
‘Had mijn vrouw maar één zo’n been!’ Schrijver Godfried Bomans sprak deze woorden tijdens het Grand Gala du Disque in 1963. Hij presenteerde de wereldster Marlene Dietrich en blikte terug op een bioscoopbezoek waarin een oude man verrukt naar de legendarische benen van Marlene Dietrich keek en deze zin uitriep.
Dietrichs benen stonden destijds symbool voor onbereikbare glamour. In de naoorlogse jaren was die norm zo dwingend dat vrouwen bij gebrek aan nylonkousen met oogpotlood een naad op hun blote kuiten tekenden. Toen er weer kousen kwamen, waren die voor veel vrouwen schaars en duur. Met een ladder ging je nog plichtsgetrouw naar de kousenreparateur.
Mensen werden ook toen op hun uiterlijk beoordeeld. ‘Nou ja, die en die hebben wel mooie benen’, deelde mijn moeder de vrouwen in haar omgeving in. Zelf had ze een stevige onderbouw. ‘Dat oerhollandse uiterlijk had haar in haar leven belemmerd', vertelde ze vaak. Haar onzekerheid bracht ze over op haar vier dochters. Wij kregen – de een wat meer dan de ander – ook stevige benen.
Natuurlijk dacht niet elke vrouw destijds zo bekrompen. Er waren genoeg sterke vrouwen die zich niets van die dwingende blik aantrokken en hun eigen koers voeren. Maar voor velen was de druk van het ideaalbeeld voelbaar. De boodschap waarmee generaties opgroeiden was helder: een vrouw hoorde slank te zijn met een fijne botstructuur.
Maar wat doe je als je opeens 1,80 meter lang wordt en stevige benen krijgt? Dan identificeer je je eerder met tienerpop Ken dan met de fragiele Barbie. Het blijft een absurde spagaat: je bent groter dan de meeste mannen in je omgeving, maar de cultuur eist nog steeds dat je er breekbaar uitziet.
Vandaag de dag is er in de kern weinig veranderd. De obsessie met het vrouwenlichaam is eerder groter geworden. Anno 2026 lijkt het slanke ideaal op de catwalks niet zozeer terug te keren als wel opnieuw te domineren. Uit de meest recente data van Vogue Business blijkt dat 97,6 procent van de looks tijdens de herfst/winter shows van 2026 werd gedragen door modellen in de categorie straight-size, door Vogue Business gedefinieerd als UK-maat 4 tot en met 8 – grofweg EU-maat 32 tot 36. Slechts 2,1 procent viel in de mid-size categorie en 0,3 procent in de plus-size categorie.
Dit hernieuwde magere ideaal uit zich in surrealistische korsetten en dunne ensembles die naar het lichaam zijn gemodelleerd. Neem de veelbesproken Schiaparelli-creatie van Daniel Roseberry voor Kylie Jenner tijdens het Met Gala van 2026, waarin het lichaam werd nagebootst met onder meer een optische navel en nagemaakte tepels. Of de sculpturale, oranje glasvezel-borstplaat die Kim Kardashian tijdens hetzelfde gala droeg: een samenwerking van kunstenaar Allen Jones en ontwerpers Whitaker Malem. De lichaamsvorm wordt zo niet alleen verhuld, maar letterlijk nagebouwd. De illusie van naaktheid wordt een kledingstuk. Een uitgetrokken jurk hangend op haar heupen.
Aangejaagd door de populariteit van afslankmiddelen als Ozempic en door filters op sociale media corrigeren we onszelf nu digitaal, klinisch of met textiele poespas. Ozempic is bedoeld voor de behandeling van diabetes type 2; semaglutide wordt daarnaast als Wegovy voorgeschreven voor gewichtsbeheersing. Waar vrouwen vroeger met een oogpotlood in de weer gingen, trekken we nu een optisch naaktkorset aan en injecteren een vol gevoel.
De dwingende maatschappelijke norm dat een vrouw fysiek vooral niet te veel ruimte mag innemen is actueler dan ooit. Dat merk je dagelijks in het openbaar vervoer. Veel mannen zitten breeduit op tweepersoons zitplaatsen in de trein, bus of metro. De hardnekkigste schoonheidsnorm gaat in essentie dan ook niet alleen over hoe een vrouw eruit hoort te zien, maar over hoeveel ruimte zij zichzelf mag toestaan.