
Bestaat de Haagse VVD inmiddels alleen nog maar uit lafaards en leugenaars? Vooropgesteld: de VVD is nooit mijn club geweest. Maar in de tijd van keurige liberalen als Jozias van Aartsen, Hans Dijkstal en Frits Korthals Altes was het wel over het algemeen een op fatsoenlijke wijze opererende partij waarvoor ik bij alle inhoudelijke meningsverschillen best respect kon opbrengen.
Dat is nu voorbij, als ik zie hoe de VVD opereert op het vlak van de rechtstaat - hoe zij in feite bereid is die uit electorale motieven op te offeren om de materiële belangen van haar eigen welvarende achterban veilig te stellen en bij alle bezuinigingen een rijke bovenlaag uit de wind te houden. Zie de manier waarop de VVD probeerde de 'vrijheidsbijdrage' voor de vanwege de Russische agressie noodzakelijke verhoging van de Defensie-uitgaven uitsluitend op de lagerbetaalden af te wentelen. Handen af van de miljonairsvillasubsie! Geen hogere belasting op vermogende renteniers, maar op de arbeid van hardwerkende Nederlanders, bijvoorbeeld door nog verder inkorten van de WW.
Poetin is daar dankbaar voor. Het voedt het valse frame van de neofascisten - zowel van de AfD in Duitsland als van PVV en FvD in Nederland - dat we moeten kiezen tussen sociale zekerheid en internationale veiligheid, tussen 'onze' armere burgers hier en die 'koppige' Oekraïners ver weg, dat de steun aan Kyiv ten koste gaat van betaalbare zorg, boodschappen en huisvesting.
Dat rechts-extremistische partijen inmiddels in veel Europese landen een derde van de stemmen halen - ook in Nederland - hangt daarmee samen. Door de neoliberale afbraak van de verzorgingsstaat zijn veel zekerheden weggevallen. De schuld daarvoor wordt ook door de VVD niet aan de eigen afbraakmaatregelen geweten, maar min of meer bedekt bij migranten en andere minderheden gelegd
In combinatie met het stelselmatig uit electoraal oogpunt bagatelliseren van de antirechtsstatelijkheid van extreemrechtse partijen, zodat ook het op 'remigratie' inzettende JA21 als een redelijk alternatief voor PRO wordt gepresenteerd, is juist dat gedrag stuitend. Dat inmiddels serieuze kranten - terecht - in hoofdcommentaren de VVD met naam en toenaam als een hoofdschuldige bij de verwording van de rechtstaat noemen, is in dat opzicht, gezien de gebruikelijke terughoudendheid in zulke commentaren op partijpolitiek vlak, veelzeggend.
Een fraai staaltje verwording zagen we afgelopen week met David van Weel. Die zou met afstand als de meest ondermaatse minister van Justitie ooit kunnen gelden, als hij in dat opzicht niet geduchte concurrentie zou ondervinden van zijn directe voorganger Dilan Yesilgöz (en de Van Weel tijdelijk tussendoor vervangende Foort van Oosten). Van de kwalificatie die ik boven aan de huidige Haagse VVD gaf zijn op hem in feite beide ingrediënten van toepassing.
Over het leugenaarsaspect, dat de Rekenkamer tot een zeldzame interventie dwong, is de Kamer vorige week terecht gevallen, ook al heeft dat tot nu toe nog niet tot de val van de minister zelf geleid. Maar de lafheid is nog veel ernstiger: het doelbewust wegkijken bij de normalisering van fascistoïde gedachtegoed door PVV, FvD, JA21 en BBB omdat de VVD in de Kamer en bij de stembus naar hun stemmen hengelt om maar niet met PRO in zee te hoeven gaan.
Ook al is de AIVD in haar rapporten over het rellende tuig op het Malieveld en degenen die de daar gebruikte terminologie normaliseren zeldzaam duidelijk, Van Weel duikt weg - hij wil geen parlementariërs 'recenseren', heet het dan - of verwijst meteen naar Extinction Rebellion dat niet gemaskerd met stenen naar de politie gooit, maar met open vizier en ongemaskerd af en toe een snelweg blokkeert. Voortdurend wordt hier voor zichzelf een fatsoenlijke middenpositie gesuggereerd, die in werkelijkheid niet bestaat. Het is de electorale angst die de VVD steeds verder naar uiterst rechts drijft, en daarmee het bijbehorende taalgebruik en denkpatroon legitimeert en normaliseert.
Van Weel staat daarbij niet alleen. Collega Eelco Heinen was er bij de vorige Malieveldrellen, toen het D66-kantoor kort en klein werd geslagen, als de kippen bij om in opperste lafheid te verklaren dat we het geweld vooral niet politiek moesten maken. En voor Van Weel zelf is het niet de enige uitglijder, die zijn morele ongeschiktheid als verdediger van vrijheid en democratie illustreert. Eerder toonde hij begrip voor een notoire rechts-extremist die eigenhandig bij Ter Apel grenscontroles poogde in te voeren (tot hij op de Duitse politie stuitte die daar, anders dan de Nederlandse minister van Justitie, resoluut een einde aan maakte).
Maar ook in het chapiter leugenachtigheid staat Van Weel niet alleen. Vaak is al gewezen op Yesilgöz en haar hardnekkig volgehouden nareizigersleugen. Maar daarnaast hadden we Mariëlle Paul, kortstondig minister van Sociale Zaken. U herinnert zich vast haar grote verontwaardiging toen iemand durfde te suggereren dat het niet puur toeval was dat ze één dag na de verkiezingen na raadpleging van de uitzendbranche een streep had gezet door het plan van haar voorganger om arbeidsmigranten beter tegen uitbuiting te beschermen. Dat ze dat uit electorale overwegingen zou hebben uitgesteld, heette 'een heel smerige gedachte'.
Intussen weten we: die smerige gedachte was juist. Er lag al weken een plan in die zin, dat Pauls wèl eerlijke ambtenaren op tijdige openbaarmaking hadden aangedrongen, maar zij had dat met smoesjes uitgesteld. U weet; de belangrijkste geldgever van de VVD zit in de uitzendbranche. Maar misschien is ook dat een heel smerige gedachte. Laat één ding duidelijk zijn: iemand die zo fors bijdraagt aan de afbraak van het vertrouwen van burgers in de overheid en de politiek wensen wij nooit, maar dan ook nooit meer op enige publieke functie te zien.