
Ik erger me al een tijdje kapot aan journalisten die rechtse politici wel vragen wat ze vinden, maar zelden doorvragen naar waar dat uiteindelijk toe moet leiden. Een enkele opiniesite of magazine op links durft het wel al heel voorzichtig. Maar die, door rechts, verafschuwde MSM nog bij lange na niet.
Neem het idee van het “oorspronkelijke Nederlanderschap”. Oh, denk je dan. Maar wat bedoelen ze daar precies mee? Wie hoort er volgens hen wel bij en wie niet? En hoe gaan ze dat vaststellen? DNA-testen? Pakken ze de RAL-kleurenschaal van de Gamma? Kijken ze ook naar achternamen, zoals de Franse vertaling van de naam ezelhengst? En vooral: hoe moet Nederland eruitzien als hun ideeën volledig zijn uitgevoerd? Dat blijft nu steeds, niet per ongeluk, in het ongewisse.
Daar zou een journalist toch eens rustig voor moeten gaan zitten. Wat merken mensen daar concreet van? Welke rechten veranderen? Wie mag blijven en wie niet? En als men vindt dat bepaalde groepen uiteindelijk geen onderdeel meer mogen zijn van Nederland: hoe denkt men dat dan te bereiken? Wat is daar dan voor nodig? In de wetenschap en industrie hebben we het dan over “de beslisboom”.
Laat ik het nog concreter maken. Als het einddoel bijvoorbeeld is dat moslims het land moeten verlaten, hoe ziet dat er dan in de praktijk uit? Gaan mensen vrijwillig weg? Worden ze uitgezet? En wat gebeurt er met mensen die niet willen of kunnen vertrekken? En misschien nog belangrijker: wat vinden andere landen daarvan? Gaan die zomaar meewerken aan het op grote schaal opnemen van mensen die Nederland eruit wil gooien? Want ons land kent een miljoen moslims, ook “oorspronkelijken”. En wat gebeurt er als die landen dat niet accepteren en hetzelfde met Nederlanders doen? Want ja, waarom zouden zij niet mogen gaan voor hun “oorspronkelijke bewoners”? Dat is nog een pittige uitdaging voor landen als de VS en Canada, maar dit even terzijde.
Dat zijn geen gekke vragen. Het zijn de logische vervolgvragen wanneer iemand beweert dat Nederland terug moet naar de 17e eeuw, qua bevolkingssamenstelling. Dat is het verledenbeeld waar zo naar wordt terugverlangd bij een specifieke partij. Sterker nog, en eigenlijk herhaal ik het: ik zou toch willen weten hoe Nederland eruitziet op de dag nadat alle plannen dus voor honderd procent zijn uitgevoerd.
Wie woont er dan? Wie heeft welke rechten? Wie bepaalt wie er Nederlander is? En hoe is die uitzetting van “niet-oorspronkelijken” eigenlijk tot stand gekomen? Hoe staat de economie ervoor? Wat is de staat van de gezondheidszorg? Is dat vreedzaam gegaan? Of waren daar dwang, repressie of zwaar geweld voor nodig?
Journalisten hoeven zulke vragen niet te stellen omdat ze het ergens mee eens of oneens zijn. Ze moeten ze stellen omdat het hun vak is om politieke plannen inzichtelijk te maken. Want een politicus kan krachtige woorden gebruiken over “herstel”, “eigen volk” of “oorspronkelijk Nederlanderschap”. Maar woorden zijn goedkoop en zelfs leeg als ze niet zorgvuldig worden uitgewerkt. Ze zijn wel gevaarlijk en dat zien we nu bij alle geweldplegingen richting vluchtelingen.
Vraag dus niet alleen naar het doel, maar naar het uitgewerkte eindplaatje: wat verandert er, voor wie, tegen welke prijs en hoe wordt dat bereikt? En als de politicus daarop geen antwoord heeft en geen beslisboom toont, is dat óók nieuws. Want misschien hebben we dan te maken met politici die zelf niet (willen) begrijpen wat hun eigen voorstellen uiteindelijk gaan betekenen en in welke ellende ze hun achterbannen gaan storten. Achterbannen die het luidst roepen om terugkeer naar de “oorspronkelijke Nederlander”, maar feitelijk geen enkel benul hebben van wat het voor henzelf betekent. Die vragen moeten overigens ook worden gesteld aan vaste talkshowtafelverrampeneerders zoals Wierd Duk en opinieverzinners als Paul Cliteur en Ronald Plasterk.
En dat is precies waarom journalisten moeten doorvragen: om kiezers helderheid te geven, plannen toetsbaar te maken en ruimte voor ongericht populisme te verkleinen.
Laat je daarbij niet afleiden door Trumpiaanse trucjes en scheldpartijtjes. Je hebt dan gewoon een punt te pakken dat doorvragen verlangt. Gooi het maar out in the open, speciaal voor de twijfelaars op rechts.
Dus: Hé journalist, vraag door naar het rechtse eindplaatje!