Logo Joop
De opiniesite van BNNVARA met actueel nieuws en uitgesproken meningen.

Hoe Chili verviel in fascisme

21-01-2026
leestijd 8 minuten
898 keer bekeken
ANP-305348784

Als er één landelijke campagne is waar de wereldwinkels volop aan meededen, dan is het de actie voor een democratisch en socialistisch Chili. Vandaar dit verhaal.

Het is 5 september 1970. De socialist Salvador Allende werd in Chili gekozen tot president. Een wonder, een Gods wonder. Nog geen twee jaar terug eisten jongeren in Praag een ‘socialisme met een menselijk gezicht’ en in Parijs riepen jongeren ‘de verbeelding aan de macht’. Beide bewegingen werden neergeslagen en dan opeens, in een heel ver land, werd zomaar via geweldloze democratische wijze Verenigd Links, de Unidad Popular van socialisten, communisten, sociaaldemocraten, radicalen en linkse christenen, als grootste partij gekozen met Salvador Allende als president. Daarnaast bestond er nog een linkse, buitenparlementaire beweging, de MIR (Movimento Izquirdia Revolutionare). Deze laatste partij was vooral actief in wijkcomités en buurtorganisaties. Zij stond weliswaar achter de Unidad Populair maar waarschuwde tegelijkertijd voor een te groot vertrouwen in de parlementaire weg.

De hele wereld was enthousiast. Niet alleen linkse partijen, ook centrumrechts en sociaal liberalen gunden een sociaal georiënteerde regering die op democratische wijze gekozen was alle kans. De enige die niet blij was, was de VS. Nog geen week na de overwinning gaf president Nixon de geheime dienst, de CIA, opdracht alle middelen te gebruiken bij het opzetten van een militaire staatsgreep. In eerste instantie lukte dat niet. Het leger had weliswaar geen sympathie voor de nieuwe regering, maar de opdracht van de VS uitvoeren, vond zij toch strijdig met de nationalistische eer.

In Nederland startten de Christen-Marxistische werkgroep ‘Sjaloom’ samen met de EVS (Evert Vermeer Stichting, een stichting gekoppeld aan de PvdA) en de wereldwinkels een financiële steunactie op: ‘Ik werk voor Chili!’. Tevens werd opgericht het Chilicomité met als voorzitter Jan Pronk. Toen na het eerste enthousiasme de belangstelling dreigde te dalen, had Chili het geluk dat in 1972 de internationale conferentie tussen arme en rijke landen, de UNCTAD, in Chili bijeenkwam.

UNCTAD
Dit was de derde UNCTAD-bijeenkomst en men verwachtte dat er nu wel wat uit zou komen. Een reeks journalisten en activisten reisden naar Chili waaronder de journalisten Max Arian, Ferry Versteeg, Kees Schaepman, Harry Lockeveer en Herman Vuijsje. Daarnaast activisten als Huub Coppens, Dick Scherpenzeel, Piet Reckman en Simon Jelsma namens Sjaloom en Paul van Tongeren namens de wereldwinkels. Ook het PvdA-Kamerlid Jan Pronk en de fractievoorzitter van de PvdA Joop den Uyl ontbraken niet.

Allende opent de vergadering met een strijdvaardige rede: “De volkeren van de wereld zullen niet langer dulden dat armoede en rijkdom naast elkaar blijven bestaan. Zij zullen geen internationale orde aanvaarden die hun achterlijke toestand zal bestendigen. Zij zullen de uitbuiting overwinnen. Geen corruptie, geen dreigementen en geen geweld!” Vertegenwoordigers van ontwikkelingslanden reageren met een daverend applaus. Ondanks de mooie rede wordt UNCTAD, net als de vorige twee UNCTAD’s een totale mislukking. Nederland stemt met de andere rijke landen mee tegen de voorstellen van de arme landen om meer toegang te krijgen op de wereldmarkt.

In Chili begint Allende dan aan hervormingen tot genoegen van het arme deel van de bevolking maar tot ongenoegen van de meer welgestelden. Artsen en advocaten leggen het werk neer, transportondernemers staken waardoor de voedseldistributie in gevaar komt. Daartegenover staat de MIR die bedrijven wil bezetten en overnemen. Er ontstaan gewelddadige conflicten en om te voorkomen dat de democratie zou verdwijnen, ziet Allende zich gedwongen hoge militairen in zijn regering op te nemen waaronder generaal Pinochet. De rust keert even terug.

Om iedereen het vertrouwen terug te geven, besluit Allende op 11 september 1973 een referendum te houden. Op die dag bombardeert de luchtmacht het regeringspaleis. Allende komt daarbij om het leven, generaal Pinochet grijpt de macht. Zo enthousiast als wereldwijd gereageerd was op de overwinning van Allende in 1970, zo verbijsterd is men over de gewelddadige omverwerping van deze democratisch gekozen regering door het Chileense leger. Reportages over 15.000 doden, duizenden arrestaties, marteling en executies doen de verontwaardiging nog sterker toenemen. Alleen de VS, enkele Latijns Amerikaanse dictaturen plus neofascistische bewegingen uit Duitsland, Spanje en Italië steunen de coup.

