Logo Joop
De opiniesite van BNNVARA met actueel nieuws en uitgesproken meningen.

De wereld staat weer in brand en wij stoppen 14 miljard euro in luchtkastelen

Gisteren
leestijd 4 minuten
774 keer bekeken
ANP-465129211

Het is april 2026 en Europa beleeft zijn tweede energiecrisis in vier jaar. De oorlog tegen Iran heeft de Straat van Hormuz lamgelegd. Twintig procent van de mondiale olieaanvoer is afgesneden. De Europese gasprijzen zijn verdubbeld. Het Internationaal Energieagentschap spreekt van de grootste leveringsonderbreking ooit op de mondiale oliemarkt.

De les is elke keer dezelfde. Na de Arabische olieboycot van 1973. Na de Russische invasie van Oekraïne in 2022. En nu weer. Wie afhankelijk is van geïmporteerde brandstof, is kwetsbaar. En elke keer belooft de politiek dat het anders wordt. En elke keer kiest ze voor de volgende afhankelijkheid. Dat is precies wat Nederland nu dreigt te gaan doen met kernenergie.

De belofte
Het kabinet houdt vast aan 14 miljard euro uit het Klimaatfonds voor nieuwe kerncentrales. Het argument is bekend: kernenergie zou betrouwbaar zijn en vergroot onze strategische autonomie. Er wordt dan vaak gewezen naar Frankrijk, dat na de crisis van 1973 – toen zonne- en windenergie nog minder ver in hun ontwikkeling waren – kerncentrales ging bouwen. Dat argument is echter onvoldoende in het huidige geopolitieke klimaat.

Bij kernenergie verschuift de afhankelijkheid in plaats van dat ze verdwijnt
Kernenergie verruilt de ene importafhankelijkheid voor de andere. Rosatom, het Russische staatsbedrijf, controleert nog steeds zo’n veertig procent van de mondiale uraniumverrijking. Bijna de helft van het natuurlijk uranium dat de EU importeert komt uit Rusland en Kazachstan. De nucleaire brandstofketen is daarmee geconcentreerd in precies die regio’s die geopolitiek het meest instabiel zijn. Wie dit strategische autonomie noemt, kijkt niet naar de kaart.

Daarnaast is er geen Westerse verrijkingscapaciteit die dat op korte termijn kan opvangen: de Verenigde Staten produceren momenteel minder dan één procent van het mondiale totaal en hebben 2,7 miljard dollar uitgetrokken om die weer op te bouwen – maar dat is een proces van jaren. Intussen zijn de uraniumspotprijzen begin dit jaar door de honderd dollar per pond geschoten, de hoogste stand in twee jaar. Deze afhankelijkheidsproblemen zijn door onze overheid breed erkend, maar ondertussen neemt geen enkel Europees land stappen om zich uit dit probleem te werken. Daardoor moeten we veronderstellen dat deze afhankelijkheid van Rusland permanent verankerd blijft.

Wat wél werkt – en het bewijs ligt op tafel
Met kernenergie blijft afhankelijkheid dus bestaan. Een Clingendael-rapport weet daarom slechts te concluderen dat je de risico’s “diversificeert”. Er zitten echter twee grote zwakke plekken in deze analyse. Het eerste probleem is dat kerncentrales niet morgen klaar zijn. Het kabinet heeft de oorspronkelijke ambitie van 2035 losgelaten; eind jaren dertig is op zijn vroegst haalbaar. Geen private investeerder wil instappen. De staat draagt het volledige risico. Daarmee zijn we nog minstens vijftien jaar kwetsbaar. Het tweede probleem is dat kernenergie met name een stabiele ‘baseload’ kan leveren, maar niet snel kan opschalen als een andere energiebron wegvalt. Daarmee koop je dus geen rust bij een crisis.

Terwijl 14 miljard minstens vijftien jaar lang op de plank ligt, schreeuwt de realiteit dus om snelle investeringen. TenneT waarschuwde in februari dat het hoogspanningsnet in drie provincies zijn absolute grens bereikt; meer dan honderdduizend geplande woningen lopen risico op een aansluitstop. Bedrijven die willen elektrificeren staan al jaren in de wachtrij. Veertien miljard komt overeen met TenneT’s volledige tienjarenplan voor het landelijke hoogspanningsnet – en elke euro in netuitbouw betaalt zich volgens een Ecorys-berekening binnen twee jaar terug.

Voor de noodzaak van snelle oplossingen levert de Irancrisis zelf het scherpste bewijs. Onderzoekers van Bruegel laten zien dat landen die gasgestookte stroomopwekking hebben vervangen door zon en wind, nu structureel minder last hebben van de prijsschok. In Spanje, waar hernieuwbare energie het aandeel van gas in de stroomprijs heeft teruggedrongen tot vijftien procent, ligt de verwachte elektriciteitsprijs voor de rest van 2026 op de helft van die in Italië. Dezelfde crisis, de helft van de schade – omdat Spanje wél heeft durven kiezen voor snelle, schaalbare oplossingen.

Dezelfde les, dezelfde keuze
Nu zet het kabinet ook goede stappen. De terugkeer van subsidie voor offshore wind is verstandig. De Warmtewet versterkt publieke regie op een vastgelopen dossier. Het waterstofnetwerk nadert ingebruikname. Maar dit beleid blijft fragmentarisch zolang voor opwek de overheid haar gokt op de traagste oplossing.

Elke energiecrisis leert ons bovendien dezelfde les: afhankelijkheid van geïmporteerde brandstof is de bron van onze kwetsbaarheid. Fossiel of nucleair – het mechanisme is hetzelfde. Wie het meent met energiezekerheid, met betaalbare stroom, met een industrie die in Nederland kan blijven, kiest voor netverzwaring, wind, opslag, warmte en waterstof. Bewezen, schaalbaar, en nu inzetbaar.

Veertien miljard. Het bedrag is nu inzetbaar. Terwijl de wereld in brand staat, stoppen wij het voor minstens vijftien jaar in luchtkastelen.

Delen:

Reacties (0)

Joop

Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.

BNNVARA wij zijn voor