
Vorige week berichtten de Volkskrant en Nieuwsuur dat verschillende politici waarschijnlijk AI gebruiken voor hun communicatie. Rob Jetten laat sociale mediaberichten mede met behulp van AI schrijven. Sommige speeches van Dilan Yesilgoz en staatssecretaris Derk Boswijk leken bijna volledig door AI te zijn gemaakt. De discussie die volgde bevat een interessante les voor iedereen die AI gebruikt.
Critici voerden aan dat politici authentiek moeten zijn en dat het gebruik van AI daaraan afbreuk doet. Hun argumentatie vond ik interessant. Frits Wester vertelde in het programma Renze dat hij in zijn tijd als voorlichter bij het CDA betrokken was bij het schrijven van speeches. Hij sparde onder anderen met Eelco Brinkman en schreef delen van zijn teksten.
Wouter de Winther ging in de podcast Afhameren nog een stap verder. Veel speeches van bewindspersonen worden volgens hem volledig door speechschrijvers geschreven en vervolgens door een minister of staatssecretaris uitgesproken. Daar is volgens De Winther niets mis mee.
Maar het gebruik van AI was voor zowel Wester als De Winther uit den boze.
Aan tafel bij Renze keken voormalig voorlichter Roy Kramer en opiniepeiler Gijs Rademaker daar anders naar. Volgens hen kun je AI, net als een medewerker, heel goed als sparringpartner gebruiken. De politicus levert de ideeën, ervaringen en gevoelens aan en krijgt hulp bij het vertalen daarvan naar een goede tekst.
Roy Kramer kwam met een mooie vergelijking. In de documentaire 'Zij gelooft in mij' over het leven van André Hazes zien we de volkszanger met een rijmwoordenboek in zijn hand een liedje schrijven. Werden de teksten van Hazes daardoor minder authentiek? Volgens Kramer niet.
Als we het erover eens zijn dat politici via speeches en sociale media moeten laten weten waar ze mee bezig zijn, wat zien we dan liever? Een premier die medewerkers en AI inzet om zijn eigen ideeën te vertalen naar een heldere tekst, of een premier die achterin de dienstauto zelf zijn berichten voor sociale media zit te tikken? Voor mij is het antwoord op deze vraag helder.
In zijn podcast bezwoer Wouter de Winther dat al zijn werk authentiek en volledig door hemzelf geschreven is. En dus moet de minister-president dat ook doen? Deze vergelijking gaat mank. De Winther wordt betaald om te schrijven en verslag te doen. De minister-president en andere bewindspersonen worden betaald om het land besturen.
Mijn communicatietip is daarom: gebruik AI gerust als sparringpartner en tekstassistent, maar lever zelf de gedachten, argumenten en voorbeelden aan. Controleer de feiten, herschrijf de tekst daar waar nodig en vraag jezelf vóór publicatie af: zou ik dit ook zelf zo zeggen? Als het antwoord nee is, is de tekst nog niet af.
Laten we bewindspersonen daarom niet afrekenen op wie de tekst heeft getypt, maar op de vraag of de boodschap werkelijk van hen is en of ze voor ieder woord durven in te staan.