De Nederlandse minister Buitenlandse Zaken, Max van der Stoel, spreekt over terreur en premier Den Uyl had het over bruut fascisme. Jan Pronk, ondertussen minister Ontwikkelingssamenwerking, stop direct alle hulp. In de nacht van 11 op 12 september richt Piet Reckman van Sjaloom het Chilistrijdfonds op, een  fonds dat gelden ging inzamelen voor het verzet in Chili. In diezelfde nacht schrijft Reckman een boekje “Chili leest ons de les”, een boekje dat massaal verspreid zou worden. Op zaterdag 15 september vind een demonstratie plaats in Amsterdam waar 20.000 mensen aan meedoen.

Normaal gesproken zijn landensolidariteitsgroepen jaren bezig om de misdaden van een regime over te brengen naar publieke opinie, politieke partijen en parlementen. Denk aan Vietnam, Angola en Zuid Afrika. Niets van dit alles bij Chili. Na de staatsgreep van Pinochet was de actiebereidheid zeer breed. Dit lijkt zeer gunstig, maar omdat elke politieke beweging ‘iets’ wil doen met Chili ontstaat snel verwarring en verdeeldheid. Dat ondervindt ook het Chilicomité. Op 21 september nodigt het comité alle groeperingen uit die zich met Chili bezighouden. De opkomst is overweldigend. Alle linkse politieke partijen, de vakbond FNV, maar ook splintergroepen van maoïsten, anarchisten, trotskisten en neo-marxisten laten zich horen. Tenslotte ook de NOVIB, het kerkelijke IKVOS, de wereldwinkels en Sjaloom zijn daar.

Het Chilicomité was in feite overbluft. Waar zij samen met alle geïnteresseerden een gezamenlijke actie wilde opzetten, ging het al vlug over de wijze waarop actie gevoerd moest worden. Er ontstond een tegenstelling tussen diegenen die actie wilde voeren op basis van en ter versterking van de democratische parlementaire weg, en diegenen die geen enkel vertrouwen meer hadden in democratische hervormingen. Deze laatsten en Sjaloom waren de grootste woordvoerders en wilden een campagne vanuit basisrevolutionaire uitgangspunten. Piet Reckman van Sjaloom verwoordde deze ideologische voorkeur als volgt: “Elke politieke beweging, dus ook de Chilibeweging, moet worden opgebouwd door basisgroepen in de Nederlandse samenleving. De strijd moet beginnen vanuit de eigen onderdrukte situatie van mensen. Bewustwording en revolutionaire ontwikkelingen kunnen ontstaan vanuit verzet van mensen in buurten, wijken, scholen, universiteiten, bedrijven, vakbonden, partijen, kerken en andere maatschappelijke organisaties. Niet alleen de doelstelling, aldus Sjaloom, moet revolutionair zijn, ook de opbouw van een politieke beweging moet voldoen aan bepaalde revolutionaire democratische criteria.”

De meerderheid van de vergadering vond dat deze ideologische keus verder uitgewerkt moest worden. In feite werd de initiatiefnemer van deze brede bijeenkomst, het Chilicomité, opzij gezet en gezien als een van de vele Chiliactiegroepen. Overbluft gingen zij huiswaarts, maar in het weekend schakelde zij een notaris in die van het comité juridisch het officiële Chilicomité schiep. Met die mededeling kwamen zij op de volgende bijeenkomst. Na wat ruzieachtige discussies viel de bijeenkomst nu in drieën uiteen; het Chilicomité, Sjaloom en de federatie van lokale Chiligroepen. De grotere organisaties als vakbond, politieke partijen, NOVIB en wereldwinkels lieten zich niet indelen in een van de drie stromingen. Zij stonden achter de bevrijding van het Chileense volk maar gingen hun eigen weg. Dat beviel Piet Reckman ook niet en daarom vroeg hij Huub Oosterhuis, priester, dichter en activist of hij wilde bemiddelen. Dat deed Oosterhuis met succes. Alle organisaties schaarden zich nu onder de koepel ‘Brede Chili Beweging’ met Oosterhuis als voorzitter. Organisaties steunden elkaar en met demonstraties waren ze allen aanwezig. Na alle geharrewar over de vormen van actie kwam het Chilicomité met twee opzienbarende acties.

