
Politici die Israël te vuur en te zwaard willen verdedigen, hebben al lange tijd géén verhaal meer. Whataboutismes zijn dan vaak nog hun enige uitweg. Maar juist deze whataboutismes maken de aanklacht tegen Israël vaak alleen maar stérker.
Afgelopen donderdag gebeurde het weer. In de vrolijk rechtse talkshow Goedenavond Nederland - waarin de talkshowhosts nauwelijks een kritische vraag aan hun geregeld knetterrechtse gasten stellen - pleitte Mona Keijzer vóór deelname van Nederland aan het Eurovisie Songfestival. Want je moest cultuur en politiek nu eenmaal wél gescheiden houden. Ik twijfel er daarom niet aan dat dit ook haar standpunt zou zijn geweest als Iran aan het Eurovisie Songfestival zou deelnemen, maar dat terzijde. Bovendien begreep ze niet waarom de kritiek zich wél richt op Israël maar niet op Azerbeidzjan, terwijl dat land toch écht de misdaad van etnische zuivering zou hebben gepleegd.
Het is het bekende whataboutisme waarin rechtse politici zo sterk zijn zodra het om Israël gaat. Omdat ze niet meer in staat zijn op geloofwaardige wijze Israëls genocidale misdaden goed te praten, zoeken ze voortdurend naar manieren om de aandacht af te leiden. Maar omdat deze politici - evenals hun talkshowhosts - vaak verdomd slecht zijn geïnformeerd, hebben ze vaak niet eens in de gaten dat de door hen gebruikte whataboutismes de aanklacht tegen het door hen zo geliefde Israël alleen maar sterker maakt.
Zo ook de door Mona Keijzer genoemde etnische zuivering in Nagorno-Karabach.
Israëls cruciale rol in de misdaden tegen Armeniërs
Zoals bekend stellen verschillende mensenrechtenorganisaties dat er zware oorlogsmisdrijven zijn gepleegd jegens de bevolking van Nagorno-Karabach, een (inmiddels voormalig) Armeense enclave die wordt omringd door Azerbeidzjan, het land dat de oorlogsmisdrijven pleegde. Zo vond er in 2023 een groot militair offensief plaats, voorafgegaan door een negen maanden durende blokkade van Nagorno-Karabach, waardoor meer dan honderdduizend etnische Armeniërs - 99% van de bevolking van de regio - hun woonplaats moesten verlaten.
Human Rights Watch en Amnesty International spreken onder meer over grove mensenrechtenschendingen, gedwongen verplaatsing en mass exodus. De beide mensenrechtenorganisaties gingen tot nu toe nog niet zover de misdaden als etnische zuivering te omschrijven, daar waar het Europees Parlement dat overigens wel deed. Maar etnische zuivering of niet, de in 2023 door Azerbeidzjan gepleegde oorlogsmisdaden tegen het Armeense volk van Nagorno-Karabach zijn weerzinwekkend.
Dat hier sprake is van ernstige oorlogsmisdaden, staat dan ook niet ter discussie. Maar wat Mona Keijzer en andere rechtse politici met hun whataboutisme gemakshalve ‘vergeten’ te vertellen, is dat Israël de belangrijkste militaire bondgenoot van Azerbeidzjan is. Niet alleen verleent Israël al jarenlang forse militaire steun aan dit buurland van Iran; op het hoogtepunt van het militaire offensief tegen de burgers van Nagorno-Karabach gingen er dagelijks wapenvluchten van Israël naar Azerbeidzjan met als doel hun bondgenoot te helpen met het verdrijven van de Armeense bevolking uit de regio. In het plegen van etnische zuivering is Israël nu eenmaal als géén ander ervaringsdeskundige.
Volgens The Times of Israel blijkt uit luchtvaartgegevens en onderzoeksrapporten dat er een aanhoudende luchtbrug was van Azerbeidzjaanse militaire vrachtvluchten naar de Israëlische luchtmachtbasis Ovda, de enige Israëlische luchthaven die bevoegd is om explosieven te exporteren. Deze vluchten vertoonden een historische piek vlak voor grote escalaties in Nagorno-Karabach in 2023.
Overigens hebben Armeense christenen in Oost-Jeruzalem ook frequent last van Israëls criminele mentaliteit. Zo hebben de Armeniërs te maken met intimidatie, pesterijen en geweld van ultranationalistische Israëlische kolonisten plus de Israëlische politie. En uiteraard doet Israël bij voortduring pogingen om Armeense bezittingen te onteigenen.
Waar politici als Mona Keijzer en VVD’er Eric van der Burg denken met afleidingsmanoeuvres de aandacht voor Israël te kunnen verminderen, doen ze - mogelijk zonder het zelf te weten - precies het tegenovergestelde. Want eenieder die door dit soort whataboutismes op het idee komt zich eens in de kwestie Nagorno-Karabach te verdiepen, loopt meteen aan tegen de uiterst kwalijke rol die Israël daarin heeft gespeeld.
Ook de Soedanese Rapid Support Forces gebruiken Israëlische wapens
Zij die Israëls genocidale misdaden onder het tapijt willen vegen, komen overigens ook geregeld met Soedan als whataboutisme. En opnieuw is dit een niet al te sterke afleidingsmanoeuvre. Want hoewel de rol van Israël in Soedan minder duidelijk is dan die in Azerbeidzjan, weten we wel dat de Verenigde Arabische Emiraten (VAE) een belangrijke wapenleverancier en bondgenoot is van de Rapid Support Forces (RSF), de groep die genocide pleegt op de niet-Arabische bevolking van Soedan.
Een rapport van het Washington Institute toont aan dat de VAE een belangrijke financiële en logistieke schakel vormen voor de RSF. En dat terwijl de Verenigde Arabische Emiraten (VAE) geavanceerde wapensystemen ontwikkelen en produceren in samenwerking met Israel Aerospace Industries (IAI) en het eveneens Israëlische Elbit Systems. Dat hierdoor geavanceerde technologieën en wapensystemen vanuit Israël via VAE naar de RSF kunnen stromen, ligt voor de hand.
De militaire samenwerking tussen Israël en de VAE is dan ook uitgegroeid tot een ongekende operationele alliantie, wat onder meer blijkt uit de actieve inzet van Israëlische defensiemiddelen en -personeel op het grondgebied van de VAE. Dat de RSF in het bezit is van Israëlische wapens en artilleriesystemen, is overigens al bewezen. Zo zijn er onder meer videobeelden die tonen dat RSF-troepen Israëlische LAR-160 raketwerpers gebruiken, gemonteerd op lichte vrachtwagens. Omdat het officiële Soedanese leger dit systeem niet eerder heeft gebruikt, stellen analisten dat de RSF het op een andere manier moet hebben verkregen, waarbij levering via Israëls militaire samenwerkingspartner VAE als het meest waarschijnlijk wordt geacht.
Whataboutismes werken niet meer
Politici die Israël te vuur en te zwaard willen verdedigen, hebben al lange tijd géén verhaal meer. Ook daarom gaat het in onze rechtse talkshows nog maar zelden inhoudelijk over Israël. En zodra de misdaden van Israël wél aan bod komen, worden er als afleidingsmanoeuvres allerlei whataboutismes uit de kast gehaald.
Maar juist deze whataboutismes maken de aanklacht tegen Israël vaak alleen maar stérker. Waarmee ook het pleidooi voor een boycot van het Eurovisie Songfestival bij blijvende deelname van Israël simpelweg aan kracht wint.