
Nico schrijft een serie artikelen over oorlog, dit is aflevering 86.
Hoe bont moeten politieke leiders het maken voordat het geoorloofd is om ze buiten spel te zetten? U mag daar als lezer zelf namen bij bedenken en ethische afwegingen bij maken. Dat uitschakelen van leiders kan, zo blijkt in de praktijk, op heel veel manieren: langs democratische weg; door een moordaanslag; door iemand bij een aanval te ontvoeren, zoals Trump aan het begin van dit jaar in Venezuela deed. Maar heel vaak gebeurt zoiets via een staatsgreep.
Een van de meest bijzondere ontmoetingen die ik ooit gehad heb, was aan het begin van deze eeuw in Porto Novo, de hoofdstad van het West-Afrikaanse Benin. Daar stelde een collega mij in mijn hotelletje voor aan een man die zei professor in staatsgrepen te zijn. Dat was nieuw voor mij. Als journalist wilde ik bloedserieus het naadje van de kous weten en ik werd op mijn wenken bediend. De professor praatte honderduit over de geschiedenis van coups in vele Afrikaanse landen, de voor- en nadelen, maar ook hoe hij politici die in hun land de macht wilden grijpen de kneepjes van het vak bij bracht. Hoe je verkiezingen beïnvloedt, je militaire makkers voor je wint, hoe je de media de mond snoert of verkiezingen in het vooruitzicht stelt. We hadden over Zuid-Afrika, Amin en Mobutu. Over het kolonialisme en de slavernij. Over van alles en nog wat. Ik kon mijn oren niet geloven. Waar ik vooral van in de war raakte was dat hij het als wetenschapper heel gewoon leek te vinden om dictators tegen betaling diensten te verlenen. Hoe de man heette en of hij nog leeft, geen idee.
Hoe zou de ‘professeur coup d’état’ vandaag de dag met Trump en de Amerikaanse legerleiding omgaan? Zou hij Trump hebben kunnen adviseren om Maduro te ontvoeren? Of zou hij op de Amerikaanse generaals inpraten om Trump als president af te zetten. Al was het maar om de kans op een nieuwe wereldoorlog te verkleinen, nu Trump ook heeft gezegd militair in Groenland te willen gaan ingrijpen.
Waarom kunnen generaals in Afrika wel de macht overnemen, maar niet in de VS, China en de Sovjet-Unie? Wat voor antwoord zou onze staatsgrepen-expert op die vraag hebben gegeven? Ik probeer mij ook voor te stellen hoe een gesprek tussen hem en de ex-generaal Mart de Kruif, die in menige talkshow als een redelijk argumenterende gast overkomt, zijn verlopen. Wanneer zou de Kruif een staatsgreep, waarbij Donald Trump uit zijn macht ontheven wordt, kunnen billijken? Nooit of ooit? Gisteravond zei hij bij De Wit: “Wij hebben vrienden waar we niet meer van op aan kunnen.” Het gaat nu alleen nog om het recht van de sterkste.
Ik weet dat de Amerikanen ons in de Tweede Wereldoorlog bevrijd hebben. Ik weet hoeveel ze aan de NAVO bijdragen. En hoe indrukwekkend hun militaire apparaat kan functioneren. Maar hoeveel bonter moet Trump het nog maken voordat sleutelfiguren als Mark Rutte, de Joint Chiefs of Staff en de minister van Defensie tot de conclusie komen dat de president van Amerika het beste het veld kan ruimen? Wanneer moet er een einde komen aan het slaafs slijmen en de vriendjespolitiek?
Toevallig viel mijn oog op een oude column van Linda Polman in de Militaire Spectator van 21/11/2016. Haar hele beschouwing bevat veel interessante informatie. Polman schreef dat Donald Trump een lang en kleurrijk verleden heeft van openlijke minachting voor militairen. Trump karakteriseert zichzelf als ‘onvoorspelbaar, in de betekenis van ‘speels en ongeremd’. Het meeste wat ik doe is totaal ‘spontaan,’ vertelde hij. Zowel Democraten als Republikeinen hebben hun wenkbrauwen gefronst over deze karaktereigenschap in combinatie met zijn toegang straks tot het nationale nucleaire arsenaal.
Een gewaarschuwd mens telt voor twee.
Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.