Allereerst de actie tegen Stevin. In de zomer van 1975 blijkt uit publicaties dat het Nederlandse bouw- en baggerbedrijf Stevin de komende vijf jaar voor 62,5 miljoen werk gaat verzetten in Chili. Het Chilicomité protesteert hiertegen, hetgeen leidt tot vragen in de Tweede Kamer. Stevin topman Jonkheer Stratenus reageert hierop met: “Ach, die vertoning in1973; die Chilenen zijn nogal heftig, zodat er veel bloed vloeit”. Daarop willen de gemeenteraden van Rotterdam en Haarlem geen orders meer verstrekken aan Stevin. Als Jonkheer Stravenus zich daarover beklaagt, reageren diverse gemeenten dat ook zij geen orders meer aan Stevin zullen geven. Onder druk van lokale groepen, waaronder wereldwinkels, volgen meerdere gemeenten. Op 27 augustus 1976 besluit Stevin zich volledig uit Chili terug te trekken.

Een tweede actie is de succesvolle boycot van Chileens fruit; “Geen bloedappels uit Chili”, betuigen Chiliactivisten als Chileense fruitschepen de Rotterdamse haven binnenkomen. Als in 1977 ook de Nederlandse fruittelers, vanuit concurrentieoverwegingen, om een importstop vragen, wordt de totale boycot van de appel Granny Smit een feit. FNV voorzitter Wim Kok zegt het duidelijk: “Alle Nederlanders moeten nog maar eens goed nadenken voordat ze hun tanden zetten in een bloed bevlekte fascistische appel”. Overal in het land dringen wereldwinkels en andere lokale groepen bij groenteboeren aan te stoppen met de verkoop van Chileens fruit.

In Chili gaat het ondertussen politiek en economisch op en neer. De economie groeit maar het zijn vooral de welgestelden die daar van profiteren. De onvrede groeit. Toch denkt Pinochet via een referendum meer legaliteit te krijgen. Op 11 septembrer 1980 mag de bevolking via een simpel ‘Ja’ of ‘Nee’ uitspreken over voortzetting van het Pinochet  regime. Het wordt een ‘Ja’. Een teleurstelling, maar door deze campagne is de linkse oppositie wel wakker geworden. Stap voor stap durft zij meer te zeggen en te eisen.

Er volgen jaren van actie, zowel in Chili als in Nederland. Als Pinochet voor 1988 opnieuw een ‘Ja’ of ‘Nee’ referendum aankondigt, is de politieke sfeer veranderd. Rechtse partijen weten het ook niet meer, een enkel Juntalid twijfelt terwijl verenigd Links massaal de straat opgaat. Links gelooft in een ‘Nee’. Op 1 oktober, vier dagen voor de stemming, zingen en dansen een miljoen mensen in Santiago met de kreet “De blijdschap komt eraan!”. En ja hoor, deze keer wordt het een duidelijk 55 %  NEE en 43 % JA. Pinochet is woedend en zint op handhaving van de macht. Hij blijft tenslotte generaal en in de grondwet heeft hij laten aannemen dat hij levenslang senator blijft. De nieuwe president wordt de christendemocraat Aylwin. Pinochet dreigt met van alles, maar zijn macht is tanende, terwijl de macht van zijn tegenstanders toeneemt, zelfs zodanig dat hij aangeklaagd wordt voor schending van mensenrechten.

Wellicht dat hij daarom zoveel reist, want op 27 mei 1994 wordt hij met groot gevolg gesignaleerd in het Amstelhotel in Amsterdam. Een oplettende gast belt Amnesty en deze belt mensen van het Chilicomité. “Weg met Pinochet”, klinkt het luidkeels, maar na veel geroep komt de directeur van het hotel naar buiten en zegt van niets te weten. Later wordt duidelijk dat de generaal onder een valse naam is binnengekomen. Na weer veel geroep komt de directeur naar buiten met de mededeling dat Pinochet het hotel via een zijdeur heeft verlaten. Ook in 1998 ontspringt Pinochet via een truc de dans. Hij was in Londen waar de overheid hem wilde arresteren, maar zijn advocaat liet weten dat hij te ziek was om berecht te worden. Hij gaat met een rolstoel in het vliegtuig terug naar huis. In Santiago wordt hij opgewacht door zijn aanhang en als een herrezen prins stapt hij uit de rolstoel, duidelijk van ziekte geen sprake. Hoe populair ook bij zijn achterban, toch altijd nog rond de 40 %, de jaren daarna houdt hij zich gedeisd. Hij heeft nooit schuld bekend. Hij was er zelfs trots op dat hij Chili had gered van het communisme. In 2006 sterft hij aan een hartaanval, 91 jaar oud.

In Nederland ijvert het Chilicomité tot 1994 nog voor vrijlating van de laatste politieke gevangenen. President Alywin bezoekt Nederland, deelt wat medailles uit en mag aanzitten, samen met leden van het Chilicomité bij een diner van koningin Beatrix en prins Claus. Daarna heft het comité zich op en met meerdere Latijns Amerikagroepen gaat zij op in het OLAA  (Organisatie van Latijns Amerika Activiteiten). De nachtmerrie is over. Tijd voor de wereldwinkels zich op andere wantoestanden te storten.

Delen:

Altijd op de hoogte blijven van het laatste nieuws?

Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.

Al 100 jaar voor