
Deze week beginnen onder leiding van formateur Letschert opnieuw de formatiebesprekingen. Op tafel ligt opnieuw een bekend scenario: een minderheidskabinet van de VVD, het CDA en D66. Geen ideale combinatie, wel een bestuurlijk denkbare uitweg uit de impasse. Maar wie eerlijk kijkt, ziet dat juist de VVD dit scenario de afgelopen maanden zelf vrijwel onuitvoerbaar heeft gemaakt.
Niet door de inhoud, maar door de houding.
Door GroenLinks-PvdA consequent weg te zetten als links-radicaal heeft de VVD niet alleen een verkiezingsframe herhaald, maar ook bestuurlijke bruggen opgeblazen. Dat is opmerkelijk, want een minderheidskabinet kan alleen functioneren met structurele steun van buiten. In de Tweede Kamer, maar vooral in de Eerste Kamer. Zonder steun van links is daar simpelweg geen stabiele meerderheid te organiseren.
Dat is geen ideologische wens, maar politieke realiteit.
Toch koos de VVD voor confrontatie in plaats van voorbereiding. Voor stoer gelijk halen in plaats van relatiebeheer. Achter de schermen werd nauwelijks geïnvesteerd in het opbouwen van werkbare verhoudingen met partijen die onmisbaar zijn voor wetgeving en begrotingen. Daarmee werd een minderheidskabinet al beschadigd voordat het serieus vorm kon krijgen.
Die opstelling schuurt ook binnen de VVD zelf. Veel VVD’ers voelen zich ongemakkelijk bij de harde lijn van Dilan Yesilgöz. Niet omdat zij blind zijn voor politieke verschillen, maar omdat zij dagelijks ervaren dat de verhoudingen in gemeenten, provincies en ook in Den Haag vaak professioneel en werkbaar zijn. Daar wordt samengewerkt met links zonder elkaar te demoniseren. Daar wordt bestuurd in plaats van campagne gevoerd.
Voor D66 maakt dit de positie extra precair. D66 weet dat zij in een minderheidskabinet afhankelijk is van wisselende meerderheden. Soms van rechts, maar net zo vaak van links. Leunen op JA21 alleen is op cruciale dossiers onvoldoende. Klimaat, rechtsstaat, Europa en onderwijs vragen brede steun.
Wie die werkelijkheid negeert en tegelijkertijd links delegitimeert, ondergraaft zijn eigen bestuurlijke ambities.
Nu de formatie deze week opnieuw begint, is het moment daar voor een koerscorrectie. Het is tijd dat Dilan Yesilgöz investeert in de verhouding met links, in plaats van vooral te willen bewijzen dat zij gelijk heeft. Besturen in een versplinterd parlement vraagt volwassenheid, geen spierballentaal.
Zonder die omslag blijft een minderheidskabinet een theoretisch model. En verandert politieke patstelling in zelfgekozen stilstand.
Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.