
Gisteren, op Internationale Vrouwendag, liep ik mee in de Feminist March. Ik was met een groep die gekleed ging als Suffragettes; activisten die aan het begin van de vorige eeuw streden voor vrouwenkiesrecht.
Met succes: in 1917* kregen vrouwen in Nederland passief kiesrecht en in 1919 ook actief kiesrecht. Hiermee zat Nederland binnen Europa in de voorhoede, samen met onder meer Finland (1906), Noorwegen (1913), Rusland (1917) en waren we eerder dan bijvoorbeeld Frankrijk (1944), Griekenland (1952) en Zwitserland (1971).
De Suffragettes waren binnen de Europese vrouwenkiesrechtbeweging de meest radicale groep. Ze waren burgerlijk ongehoorzaam en braken ramen, gooiden stenen, staken postbussen en gebouwen in brand, sneden telefoondraden door, blokkeerden wegen en werden massaal gearresteerd. Velen van hen belandden in de gevangenis, waar ze in hongerstaking gingen (en gedwongen gevoed werden).
Hun motto ‘Deeds not Words’ prijkte gisteren in de Nederlandse vertaling ‘Geen woorden maar daden’ op ons spandoek. Niet uit nostalgie. Hun boodschap is vandaag de dag nog steeds nodig: liep Nederland met de invoering van het vrouwenkiesrecht nog voorop, ruim een eeuw later is van die voorhoede weinig meer over.
Op de WEF Global Gender Gap Index 2025 zakte Nederland 15 plaatsen naar plek 43 (van 148 landen). In februari 2026 beoordeelde het VN-Comité voor de Uitbanning van Discriminatie van Vrouwen ons land voor het eerst in tien jaar. Hun conclusie was niet mals: Nederland schiet tekort in de bescherming van mensenrechten van vrouwen. Ze kwamen met een lange lijst aanbevelingen op het gebied van arbeid, zorg, geweld tegen vrouwen en politieke participatie. Niet het soort rapport dat je naast je neer zou moeten leggen.
Maar de politici die met deze aanbevelingen aan de slag zou moeten gaan, laten het afweten. Wel doen ze graag alsof ze vrouwenrechten belangrijk vinden. Dat wordt ook wel ‘pinkwashing’ genoemd en als daar lijstjes voor zouden zijn, scoorde Nederland vast heel hoog.
Zo plaatsten VVD’ers Brekelmans en Yesilgöz gisteren ronkende berichten op X: ‘Als het gaat over jouw veiligheid, vind je de VVD altijd aan je zijde.’ De PVV is alleen ‘bezorgd’ over de veiligheid van vrouwen als de vermeende dader een migrant is. Ondertussen bezuinigde het kabinet-Schoof waar beide partijen inzaten, fors op vrouwenrechten en gendergelijkheid. En werden PVV-staatssecretarissen Vicky Maeijer en Ingrid Coenradie in 2024 zelfs geweigerd bij een bijeenkomst van UN Women in Enschede over geweld tegen vrouwen, vanwege de ‘onacceptabele’ standpunten van hun partij.
Premier Jetten liet gister op social media weten dat hij ‘in gedachten met ons meeloopt’ in de Feminist March. Terwijl het pas gesloten regeerakkoord - waar de VVD trouwens ook weer meedoet - volgens FNV de economische ongelijkheid tussen vrouwen en mannen verder vergroot. Deeds not Words, Rob!
In mijn eigen woonplaats Den Haag plaatste burgemeester Jan van Zanen gister een nietszeggende post over de Haagse Vrouwendagen. Toch presenteert ook hij zich graag als voorstander van vrouwenrechten.
Vorig jaar was hij op 9 december aanwezig bij de International Women & Peace Conference in Den Haag. Daar sprak hij in zijn welkomstwoord over ‘the vital role women play in peace processes.’ Hij zei verder: ‘When we look at history and at today’s society, what we see is this: Women are often the engine that drives peace. They carry hope, they bring about change.’ en hij sloot af met: ‘When propagating these values, you will always find The Hague by your side.’
Ontroerend, toch? Ik zou er bijna een traantje bij wegpinken. Ware het niet dat hij precies een week later, op 16 december 2025, het aangepaste demonstratiebeleid van de gemeente Den Haag liet vaststellen in het College van B&W, met daarin een nieuwe paragraaf over ‘ontwrichtende demonstraties’. Die stelt dat demonstranten met wegblokkades proberen 'anderen zo diep mogelijk te kwetsen.' Amnesty noemt dat in een reactie stigmatiserend en onjuist.
Het lijkt erop dat Van Zanen voor het gemak even vergeet dat de vrouwen die volgens hem ‘hoop en verandering’ brengen ook wel eens vreedzame burgerlijke ongehoorzaamheidsacties organiseren. Dat ze ook wel eens een weg blokkeren. En dat ze dat ook wel eens doen in Den Haag. Dat ze daar onder zijn verantwoordelijkheid keihard worden neergeslagen door de politie en daarbij regelmatig zware verwondingen oplopen waaronder botbreuken, open wonden en blauwe plekken.
In onderzoeken naar demonstratierecht van onder meer Amnesty, de Ombudsman en Follow The Money komt Den Haag steevast naar voren als een van de moeilijkste steden om je demonstratierecht uit te oefenen.
Demonstreren in Den Haag is gevaarlijk. Ook voor vrouwen.
Ik roep burgemeester Van Zanen, zijn partijgenoten, de nieuwe premier en zijn kabinet en alle andere politici op om te stoppen met pinkwashing en het motto van de Suffragettes ter harte te nemen:
‘Geen woorden maar daden’!
*Het Nederlandse kiesrecht gold trouwens alleen voor vrouwen in Nederland. In de voormalige Nederlandse koloniën moesten ze veel langer wachten: in Nederlands-Indië tot 1945, op de Antillen en in Suriname tot 1948.
Meer over:
opinie, feminisme, feminist march, pinkwashing, vrouwenrechten, demonstratierecht, jan van zanenMeld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.