
Tien jaar geleden werd ik iets wat ik nooit had gedacht te worden. Ik verhuisde naar Rotterdam en werd welkom geheten als Rotterdammer. Met wisselend succes probeerde ik me de taal en gewoontes van de stad eigen te maken. We aten friet - sorry patat - van Bram en ik moest mijn worstenbrood inruilen voor saucijzenbroodjes. Ik draag zelf nog steeds trots mijn zachte G, maar het accent van de twee kleine Rotterdammertjes die ik ondertussen zelf heb gemaakt, is voor mijn Brabantse familie een onuitputtelijke bron van vermaak.
673.000 gelukszoekers
Al eeuwenlang is Rotterdam een idee. Een stad met een open en pragmatische cultuur, onvermoeibaar gericht op wat wél kan. Rotterdam is een belofte aan iedereen die niet lult maar poetst. Iedereen die verlangt naar een betere toekomst voor zijn of haar kinderen en daarvoor de handen uit de mouwen wil steken, is welkom om in onze havenstad het geluk te zoeken. Op bijna organische wijze is een hyperdivers bolwerk ontstaan met ruim 673.000 gelukszoekers uit meer dan 170 verschillende landen. Allemaal worden we aangetrokken door de rauwe en energieke vibe, en bouwen we schouder aan schouder aan een bruisende wereldstad. Een stad van immigranten waar de haven de motor is voor groei en innovatie. Rotterdam is open en eerlijk. Direct, maar sociaal. Hier zorgen we voor mekaar en kennen we onze buren.
Revolutie van Fortuyn
Toen in 2002 Fortuyn de macht greep in de Rotterdamse gemeentepolitiek, woonde ik nog veilig in Eindhoven. Van een afstand zag ik hoe de PvdA onder Kok haar ideologische veren had afgeschud; de partij was gaan geloven in de heilige belofte van eeuwigdurende marktwerking. Op links verdween de empathie en de verbinding waardoor de samenleving verweesd achterbleef. Nergens was het politieke vacuüm tastbaarder dan in Rotterdam. Fortuyn denderde met zijn Leefbaar Rotterdam de raad binnen en haalde bijna 35 procent van de stemmen. De PvdA belandde, na ruim vijftig jaar, voor het eerst in de Rotterdamse oppositiebankjes. Het bleek geen tijdelijke koerswijziging maar het begin van een langdurige uitholling van de typisch Rotterdamse verdraagzaamheid. Nu, bijna 25 jaar later, plukken we de wrange vruchten van de verdeeldheid die Leefbaar en andere populisten jarenlang hebben gezaaid. De erfgenamen van Fortuyn plakken de stad vol met posters; retorische trucjes die hun racistische ondertoon nauwelijks nog verhullen. Wat denken ze bij Leefbaar? Dat ze de stad zo werkelijk beter maken? Gezelliger? Veiliger? Ik ken ze niet persoonlijk, maar ik vermoed dat ook zij diep vanbinnen willen dat hun kinderen opgroeien in een wereldstad om trots op te zijn.
Liefde voor de stad
We moeten iedereen die verdeeldheid zaait wantrouwen want wie verdeeldheid zaait, zal enkel haat oogsten. Degene die stelt dat ‘Rotterdammers’ eerst moeten worden geholpen, heeft een beeld van wat een ‘Rotterdammer’ is en erger nog; een beeld van wat een ‘Rotterdammer’ niet is. Voor mij was Rotterdam een belofte. Tien jaar geleden vond ik hier een nieuw leven. Ik stak het water over, liet een wereld achter me die werd gedomineerd door Philips, carnaval en worstenbrood en vestigde me op de Zaagmolenkade, de mooiste straat van Rotterdam. Ik hou van deze stad maar ben geen Rotterdammer, ik ben een Eindhovenaar.
Buren als bondgenoten
Mijn buren komen uit Kaapverdië, uit Marokko, uit Alblasserdam en we zorgen voor elkaar. Mijn Marokkaanse buren zijn op leeftijd dus als ik ze beneden aan de trap zie met boodschappen, help ik ze een handje. Mijn buren zijn niet minder Rotterdammer dan ik, ze zijn mijn bondgenoten. We moeten zorgen voor mekaar. Dat hoort bij het idee ‘Rotterdam’. Iedereen die hard wenst mee te werken aan de belofte ‘Rotterdam’ is welkom want we vinden kracht in onze diversiteit.
Opstaan tegen fascisme
Deze verkiezingen zijn de kans om af te rekenen met het giftig populisme dat onder de ironische naam Leefbaar verdeeldheid zaait. Het is een kans om af te rekenen met de gluiperige voetsoldaten van het grootkapitaal die zich zonder scrupules extreemrechtse partijen in het centrum van de macht plaatst en niet knippert met de ogen bij een beetje fascisme. Ik benoem het scherp omdat een politiek die mensen verdeelt de fundamenten van onze democratie aanvreet. Jarenlang rechts beleid heeft geleid tot stijgende prijzen, onherkenbaar veranderde buurten en uitgeklede voorzieningen. We moeten opstaan voor elkaar en keuzes maken die leiden tot meer eenheid, -keuzes die het leven voor ons allemaal beter maken. Wonen moet een grondrecht zijn en niet een investeringsproject voor een projectontwikkelaar. We moeten strijden voor gratis OV en voor toegankelijke voorzieningen als zwembaden en bibliotheken.
Een belofte
Rotterdam verlangt naar een linkse politiek die de gedemoniseerde punchlines overstijgt. Een politiek die zorgt voor de kwetsbaren, ruimte geeft voor persoonlijke ontwikkeling, en de reële problemen daadwerkelijk oplost. Met de typisch linkse instelling van samenwerken in ieders belang wordt deze stad weer wat ze hoort te zijn: een belofte voor iedereen met een open einde.
Meer over:
opinie, gemeenteraadsverkiezingen 2026, rotterdam, leefbaar rotterdam, wantrouwen, racismeMeld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.