het zo, misschien niet.
Wat moet je met zo’n onderzoek? Wat zijn de praktische gevolgen? Nachtdiensten weigeren, vooral als je een ochtendmens bent? Omdat er geen oorzakelijk verband is, kun je dat niet adviseren. Veel van onze gewoontes zijn bovendien moeilijk te veranderen en als er geen echt bewijs is dat het de oorzaak is, haal je je schouders op. Je gaat op den duur nu eenmaal dood aan het leven. Maar was moeten we zeggen als het om een medicijn gaat waarbij gebruik verband houdt met belangrijke risico’s? Geen bewijs, maar wel verband. Wat als er voor dat medicijn goede alternatieven zijn? Wat moet er dan gebeuren? Moeten we wachten tot een oorzakelijk verband bewezen is? Of moeten we het zekere voor het onzekere nemen?
Volg Ivan Wolffers ook op Twitter Het vorige weetje: De mens is eigenlijk te intelligent om te roken
Het nieuwe boek van Ivan Wolffers is: Het gezonde lifestyleboek

Meer over:

opinie, leven

Praat mee

Heb je een vraag, suggestie of wil je gewoon iets kwijt? Dat kan hier. Lees onze spelregels.

avatar