
In de naam van Zan, Zendegi, Azadi strijd ik, als zoon van een Iraanse vluchteling, als revolutionair. Tegen het onderdrukkende theocratische regime. Tegen monarchie. Tegen Westerse interventies. En vóór: een democratisch en onafhankelijk Iran.
Ik zie de beelden uit mijn vaderland. Mensen die de straat opgaan. Vrouwen die weigeren te buigen. Jongeren die alles riskeren. Dit is geen momentopname, dit is een kantelpunt. Laat één ding als een paal boven water staan: dit regime is onderdrukkend, gewelddadig en onmenselijk. Dat zien we ook nu, demonstranten die worden opgepakt en vermoord (inmiddels zijn er al ruim 500 vermoord), internet dat geblokkeerd wordt.
Ik spreek en schrijf uit betrokkenheid. Mijn vader moest vluchten uit Iran, voor dit regime. Ik ben opgegroeid met verhalen over angst, repressie en verlies. Die woede tegen het regime leeft overal. In Iran, en in de diaspora. Maar binnen dat gedeelde verzet zie ik iets wat benoemd moet worden. Demonstraties waarin vlaggen en leuzen van de Sjah domineren. Waar monarchie wordt gepresenteerd als het antwoord op theocratie. En precies daar zeg ik ook: stop.
Want de Sjah was geen democratisch alternatief. Onder zijn bewind bestond een eenpartijenstelsel: Het was je daarbij aansluiten of het land uit, zoals de Sjah zelf zei. Wie zich verzette, kreeg geen debat, maar de SAVAK. De inlichtingen- en veiligheidsdienst van de Sjah onder toezicht van de VS, berucht om martelingen, verdwijningen en systematische onderdrukking. Voor veel Iraniërs de meest gevreesde organisatie van die tijd.
Wat ik vandaag zie, is nostalgie. Zoals Ostalgie in Oost-Europa: verlangen naar een verleden dat niet rechtvaardig was. Daarom zeg ik ook expliciet waar ik wél voor sta: Mohammed Mossadeq. Hij zelf is overleden, Maar zijn politieke stroming leeft voort. Mossadeq was de democratisch verkozen premier. Hij stond voor volkssoevereiniteit, sociale rechtvaardigheid en een onafhankelijk Iran. En precies daarom werd hij in 1953 afgezet. Niet door het Iraanse volk, maar door de CIA en MI6.
Zijn ‘misdaad’? Het nationaliseren van de Iraanse olie. Olie van het volk, niet van Britse en Amerikaanse belangen. In het tijdperk van het McCarthyisme werd onafhankelijkheid gelijkgesteld aan gevaar. Zo werd de Iraanse democratie van buitenaf vernietigd. Wat volgde, was de terugkeer van de Sjah, met Westerse steun.
Dus als het Westen vandaag spreekt over democratie in Iran, zeg ik: wie haar ooit afschafte, kan zich niet later als haar verdediger voordoen. Die hypocrisie zagen we opnieuw tijdens de Iran-Irakoorlog. Honderdduizenden doden. En wie verdienden eraan? Westerse wapenhandelaren. Gesteund door Westerse regeringen, inclusief Nederland met Handelaar des doods Frans van Anraat.
En ja, ik verzet me ook tegen de illegale Israëlische en Amerikaanse bombardementen op Iran van afgelopen zomer. Ze brengen geen vrijheid. Ze verdiepen verdeeldheid en ondermijnen zelfbeschikking.
Maar laat me ook iets zeggen tegen mijn linkse kameraden. Soms hoor ik: “Je moet niet anti-regime zijn, want ze zijn anti-Israël en anti-VS.” Maar hoe kun je jezelf progressief en revolutionair noemen als je een regime verdedigt dat vrouwen onderdrukt, de oppositie verplettert en protesten neerslaat? Anti-imperialisme zonder mensenrechten is leeg.
En ja, de economie ligt in puin. Hyperinflatie, armoede en wanhoop. Het regime faalt. Maar doen alsof sancties geen rol spelen is objectief oneerlijk. Decennia van sancties en embargo’s treffen geen machthebbers, maar gewone mensen.
En dan de monarchistische claim, dat de kroonprins Reza Pahlavi de leiding zou moeten hebben in Iran. Allereerst is de monarchie niet democratisch. Daarnaast heeft hij na 47 jaar buiten Iran te hebben geleefd geen legitimiteit. Een leider hoort aan de frontlinie te staan, niet aan de zijlijn.
De revolutie van 1979 werd gedragen door een pluriforme beweging. En we weten hoe dat eindigde: één stroming eigende zich de macht toe. Vandaag is Iran nog steeds pluriform. Wie garandeert dat die diversiteit straks niet opnieuw wordt buitengesloten?
En dan dit: Reza Pahlavi riep Donald Trump op om te interveniëren. Namens wie spreekt hij, wiens mandaat heeft hij? Want uit de moderne geschiedenis van Iran blijkt dat Iraniërs zeer terughoudend zijn met welke buitenlandse interventie dan ook. De buitenlandse inmenging in Iran heeft altijd tot chaos, staatsgreep en economische malaise.
Wie een buitenlandse imperialistische macht, die het internationale recht, mensenrechten, democratie en vrije verkiezingen aan zijn laars lapt, geen vrijheidsstrijder zoals Mandela, vraagt om in te grijpen, is geen onafhankelijk leider. Dat is onderwerping.
Daarom zeg ik dit:
ik ben revolutionair.
Maar niet voor een kroon.
Niet voor een tulband.
Niet voor buitenlandse bommen.
Ik strijd voor een Iran
dat zichzelf bestuurt.
Democratisch.
Onafhankelijk.
Pluriform.
Het lot van Iraniërs ligt uiteindelijk in de handen van de Iraniërs in Iran, het is niet afhankelijk van wat Reza Pahlavi of ik hier in het Vrije Westen zeggen.
Zan. Zendegi. Azadi.
In de voetsporen van Mohammed Mossadegh!
Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.